skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

In 2006 is de NDN redactie naar Londen gegaan om drie sprekers te ontmoeten. Dr. Fedon Lindberg, Patrick Holford (psycholoog, voedingskundige en hoofd van het Biobrain centrum in Londen) en Professor David Smith van de Oxford Universiteit die onderzoek doet naar Alzheimer (o.a. homocysteine, methylering, etc).

Op dit congres in 2006 in Londen gaf dr Fedon Lindberg (internist gespecialiseerd in metabool syndroom) aan dat de diabetes epidemie te stoppen is met de juiste voedingsadviezen en supplementen. Dit wordt door Patrick Holford eveneens bevestigd. Zijn boek ‘Say no to diabetes’ is net uit (augustus 2011) en bevat interessante studies die opnieuw bevestigen wat internist Lindberg al aangaf in 2006.

Patrick Holford: “The conventional view has been that type-2 diabetes cannot be cured or reversed. However, there are many cases of people who have done just that. One such published case of an insulin injecting type-2 diabetic who is now insulin free and having normal blood sugar, treated by Dr Fedon Lindberg, was published in the Norwegian medical journal. Dr Fedon Lindberg is a physician, specialising in the nutritional treatment of diabetes’.

Dr. Fedon Lindberg schrijft als voorwoord in het boek van Holford: “For some the book ‘Say no to diabetes’ by Patrick Holford may seem eye opening, to others shocking, because it may turn upside down one’s perception of what is an appropriate diabetes diet. Holford’s recommendations are in line with the latest research and I have no doubt it will help you achieve better blood sugar control, reduce your risk of disease and live a long and healthy life!”

Succes in Noorwegen

Dr. Lindberg heeft grote successen behaald in zijn klinieken in Noorwegen door een combinatie van maatregelen.

Naar aanleiding van diverse onderzoeken (waaronder nuchtere bloedglucose en triglyceriden, HDL cholesterol, nuchtere C-peptide , insuline, orale glucose tolerantie test, HOMA-IR, HOMA-BCF, ochtend speeksel cortisol, IGF-1, SHBG, testosteron, homocysteine, foliumzuur, vitamine b 12, vitamine D, urinezuur, HBA1C) worden de volgende individuele programma’s voor mensen gemaakt:

  • Lage GL: rond de 40 GL per dag (10 GL’s voor ontbijt, 2 maal 5 voor tussendoor, 10 voor de lunch en 10 voor het diner), dus suikervrij met ook nog een beperking voor koolhydraten die de insulineproductie bevorderen zoals brood, pasta, rijst, geraffineerde granen, aardappelen, etc.
  • Voedselintoleranties die ontstekingen kunnen geven worden geëlimineerd.
  • Minimaal 400 gram groenten per dag en 2 stuks fruit per dag.
  • Omega 3 wordt extra geadviseerd in de vorm van vette vis en suppletie. Geen transvetzuren (margarine, gebak, snacks, etc). Klik hier door naar een achtergrondartikel over Gezonde vetten
  • Suppletie van o.a.; een multivitamine, multimineralen, vitamine C(500-1000mg per dag) en andere antioxidanten, chroom ( picolinaat of polynicotinate) (400-600 mcg per dag goed verdeeld over de dag), vitamine D (700-1000 IU D3).
  • Cinnamon (1 tot 1,5 gram per dag( na 20 dagen is er een 30% reductie van HBA1C, LDL cholesterol en triglyceriden)
  • Anti diabetes voedingsmiddelen worden extra ingezet zoals: bessen, appels, peren, boekweit, linzen, pruimen, hele haver, havervlokken en haverzemelen, gerst, ongeraffineerde koudgeperste oliën zoals lijnolie, walnootolie, olijfolie als saladedressings.
  • De voeding is rijk aan eiwitten om de hormonen te balanceren (zacht gekookte of gepocheerde eieren, vis, yoghurt, zaden, noten, peulvruchten).
  • Zout beperken en meer kalium in de vorm van groenten(sap).
  • Koffie en alcoholbeperking.
  • Speciale bewegingsprogramma’s, kooklessen, voldoende zonlicht, stoppen met roken, beter slapen (minimaal 7 tot 8 uur), meditatie of andere vormen van ontspanning om de cortisol te verlagen (stress reductie).

Gestoorde glucosetolerantie, insulineresistentie en hyper-insulinisme liggen ten grondslag van veel ziekten zoals overgewicht, hart- en vaatziekten, Alzheimer, reumatische aandoeningen, osteoartritis, depressie, kanker, MS, slaapstoornissen, PCO, verhoogde cholesterol, hoge bloeddruk, etc.

Resultaten bevestigd in 2008

De resultaten van een review uit 2008, uitgevoerd door Britse wetenschappers, ondersteunen het nut van verschillende soorten voedingssupplementen bij suikerziekte. De medische databanken ‘Medline’ en ‘Embase’ werden bekeken op publicaties van studies waar het effect van verschillende soorten voedingssuppletie op suikerziekte was onderzocht.

Alleen gerandomiseerde, gecontroleerde en dubbelblinde studies werden geselecteerd. Dit leverde totaal 50 studies op. Van verschillende soorten voedingsstoffen werden positieve effecten gevonden op factoren die verband houden met insulineresistentie en de gezondheid van hart en bloedvaten. Het betrof alfa-liponzuur, chroom, foliumzuur, isoflavonen, magnesium, pycnogenol, selenium, vitamine C, vitamine E, en zink.

Chroom bleek het meest bestudeerde supplement. Het was onderwerp van 16 studies. In het merendeel van deze studies liet deze voedingsstof een gunstig effect zien, op de nuchtere bloedglucosespiegel. De positieve effecten van isoflavonen bleken alleen geldig in combinatie met soja-eiwitten. Van vitamine E werd gevonden dat het, in een suppletiedosis van 200 mg per dag of meer, oxidatieve stress vermindert.

Patrick Holford: voedingssuppletie gunstig bij diabetes

Voedingsdeskundige Holford behandelt in zijn boek ‘Say no to diabetes’ diverse voedingsinterventies, een suppletieprogramma (o.a. alfaliponzuur, co enzym Q 10, chroom, magnesium, omega 3 vetzuren, glutathion) en een bewegingsprogramma. In zijn boek bespreekt hij o.a. voedingsadviezen met een lage glycemische loading (zie ook meer in zijn boek over het ‘Low GL diet’ hieronder) en de nadelen van melk (geeft een hoge insulinepiek en verhoogt de IGF-1). Maar ook de voordelen van bepaalde vezeltypen (bètaglucanen), levervriendelijke voeding, voeding(suppletie) voor het verbeteren van de methylering en het omkeerbaar maken van de insulineresistentie. Zijn doel is ‘the Metabolic internal global warming’ zoals hij dat beschrijft te stoppen. Dit doet hij met voeding die de HbA1 c verlaagt, de methyleringverbetert (verlaging van de homocysteine), de ontstekingen remt en de disfunctionele lever herstelt. Hij onderbouwt dit alles met diverse wetenschappelijke studies. Hij komt tot dezelfde conclusie als de hierboven beschreven review uit 2008.

Naast zijn ‘low GL diet’ worden in het boek diverse voedingstoffen besproken die zijn in te zetten bij wat hij noemt ‘your own anti-diabetes action plan’. Een totaal anti-diabetes plan waarin naast specifieke voedingsadviezen, ook beweging, goed slapen en meditatie aan de orde komen.

We beginnen met het bespreken van vijf mineralen die belangrijk zijn bij diabetes.

1) Chroom

Chroom (zie ook pdf in blauwe vak onderaan dit artikel) is noodzakelijk voor een goed verloop van de stofwisseling van vetten en koolhydraten. Studies tonen aan dat chroom een positief effect heeft op de activiteit van insulinereceptoren. De mineralen mangaan, zink, selenium ondersteunen eveneens het glucose- en insulinemetabolisme.

Chroom heeft een bijzonder effect op de werking van insuline. Chroom activeert het zogenaamde insulinereceptor-tyrosinekinasesysteem, aan de celmembranen, waardoor er minder insuline nodig is om glucose in de cel te transporteren. Chroom werkt samen met insuline om het evenwicht tussen een laag en hoog bloedsuikerniveau te handhaven. Vooral diabetes mellitus type 2 is een aandoening waar het merendeel van de patiënten insulineresistent is. Insulineresistentie wordt in verband gebracht met diverse stoornissen, zoals hypertensie en dyslipidemie. In studies is aangetoond, dat een chroom tekort kan leiden tot glucose-intolerantie, aanhoudend verhoogde nuchtere insulinewaarden, verhoogd serum cholesterol en triglyceriden en sclerotische plaques in de aorta.

2) Mangaan

Voor een adequate synthese van insuline moeten de cellen van de pancreas over voldoende schildklierhormoon kunnen beschikken. Mangaan is belangrijk voor de aanmaak van het schildklierhormoon. De pancreas bevat relatief hoge concentraties mangaan. Bij een mangaandeficiëntie wordt een verslechtering van de glucosetolerantie en granulatie van de bètacellen waargenomen.

3) Zink

Zink is een onderdeel van de insulinemolecule en is noodzakelijk voor de synthese en opslag van dit hormoon. Zink beschermt de cellen tegen beschadiging door vrije radicalen en auto-immune processen.
Bij hyperglycemie kunnen bepaalde eiwitten in het bloed op de celmembranen overmatig geglycosyleerd worden, waardoor zogenaamde advanced glycosylated end products (AGE’s) ontstaan. Door dit proces kan de vrije-radicaaldruk aanzienlijk stijgen. Selenium draagt bij aan het neutraliseren hiervan.

Uit een studie van Harvard bleek een verhoogde inname van zink de kans op diabetes-type-2 te verlagen tot wel 28%. Vier en twintig jaar lang werden 82.297 vrouwen tussen de 33 en 60 jaar oud gevolgd. Hiervan ontwikkelden 6030 vrouwen diabetes-type-2.

Bij de groep vrouwen met gemiddeld de hoogste inname van zink, was het risico op het krijgen van diabetes-type-2 met 10% verlaagd. Bij de groep vrouwen die totaal de hoogste zink inname had (voeding en supplementen), was het risico met 8% verlaagd. Zink speelt een belangrijke rol bij de insulinestofwisseling. Zink reguleert namelijk de synthese en afgifte van insuline door bètacellen in de pancreas, de binding van insuline aan lever- en vetcellen, evenals de werking van insuline op celniveau.

4) Selenium

Selenium vervult tevens een centrale rol in het metabolisme van de schildklierhormonen. Aanwezigheid van voldoende schildklierhormoon in de cellen van de pancreas en andere organen is essentieel voor een adequate synthese van insuline en de insuline-receptoren.

5) Magnesium

Diverse onderzoeken laten zien dat een groot deel van de populatie niet de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) voor magnesium binnenkrijgt. Mannen zouden dagelijks 320 mg en vrouwen dagelijks 420 mg binnen moeten krijgen.

De onderzoekers Larsson en Wok van het Karolinska Instituut in Stockholm hebben zeven studies onder de loep genomen die de relatie laten zien tussen de magnesiuminname en de kans om type-2-diabetes te ontwikkelen. Via een meta-analyse met ruim 286.000 deelnemers verkregen de onderzoekers hun inzicht. Zes studies tonen een statistisch significante inverse relatie aan tussen de magnesiuminname en de kans op diabetes type-2.

De conclusie luidde dat met elke 100 mg toename van de dagelijkse magnesiuminname de kans op diabetes type 2 met 15% afnam. Magnesium lijkt dus een belangrijke rol te spelen in het verkrijgen van een optimale insulinegevoeligheid.

Magnesium verbetert insulinegevoeligheid

Magnesium zorgt ervoor dat de cellen weer gevoeliger worden voor insuline en de glucose zodoende beter opneembaar is in de cellen. Er werd een studie uitgevoerd bij 52 proefpersonen met een normale magnesiumstatus, overgewicht en insulineresistentie. Ze werden willekeurig verdeeld in een suppletie- en placebogroep.

De personen in de suppletiegroep kregen gedurende 6 maanden dagelijks 356 mg magnesium. De anderen kregen een placebo. In vergelijking met het gebruik van een placebo leidde magnesiumsuppletie tot een duidelijke verbetering van de nuchtere bloedsuiker en de insulinegevoeligheid.

Magnesium beïnvloedt diabetesregulatie

De magnesiumstatus is dus van belang voor de regulatie van de bloedglucose bij diabeten. Tevens blijkt dat de magnesiumstatus afhankelijk is van de nierfunctie. Een studie werd uitgevoerd bij 51 diabetespatiënten met een gemiddelde leeftijd van 54 jaar. De inname van magnesium werd geschat aan de hand van het eetpatroon van drie dagen.

Bij de onderzochte groep kreeg 82% te weinig magnesium binnen via de voeding. Ook had 77% van de patiënten een magnesiumconcentratie die lager was dan de minimumwaarde van 3,00 mmol/L voor de urine, 0,75 mmol/L voor het bloedplasma en 1,65 mmol/L voor de erytrocyten. De suikerpatiënten waren slecht ingesteld.

De nuchtere glucosewaarde werd beïnvloed door de magnesiumconcentratie in zowel het bloed, de urine als de erytrocyten en de magnesiumconcentratie in het bloed was op zijn beurt afhankelijk van de nierfunctie. Een slechte nierfunctie kan leiden tot een verhoogde uitscheiding van magnesium in de urine. In combinatie met een inadequate inname van dit mineraal kan dit bij diabeten leiden tot een te hoge bloedglucose.

Magnesium en het effect op ontstekingsreacties

Waarschijnlijk heeft het positieve effect van magnesium op diabetes, ook te maken met de gunstige werking van dit mineraal op ontstekingsreacties. Dit concludeerden onderzoekers van de University of North Carolina na een twintig jaar durend longitudinaal onderzoek onder 4500 proefpersonen. Aan het begin van het onderzoek waren de proefpersonen tussen de 18 en 30 jaar oud en leed geen van hen aan suikerziekte.

Gedurende de onderzoeksperiode deden zich 330 gevallen van diabetes voor. Diegene met de hoogste magnesiuminname hadden het laagste risico van diabetes. De 20% van de proefpersonen die dagelijks het meeste magnesium binnen kregen hadden 47% minder kans diabetes te ontwikkelen, in vergelijking met de groep met de laagste magnesiuminname. Een hogere inname van magnesium gaf een significant lagere concentratie van ontstekingsmarkers in het bloed en een betere insulinegevoeligheid.

Magnesium tegen depressie bij diabetespatiënten

Aanvulling met magnesium (en chroom) helpt tegen depressie bij diabetes patiënten en een lage magnesiumstatus. Het geeft vergelijkbare vermindering van de depressiviteitsymptomen als bij het inzetten van het klassieke antidepressivum imipramine.

Het onderzoek werd uitgevoerd met deelname van 23 ouderen met suikerziekte en een magnesiumspiegel lager dan 1,8 mg/dl. Daarnaast was bij allen depressiviteit vastgesteld, aan de hand van een speciaal daartoe ontworpen test. In willekeurige groepen verdeeld kregen ze gedurende 12 weken dagelijks ofwel 450 mg magnesium ofwel 50 mg imipramine. Aan het einde van de onderzoeksperiode bleek de mate van depressiviteit in beide groepen vergelijkbaar te zijn gedaald.

Voedingsbronnen van de 5 mineralen

1. ChroomMinimaal per dag voor mannen en vrouwen: 0,05 – 0,02 mg
Voedingsbron: schaal -en schelpdieren, graanolie, biergist, volkoren graanproducten.
2. MangaanMinimaal per dag voor mannen en vrouwen: 11 mg
Voedingsbron: forel, groene bladgroenten, erwten, bieten, peulvruchten, eidooier, volkoren producten, zilvervliesrijst, ongezwavelde tutti-frutti, ananas, amandelen, kastanjes, hazelnoten, pinda’s, walnoten en zonnebloempitten.
3. SeleniumMinimaal per dag voor mannen en vrouwen: 50 – 150 mg
Voedingsbron: lever, mosselen, kreeft, garnalen, zemelen, knoflook, kelp, uien, broccoli, tarwekiemen, paranoten, champignons en tomaten.
4. ZinkMinimaal per dag voor mannen: 10 mg
Minimaal per dag voor vrouwen: 9 mg
Voedingsbron: tarwekiemen, biergist, eieren, vlees, oesters, gekiemde zaden, sojakiemen, alfalfa, taugé, zonnebloem en pompoenpitten.
5. MagnesiumMinimaal per dag voor mannen: 300 – 350 mg
Minimaal per dag voor vrouwen: 250 – 300 mg
Voedingsbron: heilbot, krab, makreel, slakken, bieslook, spinazie, boerenkool, peulvruchten, vijgen, amandelen, cashewnoten, kelp, citroenen, grapefruit, noten, zaden, donkere groenten, appels, avocado’s, kokos, volkoren producten.

Co-enzym Q 10, Alfaliponzuur en vitamine D

Diabetes is een groeiend gezondheidsprobleem. Geschat wordt dat 8 tot 49% van de patiënten met diabetes voedingssupplementen gebruikt. Het blijkt dat diverse supplementen effectief zijn bij de preventie en behandeling van diabetes. Patrick Holford geeft in zijn nieuwe boek ‘Say no to diabetes’ aan dat een dieet met lage glycemische loading gecombineerd met een uitgekiend suppletiepakket, n.a.v. nutriënten onderzoek goede resultaten geeft. Hierboven zijn vijf mineralen besproken. Hieronder komen drie stoffen aan bod, die Holford in zijn boek eveneens aanbeveelt bij de behandeling van diabetes namelijk; Co-enzym Q 10, Alfaliponzuur en vitamine D.

Review laat effectiviteit zien van bepaalde suppletie

In een recente review werd de effectiviteit van supplementen bij de preventie en behandeling van diabetes onderzocht. Er werd hiertoe gezocht in 12 databases naar studies die in de afgelopen 3 jaar werden gepubliceerd. Supplementen als vitamine C en E, alfaliponzuur, melatonine, rode gist, emodine uit Aloë Vera en rabarber, Astragalus en kaneel, worden gezien als effectief bij de preventie en behandeling van diabetes. Bètacaroteen bleek niet effectief. De onderzoekers waarschuwen voor mogelijke interacties tussen supplementen en medicijnen.

Co-enzym Q10

Co-enzym Q10 wordt in iedere lichaamscel aangetroffen. De vet oplosbare stof wordt ook wel ubichinon genoemd, wat vrij vertaald zoiets betekent als ‘overal aanwezig’. Zonder co-enzym Q10 is energievorming in de cel niet mogelijk en sterft de cel. Primair fungeert co-enzym Q10 als co-factor in de oxidatieve fosforylering (celademhaling) in de mitochondriën (de cellulaire ‘energiecentrales’). Daarnaast is co-enzym Q10 een krachtige antioxidant en radicaalvanger, zorgt het mede voor het soepel houden van cellulaire membranen en voorkomt het lipidenperoxidatie in deze membranen. Co-enzym Q10 (2,3-dimethoxy-5-methyl- 6-decaprenyl-1,4-benzoquinon/C59H90O4) is van groot belang voor de vitaliteit van weefsels en organen. Co enzym 10 is een interessante stof om in te zetten bij insulineresistentie, metabool syndroom en diabetes, aldus Patrick Holford.

Metabool syndroom en diabetes

Suppletie met co-enzym Q10 heeft een positief effect op diverse aspecten van het Metabool syndroom (insulineresistentie syndroom) en diabetes type 2. Het helpt bij het normaliseren van een verhoogde bloeddruk, verbetert de bloedsuikerregulatie, ondersteunt de insulinewerking, verbetert afwijkende spiegels van bloedvetten en vermindert oxidatieve stress. Vermoedelijk draagt degeneratie van mitochondriën in de insulineproducerende bètacellen bij aan het ontstaan van diabetes type 2. Co-enzym Q10 ondersteunt de bètacelfunctie en de insulineproductie door het verbeteren van de conditie van de mitochondriën. Daarnaast helpt co-enzym Q10 bij de preventie van diabetescomplicaties.

Alfaliponzuur

De afgelopen jaren is veel onderzoek gedaan naar de effecten van liponzuur op diabetes mellitus en de complicaties daarvan, zowel in vitro als in vivo. De perifere zenuwfunctie bij diabetische neuropathieën, veroorzaakt door ischemie en hypoxie, kan door toediening van liponzuur verbeteren. Ook oxidatieve stress, die bij diabetespatiënten vaak verhoogd is, kan door alfaliponzuur verlaagd worden; volgens sommige onderzoekers kan alfaliponzuur een significante bescherming bieden tegen beschadiging van de bloedvaten en de ooglens (diabetisch cataract).

Hyperglycemie (verhoogde bloedsuiker) kan bij diabetes de oxidatieve stress en de vorming van zogenaamde advanced glycosylation end products (AGE’s) stimuleren. Alfaliponzuur zou de vorming van AGE’s en de schadelijke effecten daarvan kunnen reduceren. De afgelopen jaren zijn vooral in Duitsland belangrijke klinische trials met alfaliponzuur uitgevoerd bij patiënten met diabetisch polyneuropathie. Uit deze studies kon geconcludeerd worden, dat alfaliponzuur een gunstig effect heeft op deze aandoening. Alfaliponzuur heeft een hoog veiligheidsprofiel. Studies tonen aan dat de r+ vorm mogelijk een hoger biologisch rendement heeft en waarschijnlijk lager gedoseerd kan worden.

Glucose-transporters

Uit studies blijkt dat alfaliponzuur de translocatie van onder meer de glucose-transporters (GLUT) 1 en 4 van interne celmembranen naar het plasmamembraan stimuleert en de tyrosine-fosforylering van delen van de insulinereceptor verhoogt. Tevens activeert alfaliponzuur de phosphatidylinositol (PI) 3-kinase en de serine/threonine kinase. Door deze mechanismen kan alfaliponzuur een gunstige invloed hebben op insulineresistentie. Alfaliponzuur is eveneens een interessante stof om in te zetten bij insulineresistentie, metabool syndroom en diabetes, aldus Patrick Holford.

Alfaliponzuur beschermt bloedlipiden tegen oxidatie en remt de productie van het pro-inflammatoire C-reactive protein (CRP), dat o.a. bij aderverkalking en diabetes een direct schadelijke rol speelt. Alfaliponzuur is een krachtige antioxidant, die zowel vet- als wateroplosbaar is en overal in het lichaam werkzaam is, ook in de hersenen. Het lichaam maakt zelf kleine hoeveelheden alfaliponzuur, maar de productie ervan neemt af bij het ouder worden.

Alfaliponzuur en acetyl-L-carnitine samen sterker

Mitochondriale disfunctie speelt een grote rol bij insulineresistentie en type-2-diabetes. In een studie werd onderzoek gedaan naar de mitochondriale disfunctie. Gekeken is of deze kon worden verbeterd door inname van losse suppletie alfaliponzuur of acetyl-L-carnitine ten opzichte van een gecombineerde suppletie. Behandeling met alfaliponzuur samen met acetyl-L-carnitine liet een duidelijke toename zien in mitochondriale massa, mitochondriale complexiteit, expressie van mitochondriaal DNA, zuurstof-consumptie en vetzuuroxidatie.

Een niet gecombineerde behandeling van deze stoffen gaf geen duidelijke verbetering. Deze combinatie kan hiermee interessant zijn bij de behandeling van mensen met aandoeningen waarbij mitochondriale disfunctie een rol speelt. Volgens de onderzoekers kunnen alfaliponzuur en acetyl-L-carnitine samen de mitochondriale synthese en het metabolisme van adipocyten verbeteren.

Diabetische neuropathie en alfaliponzuur

Bij diabetische neuropathie kan suppletie met alfaliponzuur gunstig werken. Dat blijkt uit een multicenter studie. Het onderzoek betrof in totaal 100 suikerziektepatiënten (diabetes type-1 en -2) met symptomen van polyneuropathie. Deze symptomen duurden variërend van 1 tot 14 jaar, met een gemiddelde van 3 jaar.

Aan alle deelnemers werd gedurende 3 weken dagelijks 600 mg R,S-alfaliponzuur intraveneus toegediend. Dit werd 3 maanden lang vervolgd met een dagelijkse orale suppletie van 300 tot 600 mg R,S-alfaliponzuur. Aan het einde van de suppletieperiode bleken de symptomen van polyneuropathie bij op één na alle deelnemers significant te zijn verminderd. De bevindingen ondersteunen de resultaten van eerder onderzoek waarbij alfaliponzuur in de behandeling van diabetische neuropathie eveneens effectief bleek.

Vitamine D-status

Een lage vitamine D-status staat in relatie met hogere nuchtere bloedspiegels voor glucose en insuline en een hogere insulineresistentie. Dat blijkt uit studie aan de Tufts University in Boston in 2009. De onderzoekers bepaalden bij 808 personen zonder suikerziekte de bloedwaarden voor 25-hydroxyvitamine D [25(OH)D], als marker voor de vitamine D-status. Daarnaast werden, zowel nuchter als 2 uur na een orale glucose tolerantietest, de glucose- en insulinespiegels gemeten.

Aan de hand hiervan werd de HOMA-index voor insulineresistentie berekend. Het bleek dat naarmate de bloedwaarde voor 25(OH)D lager was, de nuchtere glucose- en insulinespiegels en de HOMA-index voor insulineresistentie hoger waren. Dit was na aanpassing van de gegevens voor leeftijd, geslacht, BMI, buikomtrek en rookgedrag. De 30% deelnemers met de laagste vitamine D-status hadden, vergeleken met de 30% met de hoogste vitamine D-bloedwaarden, een 1,6% hogere nuchtere glucosespiegel, een 9,8% hogere nuchtere insulinespiegel en een 12,7% verhoogde HOMA-index voor insulineresistentie. Conclusie van de onderzoekers; een lage vitamine D-status is mogelijk een bepalende factor voor de ontwikkeling van suikerziekte.

Vitamine D speelt een rol bij het ontstaan van diabetes type-2

Uit een recente review werden voor de analyse de gegevens van 8 cohortstudies en 11 gerandomiseerde klinische studies gebruikt. Uit een meta-analyse van de cohort studies bleek dat mensen met een vitamine D inname groter dan 500 IE per dag, 13% minder kans hadden op diabetes type-2 dan mensen met een dagelijkse inname lager dan 200 IE vitamine D.

Mensen met de hoogste vitamine D-concentratie (>62,5 nmol/l) hadden 43% minder kans op diabetes in vergelijking met een minimale vitamine D-status (<35 nmol/l). Uit een subanalyse van 8 klinische studies bij mensen met een normale glucosetolerantie werd geen effect van vitamine D gezien. Ook bij 3 studies met een gering aantal personen met de aandoening bleek vitamine D niet van invloed op het risico van diabetes. Uit een analyse van 2 studies waarbij de proefpersonen al een glucose-intolerantie hadden, leidde toediening van vitamine D tot een vermindering van de insulineresistentie. Ook Patrick Holford bespreekt in zijn boek ‘say no to diabetes’ de positieve effecten van vitamine D suppletie bij diabetes.

Bètaglucanen

Medicinale paddestoelen zoals oesterzwam (Pleurotus ostreatus/pulmonarius), shiitake (Lentinus edodes), maitake (Grifola frondosa), Coriolus versicolor, amandelpaddestoel (Agaricus blazei) en reishi (Ganoderma lucidum) hebben krachtige gezondheidsbevorderende effecten. De gezondheidseffecten worden toegeschreven aan een complex van bioactieve bestanddelen, waaronder bèta-(1,3/1,6)-D-glucanen, niet-oplosbare voedingsvezels (polysacchariden) uit de celwanden van paddestoelen.

Immunomodulatoren stimuleren een te zwak werkend afweersysteem en remmen een te sterk werkend afweersysteem. Het meeste onderzoek met gezuiverde bèta-(1,3/1,6)glucanen heeft plaatsgevonden in relatie tot kanker en infecties.

Bètaglucanen uit granen (vooral haver), die een lineaire structuur hebben met bèta-1,3 en bèta-1,4-verbindingen (zonder 1,6-zijtakken), missen een krachtige immunomodulerende activiteit. Ze helpen wel bij het verlagen van de cholesterolspiegel en het normaliseren van de glucosespiegel. (Sadiq Butt M, Tahir-Nadeem M, Khan MK, Shabir R, Butt MS. Oat: unique among the cereals. Eur J Nutr. 2008 Mar;47(2):68-79. Epub 2008 Feb 26).

Mensen met een verzwakte (Th1-cel gemedieerde) cellulaire immuunrespons, zoals ouderen en personen met diabetes-type-2, kunnen eveneens profiteren van de immuunversterkende werking van bètaglucaan. (Volman JJ, Ramakers JD, Plat J. Dietary modulation of immune function by betaglucans. Physiol Behav. 2008;94(2):276-84).

Noten reguleren de HbA1c

In een recente Canadese studie (diabetes Care 34(8):1706-1711, aug.2011) is onderzoek gedaan bij patiënten met type 2 diabetes. In het onderzoek werden 117 patiënten op gerandomiseerde wijze ingedeeld in drie groepen. In een van de drie groepen werd 75 gram gegeten, van een notenmix bestaande uit: ongezouten amandelen, hazelnoten, walnoten en cashewnoten. In de notengroep bleek na drie maanden de HbA1 c waarde in het bloed statistisch significant te zijn gedaald. Daarnaast was er sprake van een vermindering van het schadelijke LDL cholesterol. Deze resultaten werden niet waargenomen in de andere twee groepen.

