skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1500 artikelen over gezondheid!

Voeding bij vaginale Candida infecties

Candidiasis, candidose of Candida is een schimmelinfectie die veroorzaakt wordt door gistachtige schimmels, voornamelijk Candida Albicans. Candida Albicans is een menselijke opportunistische schimmel, die in staat is de vaginale mucosa te koloniseren, zonder symptomen. Deze schimmel is bij vrijwel iedereen aanwezig als een normale commensaal, onder andere in de mond, in de darm, op de huid en in de vagina, en vormt met bacteriën een zeker evenwicht. Door grotendeels onbekende factoren gaat deze over in de mycelia-producerende vorm, die het vagina epitheel kan binnendringen, waardoor een ontsteking ontstaat. Klachten van jeuk, branderigheid, roodheid en een meestal witte brokkelige afscheiding (de“witte vloed”) ontstaan.

Oorzaken

Dergelijke infecties treden soms zonder duidelijke oorzaak op, maar komen wat vaker voor bij diabetes, stress, verminderde weerstand, na gebruik van breedspectrum antibiotica, rond de menopauze en in de zwangerschap. In deze specifieke gevallen sterven veel bacteriën en krijgen de schimmels kans om te gaan woekeren door het wegvallen van de concurrentie. Naar schatting 75% van de vrouwen krijgt deze infectie gedurende haar leven. Bij 5% van hen blijft de lokale candidiasis terugkomen.

Delicate balans

Vaginale klachten hebben niet alleen in fysieke, maar ook in emotionele en seksuele zin een enorme impact op het leven van een vrouw. De gezonde bacteriële samenstelling van de vaginale flora leeft in delicate balans, en zorgt er idealiter voor dat infecties uitblijven. Door diverse invloeden van buitenaf en van binnenuit wordt deze balans echter regelmatig verstoord, met in sommige gevallen recidiverende vaginale Candida infecties.

Samenstelling vaginale flora

Een gram vaginaal slijmvlies bevat zo’n 108 aërobe en 5x 107 anaërobe micro-organismen. Deze “biofilm” van organismen zorgt ervoor dat ziekteverwekkende organismen minder makkelijk in het lichaam kunnen dringen. Men heeft vaak aangenomen dan Lactobacillus acidophilus dominant was in de vagina. Uit recentere studies waarbij gebruik is gemaakt van moderne technieken, blijkt echter dat de vaginale lactobacillen bestaan uit L. crispatus, L. gasseri, L. iners en L. jensinii. De juiste balans van de vaginale flora speelt een belangrijke rol in de preventie van (onder andere) vaginale candidiasis.

Hormonale status & de vaginale flora

De samenstelling van de vaginale flora is sterk afhankelijk van de hormonale status van een vrouw. Deze status verschilt in de prepuberteit, de volwassenheid en de postmenopauze. In de volwassen fase wordt de flora beïnvloed door de menstruele cyclus en zwangerschap. In pdf tabel hieronder is weergegeven hoe de vaginale flora in de loop van de tijd verandert en wat de effecten zijn op de infectiekans.

Externe factoren

Naast externe factoren, zoals het dragen van strakke broeken, inlegkruisjes, antibiotica, orale anticonceptiva, een verkeerde hygiëne en seksuele gemeenschap, zijn er ook interne factoren die de natuurlijke vaginale flora kunnen verstoren. Zoals een verminderde weerstand en de schommelende bloedspiegel van progesteron en oestrogeen. Stijgende progesteronniveaus bevorderen de glycogeenopslag in de epitheelcellen. Daardoor wordt het epitheel gevoeliger voor schimmels en gisten.
Daarnaast hebben vrouwen vaker overgroei met Candida, wanneer de lactobacillen in de vagina geen waterstofperoxide produceren. Het is bekend dat de schimmel slecht tegen hoge concentraties waterstofperoxide kan. Sommige lactobacillus-stammen gaan bovendien aanhechting van Candida aan het vaginaslijmvlies tegen. Het is dus mogelijk dat de in de vagina aanwezige lactobacillen niet de eigenschappen bezitten die nodig zijn om de Candidaschimmel afdoende te weren.

Voorkomen en genezen?

Gangbare therapie behelst meestal een lokale crème, ovule, vaginaal tablet of een orale triazole/fluconazole behandeling. Deze behandeling voorkomt echter geen recidive. Het is geen lange termijn oplossing. Er komt steeds meer klinisch bewijs dat de oplossing gevonden zou kunnen worden in de juiste pro-biotica via orale intake. Lactobacillen zijn op die manier in staat om al na een week de vagina te bereiken. Met name L. acidophillus, L. rhamnosus, L. reuteri blijken effectief. Er kunnen nog geen definitieve aanbevelingen worden gedaan en meer onderzoek is nodig, maar deze stammen zijn veelbelovend voor vrouwen die lijden aan recidiverende vaginale candidiasis.

