skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

Kwaliteitsaspecten foliumzuur en folaat

Folaat en foliumzuur zijn verschillende vormen van vitamine B11 en worden vaak door elkaar gebruikt. Foliumzuur (pteroylmonoglutaminezuur) wordt vanwege zijn stabiliteit meestal gebruikt in voedingssupplementen en soms aan voeding toegevoegd (functional food/functionele voedingsmiddelen). Het is de synthetische, geoxideerde vorm van het natuurlijke, erg instabiele folaat (tetrahydrofolaat). Het is belangrijk dat u het verschil kent, want de twee vormen hebben niet hetzelfde effect op uw gezondheid.

notenFolaat is wat in voeding voorkomt en door het lichaam gebruikt wordt. Folaat is aanwezig in groene (blad)groenten, asperges, avocado’s, spruitjes, fruit, volkoren granen, peulvruchten. Foliumzuur (uit supplementen) moet door het lichaam omgezet worden in tetrahydrofolaat en vervolgens in 5-methyltetrahydrofolaat (5-MTHF). Onderzoek [1, 2] toont aan dat dit complexe omzettingsproces in het lichaam erg traag en inefficiënt verloopt. De vorm 5-MTHF omzeilt dit probleem en kan direct door het lichaam gebruikt worden.

Gezondheidsclaims voor folaat

Er zijn diverse toegestane gezondheidsclaims voor folaat.

  • Folaat draagt bij tot de vorming van de placenta en de groei van het ongeboren kind tijdens de zwangerschap
  • Folaat ondersteunt de aanmaak van rode en witte bloedcellen
  • Folaat kan helpen vermoeidheid te verminderen
  • Folaat speelt een rol bij de aanmaak van cellen en weefsels
  • Folaat speelt een rol in de aminozuursynthese
  • Folaat draagt bij aan normaal psychologisch functioneren
  • Folaat is goed voor het homocysteïnemetabolisme
  • Folaat heeft een positieve invloed op het immuunsysteem

Gebonden aan glucosaminezout of calciumzout

Wanneer 5-methyltetrahydrofolaat (5-MTHF) gebonden wordt aan glucosaminezout is het mogelijk om de biologisch actieve vorm stabiel te houden en heeft het optimale opneembaarheid. Deze 5-MTHF passeert de bloed-/hersenbarrière, in tegenstelling tot de synthetische vorm van foliumzuur (pteroylmonoglutaminezuur). De 5-MTHF gebonden aan glucosaminezout heeft een hogere wateroplosbaarheid, stabiliteit en biologische beschikbaarheid dan 5-MTHF gebonden aan calciumzout.

Verwarrend voor de consument zijn de verschillende benamingen op de verpakking. Welke benamingen zijn er en welke vorm kunt u beter wel (biologisch actief) of niet nemen (niet biologisch actief)?
Deze namen kunt u op verpakkingen tegen komen wat de naam methylfolaat betreft:
Methylfolate
L-MTHF
L-Methylfolate
L-Methylfolate Calcium
D-Methylfolate
D-5-Methylfolate
Levomefolic Acid
Metafolin
5-MTHF
5-Methylfolate
5-Methyltetrahydrofolate
L-5-MTHF
L-5-Methyltetrahydrofolate
6(S)-5-MTHF
6(S)-5-Methyltetrahydrofolate
6(R)-5-MTHF
6(R)-5-methyltetrahydrofolate
Quatrefolic

Welke soorten methylfolaat zijn bioactief?

  • L-5-MTHF = L-5-Methyltetrahydrofolate = 6(S)-L-MTHF = 6(S)-L-Methyltetrahydrofolate
  • L-Methylfolate Calcium = Metafolin = Levomefolic Acid, Quatrefolic

Welke soorten methylfolaat zijn niet bioactief?

D-5-MTHF = D-5-Methyltetrahydrofolate = 6(R)-L-MTHF = 6(R)-L-Methyltetrahydrofolate, dus vermijd deze soorten.

Samenvattend:

  1. De L-methylfolaat-vorm ook wel bekend als 5-MTHF is de actieve vorm die het lichaam kan gebruiken. De L- en 6(S) vormen zijn wel bioactief.
  2. De D- en 6(R)- vormen zijn niet bioactief.

Foliumzuurstapeling

Niet goed verwerkt foliumzuur(ongemetaboliseerd) kan ophopen in de bloedsomloop. Er zijn aanwijzingen uit verschillende studies dat een chronisch verhoogd niveau van ongemetaboliseerd foliumzuur nadelige effecten kan hebben op de gezondheid [3.]

U kunt vitamine B11 het best uit volwaardige voeding halen. Voedingsmiddelen met veel folaat (B11) zijn groene bladgroenten zoals spinazie, asperges, avocado’s, spruitjes, noten en peulvruchten. Bij bijvoorbeeld zwangerschap en verhoogde homocysteïne is suppletie een goede manier om ervoor te zorgen dat u genoeg B11 binnen krijgt.