Natuurlijke pijnbestrijding?

De NDN redactie ontving van de stichting IOCOB, het volgende interessante laatste nieuws over pijnbestrijding bij o.a. diabetes. Wij citeren hun nieuwsbericht hierover.

Tijdens een internationaal medisch congres op 28 oktober 2011 werd door een aantal hoogleraren een doorbraak gepresenteerd in de behandeling van chronische pijn. Met de tot voor kort beschikbare pijnstillers zijn slechts weinig patiënten echt goed te helpen. Nu is daar verandering in gekomen met de introductie van de lichaamseigen pijnstillende en ontstekingsremmende stof palmitoylethanolamide.

Deze bijzondere stof heeft een totaal nieuw werkingsmechanisme, dat aansluit bij een lichaamseigen biologisch mechanisme. Dat mechanisme is verwant aan de werking van opiaten, maar kent niet de problemen daarvan. Opvallend is dat deze stof, in tegenstelling tot alle andere bekende pijnstillers, doordringt tot de kern van de cel, en daar een zogenaamde kernreceptor beïnvloedt. Terwijl de tot nu toe bekende pijnstillers altijd een lichaamsfunctie blokkeren, bevordert palmitoylethanolamide daarentegen het eigen natuurlijke herstelvermogen van het lichaam.

In een grote placebo gecontroleerde klinische studie met meer dan 600 patiënten met ernstige herniapijn, bleek deze stof beter te werken dan de beste pijnstillers op dat gebied. Niet alleen dat de pijn duidelijk verminderde, ook het functioneren en de kwaliteit van leven namen meetbaar toe. Ook verdroegen alle patiënten het middel goed, zonder problematische bijwerkingen.

Op dit congres werd bovendien duidelijk dat palmitoylethanolamide ook pijnstillend kan werken bij een groot aantal andere chronische pijnklachten, zoals bijvoorbeeld bij ernstige pijnen bij diabetes en MS, bij chronische bekkenpijn en bij het carpale tunnelsyndroom. Sinds kort is deze stof ook in Nederland beschikbaar, als tablet. Palmitoylethanolamide is tevens beschikbaar als gel voor chronische vaginale pijnen.

Voor het eerst een hoopvol alternatief antwoord tegen pijn. De NDN redactie vindt het bericht zo belangrijk dat we besloten hebben het in dit diabetes artikel te plaatsen, mede omdat we van verschillende patiënten enthousiaste berichten terug horen.

Natuurdiëtisten die werken volgens de Holford methode

Er zijn diverse natuurdietisten die werken volgens de bovenbeschreven Holford/Lindberg methode. U kunt ze vinden op de adressenlijst van deze site.

Meer informatie over gezonde natuurlijke voeding en video- en boekenvoorlichting van Patrick Holhord:

Voedingsvoorlichting
Video voedingsvoorlichting

Literatuur en links:

Boeken:

Downloads:

Chroom op celniveauicon

Links:

Aanvullende informatie over bovengenoemd congres vindt u op:

Breakthrough in treatment chronic pain
Doorbraak in de behandeling van chronische pijn: eindelijk oorzakelijke behandeling

Dr Fedon Lindberg is internist en hoofd van 4 diabetesklinieken in Noorwegen.

 

Referenties:

Bartlett HE, Eperjesi F. Nutritional supplementation for type 2 diabetes: a systematic review. Ophthalmic Physiol Opt 2008; 28(6):503-23
E. Balk, et al, ‘Effect of chromium supplementation on glucose metabolism and lipids: A systematic review of randomized controlled trials’, Diabetes Care, 2007; 30(8):2152-63
R.A. Anderson, et al., ‘Elevated intakes of supplemental chromium improve glucose and insulin variables in individuals with type-2 diabetes’, Diabetes, 1997; 46:1786-91
N. Cheng, et al., ‘Follow-up’survey of people in China with type-2 diabetes mellitus consuming supplemental chromium’, Journal of Trace Elements in Experimental Medicine, 1999 May; 12:55-60 H. Rabinovitz, et al., ‘Effect of chromium supplementation on blood glucose and lipid levels in type-2 diabetes mellitus elderly patients’, International Journal for vitamin and Nutrition Research, 2004 May; 7 4:178-82
S. Anton, et al., ‘Effects of chromium picolinate on food intake and satiety’, Diabetes technology and Therapeutics, 2008 Oct; 10(5):405-12
Food Standards Agency, ‘Agency revises chromium picolinate advice’, 13 december 2004, http://www.food.gov.uk/news/newsarchive/2004/dec/chromiumupdate
S. Anton, et al., ‘Effects of chromium picolinate on food intake and satiety’, Diabetes Technology and therapeutics, 2008 Oct; 10(5);405-12
Mario Barbagallo, et al, ‘Role of magnesium in insulin action, diabetes and cardiometabolic syndrome X’, Molecular aspects of medicine, 2003 Feb; 24(1-3); 39-52.
S.O Emdin et al, ‘Role of zinc in insulin bisynthesis’, Diabetologia 2008; 19(3):174-82.
Larsson SC, Wolk A. Magnesium intake and risk of type-2 diabetes: a meta-analysis. J Intern Med 2007; 262:208–214.
Sun Q, van Dam RM, Willett WC, et al. A Prospective Study of Zinc Intake and Risk of Type 2 Diabetes in Women. Diabetes Care Publish online ahead of print January 26, 2009.
Mooren FC, Krüger K, [..], Kraus A. Oral magnesium supplementation reduces insulin resistance in non-diabetic subjects – a double-blind, placebo-controlled, randomized trial. Diabetes Obes Metab 2011; 13(3):281-4
Sales CH, Pedrosa LF, [..], Colli C. Influence of magnesium status and magnesium intake on the blood glucose control in patients with type 2 diabetes. Clin Nutr 2011 [Epub ahead of print]
Kim DJ, Xun P, [..],He K. Magnesium intake in relation to systemic inflammation, insulin resistance, and the incidence of diabetes. Diabetes Care 2010; 33(12):2604-10
Barragán-Rodríguez L, Rodríguez-Morán M, Guerrero-Romero F. Efficacy and safety of oral magnesium supplementation in the treatment of depression in the elderly with type 2 diabetes: a randomized, equivalent trial. Magnes Res 2008; 21(4):218-23
M. Rodríguez-Morán and F. Guerrero-Romero, ‘Oral magnesium supplementation improves insulin sensitivity and metabolic control in type-2 diabetic subjects, Diabetes Care 2003 April; 26(4):1147-52.
Lee T, Dugoua JJ. Nutritional supplements and their effect on glucose control. Curr Diab Rep 2011; 11(2):142-8
J.M. Hodgsons, et al., ‘Coenzyme Q10 improves blood pressure and glycemic control: A controlled trial in subjects with type-2 diabetes’, European Journal of Clinical Nutrition, 2002 Nov; 56(11):1137-42
S.J. Hamilton, et al., ‘Coenzyme Q10 improves endothelial dysfunction in statin-treated type-2 diabetic patients’, Diabetes Care, 2009 May; 32(5):810-12
P. Kamenova, ‘Improvement of insulin sensitivity in patients with type-2 diabetes mellitus after oral administration of alpha-lipoic acid’, Hormones (Athens), 2006 Oct-Dec; 5(4):251-8
G.S. Mijnhout, et al., ‘Alpha lipoic acid: A new treatment for neuropathic pain in patients with diabetes?’, Netherlands Journal of Medicine, 2010 Apr; 68(4):158-62
B.B. Heinisch, et al., ‘Alpha-lipoic acid improves vascular endothelial function in patients with type-2 diabetes; A placebo-controlled randomized trial’, European Journal of Clinical Investigation, 2010 Feb; 40(2):148-54
A.S. Ametov, et al., ‘The sensory symptoms of diabetic polyneuropathy are improved with alpha-lipoic acid: The SYDNEY trial’, Diabetes Care, 2003 Mar; 26(3):770-6
Shen W, Liu K, et al. R-α-Lipoic acid and acetyl-L-carnitine complementarily promote mitochondrial biogenesis in murine 3T3-L1 adipocytes. Diabetologia, 2008; 51(1): 165-174. PUBMED ID: 1802671. DOI-Link: http://dx.doi.org/10.1007/s00125-007-0852-4
Kelly GS. Insulin resistance: lifestyle and nutritional interventions. Altern Med Rev 2000;5(2):109-32.
Roberts K, Dunn K, Jean SK et al. Syndrome X: medical nutrition therapy. Nutr Rev 2000;58(5):154-159.
Hodgson JM, Watts GF, Playford DA et al. Coenzyme Q(10) improves blood pressure and glycaemic control: a controlled trial in subjects with type 2 diabetes. Eur J Clin Nutr 2002;56(11):1137-42.
Liu E, Meigs JB, [..], Jacques PF. Plasma 25-hydroxyvitamin d is associated with markers of the insulin resistant phenotype in nondiabetic adults. J Nutr 2009; 139(2):329-34
Bureković A, Terzić M, [..], Hadzić N. The role of alpha-lipoic acid in diabetic polyneuropathy treatment. Bosn J Basic Med Sci 2008; 8(4):341-5
Mitri J, Muraru MD, Pittas AG. Vitamin D and type 2 diabetes: a systematic review. Eur J Clin Nutr 2011; 65(9):1005-15
Packer L et al.: Molecular Aspects of Lipoic Acid in the Prevention of Diabetes Complication. Nutrition 17:888-895, 2001.
Fernandez-Real JM, Ricart W: Insulin Resistance and Chronic Cardiovascular Inflammatory Syndrome. Endocrine Reviews 24(3): 278-301, 2003.