Commentaar NDN

In de praktijk blijken veel personen baat te hebben bij een Candida-dieet. Wanneer we kijken naar de wetenschappelijke inzichten van de afgelopen jaren kunnen we zien dat een aantal maatregelen uit dit dieet inderdaad effectief kan zijn bij een overmatige aanwezigheid van Candida. Aan de hand van de onderdelen van dit dieet bespreken we de nieuwste inzichten in de rol van Candida bij ziekte en de behandeling hiervan, samen met de bijdrage die dit dieet kan leveren.

Voedings- en laboratoriumtesten

Laboratoriumtesten urine bloed ontlasting en speekseltesten Natuurdiëtisten kunnen als geen ander uw voedingsstatus inschatten en adviezen geven op het gebied van voeding in relatie tot ziekte en gezondheid. Dit doen ze aan de hand van laboratoriumtesten.

Met laboratoriumbepalingen is de natuurdiëtist in staat uw voedingsstatus te bepalen en de dieetadviezen op maat te maken en door laboratoriummonitoring te evalueren en zo nodig bij te stellen.

Wij werken samen met de Duitse fabrikant van laboratoriumtesten Medivere. Medivere levert laboratorium diagnostische diensten waarbij de conventionele geneeskunde als ook aanvullende (complementaire) medische diagnostica en therapieën optimaal worden gecombineerd.

Op onze pagina over voedings- en laboratoriumtesten kunt u alle Medivere testen bekijken en bestellen.

Vaginale floraScreening RP € 49.00

Vaginale Screening inclusief Micologie middels een uitstrijkje.
Onderzoek naar de aanwezigheid van schimmels, goede bacteriën en milieu in de vagina
Dit onderzoek vindt plaats middels een uitstrijkje dat u zelf kunt uitvoeren.

Let op deze test heeft niets te maken met het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker.

De vaginale flora bestaat vooral uit Lactobacillus species en Bifidobacterium species.
De pH-waarde ligt tussen de 3,8 en 4,5. De vaginale pH-waarde is van belang voor de beoordeling van de stofwisselings­processen binnen de vaginale microbiota. Een verhoogde pH-waarde (> 4,5) kan een indicatie zijn voor een overgroei van micro-organismen. De vaginale flora heeft een complexe structuur die snel en drastisch kan veranderen. Deze heeft veel impact op de gezondheid van vrouwen.
Bij dit onderzoek wordt de vaginale pH gemeten. Verder wordt de microbiota zowel bacteriologisch als mycologisch onderzocht.
Bij de testset wordt een handschoen meegeleverd zodat u zelf de test kunt afnemen.
De resultaten geven een duidelijk overzicht van de kwantitatieve samenstelling van de vaginale microbiota.

Literatuur en links:

Andrea van Vuuren, Vaginale Candida-infecties, Orale probiotica. Supplement nummer 12, december 2008:

1. Vásquez, A., et al., Vaginal lactobacillus flora of healthy Swedish women. J Clin Microbiol. 2002. 40(8): p. 2746-9.
2. Forsum, U., A.Hallen, and P.G. Larsson, Bacterial vaginosis—alaboratory and clinical diagnostics enigma. Apmis, 2005. 113(3):p.153-61.
3. Angeles-Lopez, M.,E. Garcia-Cano Ramos, and C. Aquino Santiago, Hydrogen peroxide production and resistance to nonoxinol-9 in Lactobacillus spp. Isolated from the vagina of reproductive-age women. Rev Latinoam Microbiol, 2001. 43(4): p. 171-6
4. Eijsink, V.G., et al., Production of class II bacteriocins by lactic acid bacteria; an example of biological warfare and communication. Antonie Van Leeuwenhoek, 2002. 81(1-4): p. 639-54
5. Eschenbach, D.A., et al., Prevalence of hydrogen peroxide-producing Lactobacillus species in normal women and women with bacterial vaginosis. J Clin Microbiol, 1989. 27(2): p. 251-6.
6. Hellberg, D., S.Nilsson, and P.A. Mardh, The diagnosis of bacterial vaginosis and vaginal flora changes. Arch Gynecol Obstet, 2001. 265(1): p. 11-5.
7. Hillier, S.L., et al., The normal vaginal flora, H2O2-producing lactobacilli, and bacterial vaginosis in pregnant women. Clin Infect Dis, 1993. 16 Suppl 4: p. S273-81.
8. Antonio, M.A., S.E. Hawes, and S.L. Hillier, The indentification of viginal Lactobacillus species and the demographic and microbiologic characteristics of women colonized by these species. J Infect Dis, 1999. 180(6):p. 1950-6.
9. Wilks, M., et al., Identification and H(2)O(2) production of vaginal lactobacilli from pregnant women at high risk of preterm birth and relation with outcome. J Clin Microbiol, 2004. 42(2): p. 713-7.
10. Alvarez-Olmos, M.I., et al., Vaginal lactobacilli in adolescents: presence and relationship to local and systemic immunity, and to bacterial vaginosis. Sex transm Dis, 2004. 31(7): p. 393-400.
11. Hawes, S.E., et al., Hydrogen peroxide-producing lactobacilli and acquisition of vaginal infections. J Infect Dis, 1996. 174(5):p. 1058-63.
12. Paavonen, J., Physiology and ecology of the vagina. Scand J Infect Did Suppl, 1983. 40: p. 31-5.
13. Reid G, Burton J, Devillard E. The rationale for probiotics in female urogenital healthcare. Med Gen Med 2004 ;29:49.
14. Reid, G., et al., Oral probiotics can resolve urogenital infections. FEMS Immunol Med Microbiol, 2001. 30(1):p. 49-52.
15. Morelli, L. et al., Utilization of the intestinal tract as a delivery system for urogenital probiotics. J Clin Gastoenterol, 2004. 38(6 Suppl): p. S107-10.
16. Reid, G., et al., Oral Use of Lactobacillus rhamnosus GR-1 and L. fermentum RC-14 significantly alters vaginal flora: randomized, lacebo-controlled trial in 64 healthy women. FEMS Immunol Med Microbiol, 2003. 35(2): p. 131-4.
17. Osset, J., et al., [Role of Lactobacillus as protector against vaginal candidiasis]. Med Clin (Barc), 2001. 117(8): p. 285-8.
18. Strus, M., et al., [Inhibitory activity of vaginal Lactobacillus bacteria on yeasts causing vulvovaginal candidiasis]. Med Dosw Mikrobiol, 2005. 57(1):p. 7-17.
19. Boris, S., et al., Adherence of human vaginal lactobacilli to vaginal epithelial cells and interaction with uropathogens. Infect Immun, 1998. 66(5): p. 1985-9.
20. Velraeds, M.M., et al., Interference in initial adhesion of uropathogenic bacteria and yeast to silicone rubber by Lactobacillus acidophilus biosurfactant. J Med Microbiol, 1998. 47(12): p. 1081-5.
21. Hillier, E.L., et al., The relationship of hydrogen peroxide-producing lactobacilli to bacterial vaginosis and genital microflora in pregnant women. Obstet Gynecol, 1992. 79(3): p. 369-73.
22. Metts J, F.T., Trenev N, Clemens RA, Lactobacillus Acidophilus, Strain NAS (H2O2 Positive), in Reduction of Recurrent Candidal Vulvovaginitis. The Journal of Applied Research, 2003. 3(3): p. 340348.
23. Falagas, M.E., G.I. Betsi, and S. Athanasiou, Probiotics for prevention of recurrent vulvovaginal candidiasis: a review. J Antimicrob Chemother, 2006. 58(2): p. 266-72.
24. Othman, M., J.P. Neilson, and Z. Alfirevic, Probiotics for preventing preterm labour. Cochrane Database Syst Rev, 2007(1): p. CD005941.

Ir.Klaske van Hoeij-de Boer, microbioloog, “De heel eigen microbiota van de vrouw”. Folia orthica november 2008:

1. Thomas J.T., The human microbial world, in: Microbiology Internet Guide, West Virginia Univ., Health Sci. Center, 2008, p. 108-124, www.hsc.wvu.edu/som/pathology/thomas/educationalRecources/pdfs/microguide.pdf.
2. Hoeij-de Boer K.A. van, Schrijver J., Ecologie van de darm: Een symbiose benadering, Voeding. 1993, 54(6): 20-23.
3. Johnson S.R., C.R. Petzold, R.P. Galsk, Qualitative and quantitative changes of the vaginal microbial flora during the menstrual cycle Am J Reprod Immunol, 1985, 9: 1-5.
4. Onderdonk A.B., G.R. Zamarchi, J.A. Walsh, R.D. Mellor, A. Munoz, E.H. Kass, Methods for quantitative and qualitative evaluation of vaginal microflora during menstruation. Appl Environ Microbiol, 1986, 51: 333-339.
5. Berg R.D., The indigenous gastrointestinal microflora. Trends Microbiol, 1996, 4: 430–435.
6. Gregoire A.T., Parakkal P.F., Glycogen content in the vaginal tissue of normally cycling and estrogen and progesterone-treated Rhesus monkeys, Biol. Reprod., 1972, 7: 9-14.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen