skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1500 artikelen over gezondheid!

Keel- en neusamandelen & Voeding

Keelamandelen worden bij voorkeur alleen verwijderd als de amandelen zoveel klachten geven, dat er geen andere oplossing lijkt dan ze te verwijderen. Terugkerende ontstekingen van de keel, gepaard gaande met andere klachten, en/of erg dikke amandelen, zijn meestal de aanleiding. Ook als er te vaak medicijnen moeten worden voorgeschreven kan besloten worden tot het verwijderen van de amandelen. Toch is het nut en de gevolgen van het verwijderen van keelamandelen omstreden. Amandelen verwijderen hebben mogelijk een negatieve invloed op het immuunsysteem. KNO artsen zullen daarom minder snel dan voorheen overgaan tot het verwijderen van de keelamandelen.

Angina (tonsillitis)

Angina (tonsillitis) is een besmettelijke virale of bacteriële infectie van de keelamandelen. De aandoening komt het meest voor bij kinderen, die vaker last hebben van keelpijn (gemiddeld twee tot drie keer per jaar), dan volwassenen. Besmetting vindt gewoonlijk plaats binnen het gezin, op school, bij een club en op andere plaatsen waar veel kinderen bijeenkomen. Vaak duurt angina slechts kort, maar bij oudere tieners kan keelontsteking soms veroorzaakt worden door de ziekte van Pfeiffer. Deze virale klierontsteking kan langer dan een week duren, terwijl de naweeën zelfs maandenlang kunnen aanhouden.

Algehele malaise

Mensen met angina klagen over keelpijn en algehele malaise. Zij hebben vaak vrij hoge koorts en een tijdlang helemaal geen trek in eten. Bij een angina raken de keelamandelen, twee amandelvormige klieren onderin de mond-keelholte, ontstoken, zwellen op en worden vuurrood. Soms zijn de amandelen zo opgezwollen dat ze elkaar in het midden bijna raken, terwijl er ook witte vlekjes of plekken op kunnen voorkomen.

De keelamandelen voorkomen het oplopen van ernstiger infecties. De ziektekiemen die binnenkomen, worden als het ware tegengehouden door de amandelen. Deze irriteren of ontsteken dan weliswaar, maar de infectie krijgt daardoor geen kans om dieper in het lichaam, bijvoorbeeld naar de lagere luchtwegen, door te dringen. Om die reden worden de amandelen niet snel meer verwijderd.

Neusamandelen

Neus- en keelamandelen maken deel uit van het lymfesysteem. Dit systeem heeft als voornaamste taken het vernietigen van ziektekiemen en het vormen van antilichamen, stoffen die ziektekiemen kunnen doden. Amandelontsteking is iets anders dan keelontsteking. Een keelontsteking kan de voorloper van een amandelontsteking zijn. Acute amandelontsteking hoeft niet per se te beginnen met een zere keel. Meestal starten de symptomen met dorst, een droge keel en een slechte eetlust. Na verloop van tijd kunnen er andere symptomen ontstaan, zoals koorts, hoofdpijn of misselijkheid. Soms ontstaat er ook buikpijn, doordat bepaalde lymfklieren in de ingewanden gelijktijdig met de keelamandelen opzwellen. Ook oorpijn is een vaakvoorkomende klacht. Al deze symptomen kunnen al optreden voorafgaande aan de keelpijn.

Lymfesysteem

De tonsillen zijn een deel van het lymfesysteem en bevatten afweercellen. Samen met de neusamandelen hebben ze een functie bij de afweer. Een soort douaneposten die alarm slaan, wanneer ziekteverwekkers de grens passeren. Tussen de leeftijd van drie en tien jaar zijn de tonsillen het grootst; daarna nemen ze weer in omvang af en zitten op volwassen leeftijd klein en onopvallend in de keel.

Het lymfestelsel speelt een belangrijke rol bij de afweer van het lichaam. De afweer verdedigt tegen virussen, bacteriën en andere organismen die ziek kunnen maken. Lymfevaten vormen de kanalen van het lymfestelsel. Deze vaten worden vanuit het lichaamsweefsel gevuld met een kleurloze vloeistof: lymfe. De lymfe neemt vocht en afvalstoffen uit het lichaam op. Via steeds grotere lymfevaten komt de lymfe uiteindelijk in de bloedbaan terecht. Voordat de lymfe in het bloed komt, passeert zij ten minste één lymfeklier.

Lymfeklieren zijn de zuiveringsstations van het lymfestelsel. In deze zuiveringsstations worden ziekteverwekkers, waaronder bacteriën en virussen, onschadelijk gemaakt. Op diverse plaatsen in het lichaam komen groepen lymfeklieren voor: de ‘lymfeklierregio’s’. Lymfeklierweefsel komt, behalve in de lymfeklieren, ook voor in andere organen, zoals in de keelholte, de milt, de darmwand en het beenmerg.

