skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

Het endorfinesysteem & Voeding

Endorfine is het snelst werkende antistresshormoon, een antidepressivum en natuurlijke angstremmer. Een slecht werkend endorfinesysteem (endorfine resistentie) ervaart men als ‘iets tekort komen’ in het leven. Het ‘lege’ gevoel wordt gecompenseerd met meer eten, vaak met ‘lege’ koolhydraten.

Het endorfinesysteem is een verzamelnaam voor een netwerk van verschillende opioïde receptoren.Een ‘opioïde’ is een morfineachtige stof en kan zich hechten aan een ontvankelijke receptor. Opioïden bestaan in lichaamseigen of lichaamsvreemde vorm. Endorfine en endomorfine zijn voorbeelden van lichaamseigen opioïden. Drugs (heroïne), geneesmiddelen (codeïne, morfine) en exorfinen, een stof in bepaalde voedingsmiddelen, zijn lichaamsvreemde opioïden.

Receptoren

Receptoren zijn eiwitten in het celmembraan, het cytoplasma of de celkern, waar een specifiek molecuul aan kan binden. Receptoren kunnen signalen van binnen of buiten de cel doorgeven. Wanneer een molecuul aan een receptor bindt, kan de receptor een cellulaire respons op gang brengen. Een dergelijke cellulaire respons kan opgewekt worden, door een lichaamseigen (endogene) stof, een neurotransmitter, hormonen, cytokinen (eiwit die in rol speelt in de immuun afweer) of een lichaamsvreemde (exogene) stof (zoals antigenen).

Endorfinesysteem

Endorfine hecht zich op receptoren waardoor een signaalfunctie wordt geactiveerd. Endorfine activeert en remt de werking van o.a. diverse neurotransmitters, hormonen, immuuncellen, ontstekingsstoffen en genen. Zo zorgt endorfine voor vrijgave van dopamine en insuline en vermindert het allergische reacties.

Endorfine is het snelst werkende antistresshormoon, een antidepressivum en natuurlijke angstremmer. Een slecht werkend endorfinesysteem (endorfine resistentie) ervaren mensen als ‘iets tekort komen’ in het leven en het ‘lege’ gevoel wordt gecompenseerd met meer eten (vooral ‘lege’ koolhydraten), harder werken of drugs te gebruiken.

De endorfinereceptoren bevinden zich in het hele lichaam, maar de grootste concentratie bevindt zich in de hersenen, huid, het maag-darmkanaal, de lymfocyten (witte bloedcellen), het beenmerg en ruggenmerg.

Taken van endorfinen

Het endorfinesysteem is een modulator, dat wil zeggen een molecuul die regulerend werkt op de gevoeligheid en de hoeveelheid van andere signaalstoffen (waaronder genen). Endorfine is ook een stof die de hersencellen (neuronen) beschermt en opnieuw aanmaakt in bijvoorbeeld de hippocampus en amygdala.

Daarnaast is het betrokken bij: cel herstel, dopaminesysteem, de hormoonhuishouding (waaronder insuline, cortisol), stressweerstand, het opruimen van oxidatieve stress, vruchtbaarheid, pijnmodulatie, zintuiglijke prikkels, motoriek, geheugen, maagzuur- en thermoregulatie bij fysieke stress.

Morfine en exorfinen

Exorfinen zijn morfineachtige deeltjes uit gluten, zuivel, soja en spinazie. Exorfinen zijn opiaatachtige voedingsstoffen die de werking van het endorfinesysteem belasten. Deze opiaatachtige bestanddelen uit bepaalde voedingsmiddelen hechten zich op de endorfine receptoren. Exorfinen worden in de dunne darm door het enzym elastase geactiveerd. Daarna komen ze in de bloedbaan terecht.

In gezonde omstandigheden heeft het lichaam de beschikking over specifieke enzymen (DPP-IV; lees meer hierover verderop in dit artikel) die deze exorfinen neutraliseren door ze om te zetten in aminozuren. Door een overmaat aan exorfinen, genetische factoren en omgevingsfactoren die de werking van deze specifieke enzymen afremmen, ontstaat er een exorfinen overbelasting met een endorfineresistentie tot gevolg.

Hierdoor wordt de vrijgave van dopamine en serotonine geblokkeerd. Exorfinen zijn in hoge mate aanwezig in o.a. gluten en melk, maar worden ook geproduceerd door een aantal pathogene micro-organismen.

Exorfinen vergelijkbaar met morfine

De werking van exorfinen is vergelijkbaar met morfine en endorfine. De activiteit van deze opioïden hangt ervan af van welke receptoren ze bezetten en welke affiniteit ze uitoefenen op deze receptoren. Morfine heeft bijvoorbeeld een grotere affiniteit (hechtingskracht) op de endorfine receptoren dan endorfine. Dit betekent dat morfine meer endorfine receptoren activeert dan endorfine.

Mensen die langdurig worden behandeld met morfine, krijgen problemen met de werking van het endorfinesysteem. Deze mensen ontwikkelen al na een paar weken endorfine resistentie.

Klachten bij hoge exorfinen belasting

Mensen met een hoge exorfinen belasting kunnen allerlei klachten ontwikkelen. In het begin voelt men zich sneller moe, de aandacht verslapt en de motivatie is moeilijker vol te houden. Vervolgens neemt de stress-weerstand af, de suikerbehoefte neemt toe en worden er spierspanningen opgebouwd in het lichaam (fibromyalgie achtige klachten, nek- en/of rugpijn).

Dopamine heeft een motiverende uitwerking op onze stemming, dus mensen met een exorfinen- intolerantie moeten oppassen dat ze geen ‘demotiverend dieet’ gebruiken. Exorfinen (in gluten, melk, soja, spinazie) belemmeren de werking van bèta-endorfine op de Mu-opioïde receptoren (MOR) in het mesolimbisch dopamine systeem, waardoor de vrijgave van dopamine wordt geremd.

Daarnaast kunnen er immuun problemen optreden waaronder inhalatieallergieën, astma en allergieën. Het woord auto-immuunziekten als ‘diagnose’ krijgen mensen steeds vaker te horen als ‘oorzaak’ van hun klachtenpatroon.

Het DPP-IV enzym

Het DPP-IV enzym is een groep van enzymen met verschillende onderverdelingen die elk tot taak hebben een specifieke exorfine te neutraliseren. Het DPP-IV enzym is een multifunctioneel eiwit met meer dan 65 functies.

Het is actief op de membranen van diverse lichaamscellen. Een tweede functie van het DPP-IV enzym is het reguleren van de immuniteit op mucus producerende weefsels zoals de slokdarm, maagwand, darmwand, luchtwegen en de geslachtsorganen. Andere functies van het DPP-IV enzym zijn: DNA en celherstel, immuun regulatie en bescherming tegen histamine en allergieën. Het DPP-IV enzym is erg gevoelig voor stress.

De activiteit van het DPP-IV enzym kan onder invloed van verschillende agressors worden geremd. Cortisol (stress) en diverse chemische stoffen remmen het DPP-IV enzym zoals geneesmiddelen (waaronder statines, glucocorticoïden, metformine, antibiotica, vaccins, kwikverbindingen), smaakversterkers, fluor en fluoriden, organofosfaten (insecticiden, herbiciden, pesticiden), fosforzuur in frisdranken, bepaalde eiwitten van bacteriën en cytokinen en vaccins met thimerosal. Lees meer over DPP-IV remmende factoren (met referenties) op www.exendo.be .

Exorfinen in melk

De moderne levenswijze en het veelvuldig gebruik van chemische stoffen zijn de voornaamste oorzaak van de DPP-IV enzym, exorfinen en endorfine problematiek. Factoren zoals; de toegenomen inname van tarwe (en andere glutenrijke voedingsmiddelen) en zuivel, veredeling van de tarwegranen (tarwe bevat 5 tot 10 keer gluten-exorfinen dan 100 jaar geleden). Maar ook wijziging van A2-caseïne-melk naar de A1 variant. Door deze wijziging nam de hoeveelheid melk-exorfinen met meer dan 5.000 % toe.

β-Casomorphin-7, een fragment van het melkeiwit caseïne, is een voorbeeld van opioïde melkbestanddeel. Het stimuleert de vrijgave van intestinale mucus (slijm) secretie in de darm. Door een DPP-IV tekort kan de caseïne in melk (producten) niet worden afgebroken en wordt het darmslijmvlies sterk geïrriteerd, met complicaties zoals ontstekingen en ‘Lekkende Darm Syndroom’ (leaky gut). Exorfine β-Casomorphin-7 is een serotonine antagonist, exorfine B 5 (gluten) is een dopamine antagonist.

Medische aandacht voor gluten broodnodig

In totaal zijn er meer dan 300 aandoeningen bekend die verband houden met gluten. Denk aan: aandoeningen met gluten sensitieve enteropathie waaronder de neuro-psycho-immunologische systeemziekten: diabetes, dementie, CVS, fibromyalgie, psoriasis, epilepsie en (reumatoïde) arthritis. Ondanks de omvangrijke wetenschappelijke kennis omtrent gluten en caseïne gemedieerde ziekten, wordt er weinig mee gedaan.

In hoofdzaak omdat de medische opleidingen weinig aandacht schenken aan voeding gerelateerde pathologie. De ondertussen achterhaalde opvatting dat uitsluitend mensen met coeliakie en IgE allergieën een probleem hebben met gluten, geeft aanleiding tot heel wat onbegrepen klachten van mensen met andere gluten-reacties.

Exorfine onderzoek in urine

Iemand met een DPP-IV defect hoeft geen probleem te hebben met alle exorfinen. Laboratorium onderzoek is belangrijk om te bepalen welke voedingsstoffen al dan niet moeten worden geëlimineerd in het voedingspatroon. Het opsporen van onverteerde exorfinen in de urine is een accurate methode om de werking van het enzym in kaart te brengen.

Tip: neem ook eens kijkje op onze ‘Natuurlijk winkelen en eten pagina’.