Dan kunt u het best soorten kiezen die geen foliumzuur bevatten, maar 5-methyltetrahydrofolaat (5-MTHF), omdat dat beschouwd wordt als een gezonder alternatief. De verhouding tussen folaat en vitamine B 12 moet ook goed in de gaten worden gehouden.

Bijwerkingen 5-methyltetrahydrofolaat (5-MTHF)

De keuze voor 5-MTHF is een goede keuze, mits voorzichtig gedoseerd. Er zijn mensen die er niet tegen kunnen of klachten krijgen bij een onjuist opbouwschema.
De klachten zijn:

  • Hoofdpijn/migraine
  • Huidklachten (waaronder jeuk)
  • Spierklachten
  • Slapeloosheid
  • Loopneus
  • Angstig of geïrriteerd voelen

Het advies bij klachten is direct te stoppen met suppleren. Het zoeken naar de ‘oorzaak’ van deze klachten vraagt enige deskundigheid. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van receptorproblemen (o.a. als gevolg van auto-immuunreacties). Daar kan dan weer een ‘lekkende darm’ achter zitten met gluten- en zuivelintoleranties.

Foliumzuur wordt in de meeste landen van de wereld ook wel vitamine B11 genoemd. In Duitsland, Frankrijk en in de Verenigde Staten van Amerika wordt het vitamine B9 genoemd.
In de vorm van verschillende tetrahydrofolaten zijn voedingsfolaat en foliumzuur als co-enzym betrokken bij de overdracht van groepen met één koolstofatoom (zoals methyl-, methyleen- en formylgroepen). Vitamine B6, vitamine B12 en betaïne spelen in dit proces een ondersteunende rol.

Folaat levert de methylgroep die nodig is om methylcobalamine te maken, een stof die nodig is om het schadelijke homocysteïne af te breken en om te zetten in het aminozuur methionine. Een te hoog homocysteïnegehalte is een belangrijke risicofactor voor onder andere hart- en vaatziekten.

Recycling van homocysteïne

De recycling van homocysteïne in methionine via 5-MTHF en MTR (methioninesynthase) vindt in het hele lichaam plaats; in de lever, nieren en ogen kan homocysteïne ook via betaïne en het enzym BHMT (betaïne-homocysteine methyltransferase) gerecycled worden. Homocysteïne kan ook (irreversibel) worden afgebroken tot cysteïne. Dit is een vitamine B6-afhankelijk proces. Cysteïne is bouwsteen van eiwitten en precursor van glutathion. Glutathion is een zeer krachtige (intracellulaire) antioxidant en belangrijk voor het ontgiften van xenobiotica (lichaamsvreemde stoffen).

Folaat (waaronder foliumzuur) wordt na inname gereduceerd tot THF (tetrahydrofolaat) en vervolgens door MTHFR omgezet in 5-MTHF. Dit is een traag en inefficiënt proces en verloopt nog veel gebrekkiger bij een verminderde MTHFR-activiteit. In humane studies toonde men aan dat suppletie met 5-MTHF effectiever is dan foliumzuur in het verbeteren van de vitamine B11-status en verlagen van de homocysteïnespiegel. Dit is zowel bij het TTgenotype als bij het CT- en (normale) CCgenotype van MTHFR. Door het grote percentage mensen met het C677T polymorfisme is het aan te bevelen bij folaatsuppletie te kiezen voor 5-MTHF en niet voor foliumzuur [4.5].

Literatuur:

[1] Xenobiotica. 2014 May;44(5):480-8. doi: 10.3109/00498254.2013.845705. Epub 2014 Feb 4.
Folate, folic acid and 5-methyltetrahydrofolate are not the same thing.
Scaglione F1, Panzavolta G.
[2] Folate dietary insufficiency and folic acid supplementation similarly impair metabolism and compromise hematopoiesis.
Haematologica. 2017 Dec; 102(12): 1985–1994.
Curtis J. Henry,Travis Nemkov, Matias Casás-Selves, Ganna Bilousova, Vadym Zaberezhnyy, Kelly C. Higa, Natalie J. Serkova, Kirk C. Hansen, Angelo D’Alessandro,1 and James DeGregori
[3] Cancer incidence and mortality after treatment with folic acid and vitamin B12.
JAMA. 2009 Nov 18;302(19):2119-26. doi: 10.1001/jama.2009.1622.
Ebbing M1, Bønaa KH, Nygård O, Arnesen E, Ueland PM, Nordrehaug JE, Rasmussen K, Njølstad I, Refsum H, Nilsen DW, Tverdal A, Meyer K, Vollset SE.
[4] [6S]-5-methyltetrahydrofolate increases plasma folate more effectively than folic acid in women with the homozygous or wild-type 677C–>T polymorphism of methylenetetrahydrofolate reductase. Br J Pharmacol. 2009;158(8):2014- 21. Prinz-Langenohl R et al.
[5] Red blood cell folate concentrations increase more after supplementation with [6S]-5-methyltetrahydrofolate than with folic acid in women of childbearing age. Am J Clin Nutr. 2006;84(1):156-61. Lamers Y et al.