Tonsillitis

Als de tonsillen ontstoken raken (tonsillitis) en opzetten, betekent het niet dat ze verwijderd moeten worden. Het eerste dat u moet doen is kijken en nagaan wat de oorzaak is van deze ontsteking. U kunt bijvoorbeeld proberen te achterhalen welke producten het lymfesysteem van u of uw kind hebben vervuild. Als een schadelijk product het lichaam van u of uw peuter is binnengekomen, zullen de lymfklieren als eerste daarop reageren. Braken, koorts en diaree zijn andere methodes van het lichaam om zich te ontdoen van schadelijke stoffen.

Het is mogelijk dat het lichaam op dat moment aangeeft dat hij/zij bijvoorbeeld niet tegen koemelk(producten) kan. Kijk ook naar suiker(producten) of kleur- en smaakstoffen. Bij herhaaldelijk gebruik van schadelijke producten zullen de amandelen weer gaan ontsteken. Dit kan een chronische ontsteking veroorzaken die op latere leeftijd veel andere klachten kan veroorzaken. Overigens zullen lymfklieren nooit zomaar op een mooie zonnige dag gaan zwellen en ontsteken. “Iets’ tracht een aanslag op het immuunsysteem te plegen en u kunt proberen als Sherlock Holmes samen met de (natuur)arts en natuurdiëtist uit te vinden wat dat ‘iets’ is. Hieronder geven we wat opties wat dit ‘iets’ zou kunnen zijn.

Geen antibiotica

Bij de keelontstekingen van virale of van onbekende oorzaak heeft het geen zin antibiotica te geven. Bovendien heeft antibiotica nadelen, zoals: maag- en darmklachten (waaronder dysbiose), allergische reactie, verhoogde kans op recidive en vooral het ontstaan van resistente bacteriestammen.

Er zijn diverse (voeding)interventies mogelijk om het immuunsysteem te versterken. Wetenschappers van de Cochrane Collaboration analyseerden de uitkomsten van vijftien klinische trials, met in totaal 1360 proefpersonen. Hieruit concludeerden ze dat zink werkt tegen verkoudheid, op voorwaarde dat dit binnen een dag na het begin van de symptomen wordt ingenomen. Kinderen die vijf maanden lang dagelijks zinkaanvulling nemen, worden minder vaak verkouden.

Immuunrespons en allergie

De natuurlijke stoffen (polyfenolen) in zwarte bessen kunnen ontstekingsverschijnselen verminderen. De zwarte bes is rijk aan de antioxidant epigallocatechine, een metaboliet die in pro-anthocyanidines zit, evenals in groene thee. Deze stof helpt het immuunsysteem bij het verminderen van ontstekingsreacties.

De kans op ontstekingen neemt toe bij een hoge ratio tussen omega-6-vetzuren en omega-3- vetzuren in de voeding, waardoor de prostaglandine (PGE2) productie toeneemt. PGE2 stimuleert het immuunsysteem in de richting van een allergisch immuunrespons die wordt gedomineerd door type Th 2-helpercellen. PGE2 onderdrukt de activiteit van type Th1-helpercellen en verstoort de balans tussen Th2- en Th1-cellen. Voldoende inname van omega-3-vetzuren kan de PGE2-productie onderdrukken. Mogelijk wordt de allergische immuunrespons ook voorkomen of afgezwakt door beïnvloeding van de signaaloverdracht en genexpressie in (immuun)cellen.

De kans op het ontwikkelen van ontstekingen als gevolg van een (voedings)allergie bij een kind is vermoedelijk kleiner als de moeder al tijdens de zwangerschap meer omega-3-vetzuren gebruikt en haar kind na de geboorte ook voldoende omega- 3-vetzuren geeft.

Relatie tussen darmimmuniteit en lymfklierontstekingen

De taak van het afweersysteem is om ziekmakende bacteriën en virussen die het lichaam binnendringen, aan te vallen en op te ruimen. Omdat de mucosale weefsels van de darmen dagelijks in contact komen met miljoenen bacteriën, zal het mucosale afweersysteem hiertegen een passende afweerreactie moeten vormen. Vitamine A en D zijn zeer belangrijk voor het functioneren van het mucosale afweersysteem.

Onvoldoende inname van vitamine A en D leidt tot een verzwakt mucosaal afweersysteem en een verslechterd ziektebeeld bij ontstekingen. Een verhoogde omzetting van vitamine A tot retinolzuur draagt bij aan een verlaagde gevoeligheid voor de ontwikkeling van ontstekingen.

De beste basis voor een goed afweersysteem is borstvoeding. Door borstvoeding wordt de darmflora (de basis van het afweersysteem) van het kind beter aangelegd. De stof Lactoferrine bijvoorbeeld, is aanwezig in moedermelk. De darmen van baby’s die alleen borstmelk krijgen, bevatten zeer veel bifidobacteriën (goede darmflora bacterie). Lactoferrine bevordert hun groei, verhoogt de weerstand tegen ongunstige micro-organismen en bevordert fagocytose.

Lactoferrine bindt ijzer, waarmee het de celmembraan van micro-organismen aantast en remt op die manier de actie schadelijke bacteriën. Moedersmelk bevat ook het vetzuur monolaurine. Monolaurine is dodelijk voor tal van virussen waaronder ook het griepvirus. Monolaurine is ook actief tegen o.a. het pneumovirus en de Candida albicans. Monolaurine verstoort het lipidemembraan van virussen en voorkomt hechting aan de gastheer.

Commentaar NDN

Wat betekenen al deze bovengaande gegevens nu in de praktijk? Voor de aanpak bij lymfklierontstekingen kunt u met uw natuurarts en natuurdiëtist aan de volgende stappen denken:

1. Eet volgens de top tien voedingsregels van de NDN Volg dagelijks onze top 10 aan voedingsregels. Zij vormen de basis voor een behoud of herstel van een goede gezondheid. 2. Doe onderzoek naar voedselintolerantie of allergieHoudt rekening met eventueel aanwezige voedselintoleranties/allergie. Denk aan problemen met zuivel, granen, noten, salicylaten (biogene aminen), etc. Laat u of uw kind eventueel testen op type IgE en IgG4 voedseltesten.

Bij verhoogde waardes van Secretorisch IgA (ontlastingonderzoek) kan er sprake zijn van eventuele reacties op voeding. De slijmvliesimmuniteit wordt door een langdurige belasting met antigenen overmatig getriggert waardoor een overproductie van het secretorisch IgA ontstaat. Vaak kunnen voedingsintoleranties of allergieën hiervoor verantwoordelijk zijn.

De verhoogde Secretorisch IgA wijst bijvoorbeeld op een overmatige immuunsysteem reactie. Vaak is dit te zien bij voedingsintolerantie van het type IgG4. Is gelijktijdig Alpha-1 Antitrypsine (ontlasting) verhoogd dan bestaat er ook een verhoogde permeabiliteit van het darmslijmvlies (lekkende darm syndroom). Verhoogde permeabiliteit geeft vaak ontstekingsreacties elders in het lichaam zoals; lymfklierontstekingen ( zogenaamde Homing).
3. Laat de voedingsconditie bepalen (voedingsstatus in het bloed)Test uw voedingsconditie en daarbij in het bijzonder aan Vitamine A , vitamine D, zink en de vitamine B soorten.
4. Doe nader onderzoek naar het darmmilieu De darm is het regelcentrum van de gezondheid, dus laat er nader onderzoek naar doen door middel van gespecialiseerde ontlastingonderzoeken en urineonderzoek(indicaan/skatoltest).
5. Vul (indien nodig) aan met extra nutriënten (vitaminen, mineralen en vetzuren). Meten is (iets meer) weten. Als blijkt dat de voedingsstatus onder de maat is dan is extra aanvulling naast de top tien voedingsregels aan te bevelen.

Voedings- en laboratoriumtesten

Laboratoriumtesten urine bloed ontlasting en speekseltesten Natuurdiëtisten kunnen als geen ander uw voedingsstatus inschatten en adviezen geven op het gebied van voeding in relatie tot ziekte en gezondheid. Dit doen ze aan de hand van laboratoriumtesten.

Met laboratoriumbepalingen is de natuurdiëtist in staat uw voedingsstatus te bepalen en de dieetadviezen op maat te maken en door laboratoriummonitoring te evalueren en zo nodig bij te stellen.

Wij werken samen met de Duitse fabrikant van laboratoriumtesten Medivere. Medivere levert laboratorium diagnostische diensten waarbij de conventionele geneeskunde als ook aanvullende (complementaire) medische diagnostica en therapieën optimaal worden gecombineerd.

Op onze pagina over voedings- en laboratoriumtesten kunt u alle Medivere testen bekijken en bestellen.

Literatuur en links:

1. Cochrane Database Syst Rev, 2011; 2: CD001364

2. Mol Nutr Food Res, 2010; doi: 10.1002/mnfr.200900297

3. Seo T et al. Omega-3 fatty acids: molecular approaches to optimal biological outcomes. Curr Opin Lipidol. 2005;16(1):11-8.

4. Calder PC. n-3 polyunsaturated fatty acids, infl ammation, and infl ammatory diseases. Am J Clin Nutr. 2006;83(6Sl):1505S- 1519S

5. Wakabayashi H, Teraguchi S, Tamura Y. Increased Staphylococcus-killing activity of an antimicrobial peptide, lactoferricin B, with minocycline and monoacylglycerol. Gratis Biosci Biotechnol Biochem. 2002 Oct;66(10):2161.

6. Preuss HG, Echard B, Enig M, Brook I, Elliott TB. Minimum inhibitory concentrations of herbal essential oils and monolaurin for gram-positive and gram-negative bacteria. Mol Cell Biochem. 2005 Apr;272(1-2):29-34.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen