skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

Visolie en effect op chemotherapie

Eind 2011 kopte een persbericht van het UMC Utrecht: “tumoren ongevoelig door visolie”. De NOS-radio, het ANP en vervolgens vele media namen dit bericht over met als algemene waarschuwing: gebruik geen visolie bij chemotherapie. Aanleiding was een publicatie van Utrechtse onderzoekers (o.l.v. prof. Emile Voest) in het tijdschrift Cancer Cell (2011 Sep 13;20(3):370-83).

Het UMC verbond daaraan het advies geen visolie(supplementen) te gebruiken in combinatie met chemotherapie. Dit standpunt werd kritiekloos overgenomen door de landelijke en internationale pers. Eerdere onderzoeken lieten juiste een gunstig effect bij chemotherapie zien. Wat kan de verschillen in standpunt verklaren?

Visolie kan ook schadelijk zijn

“Visolie wordt overal gepromoot als erg gezond, ondanks het gebrek aan wetenschappelijk bewijs voor de werkzaamheid ervan”, zegt onderzoeksleider professor Emile Voest. “Mensen denken dat het goed voor hen is, zeker als hun weerstand verminderd is door een zware behandeling. Maar dat is dus niet waar als iemand chemotherapie ondergaat. Dan kan het wel degelijk schadelijk zijn.”

De onderzoekers bogen zich over de vraag waarom patiėnten vaak in de loop van hun behandeling minder gevoelig worden voor chemotherapie. Dat komt doordat onder invloed van de chemotherapie stamcellen in het bloed twee vetzuren aanmaken, die de werking van de chemotherapie blokkeren.

Vetzuren

De twee vetzuren die het menselijk lichaam produceert onder invloed van chemotherapie, komen ook voor in sommige visolie-supplementen met omega-3 en omega-6 vetzuren en in sommige algenextracten die vrij te koop zijn.

De vetzuren maken de kankertumoren ongevoelig voor de chemotherapie. In de experimenten werden tumoren in muizen ongevoelig voor chemotherapie door toediening van normale hoeveelheden visolie.

Medicijnen

Het was lang onduidelijk waarom chemotherapie vaak minder effectief wordt, naarmate de behandeling vordert. De ontdekking die de onderzoeksgroep van professor Voest heeft gedaan, maakt het op termijn wellicht mogelijk om in te grijpen in het ontstaan van resistentie voor chemotherapie.

De onderzoekers hebben namelijk ook verschillende medicijnen gevonden die in staat zijn om de ongevoeligheid voor chemotherapie weer op te heffen. Als het mogelijk is om die middelen tegelijk met de chemotherapie toe te dienen, wat nog onderzocht moet worden, zou het ontstaan van resistentie tegen chemotherapie mogelijk zelfs voorkomen kunnen worden.

Het halve verhaal van visolie bij chemotherapie in de pers

De redactie van ORTHOmagazine heeft n.a.v. het onderzoek van Voest het een en ander uitgeplozen en vond de volgende opmerkelijke zaken. Er is in het onderzoek geen kankerpatiėnt geweest die visolie toegediend heeft gekregen. Sterker: het onderzoek betrof muizen.

Het ging niet om chemotherapeutica, maar uitsluitend om platina-bevattende chemotherapeutica. Sterker: andere chemotherapeutica, waaronder het veel toegepaste 5FU, lieten geen negatief resistentie-effect zien.

In een NOS radio-interview van 12 september, heeft Voest het steeds over visolie (waarom niet over vis?). Het ging echter in het interview, slechts over één visvetzuur (eicosatetraeenzuur), dat in zeer lage concentraties in een aantal (lang niet alle(!)) visoliesupplementen voorkomt. Dus het gaat niet om EPA en DHA.

Slechts één aspect (optreden van resistentie) van één vetzuur dat soms in zeer kleine concentraties voorkomt in supplementen (eicosatetraeenzuur), werd geļsoleerd onderzocht. Visoliesupplementen hebben tal van andere, juist gunstige eigenschappen, aldus de redactie van ORTHOmagazine.

Commentaar NDN

Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen over het vis(olie)beleid bij chemotherapie. De NDN redactie is net als de ORTHO magazine redactie nieuwsgierig of het eten van vette vis dan ook tot de ‘verboden’ voeding bij chemotherapie gaat behoren. Vette vis en noten mochten 35 jaar geleden niet geadviseerd worden bij hart en vaatziekten. Tegenwoordig juist wel, vanwege de gunstige vetzuren. Eieren hebben ook jaren in een kwaad daglicht gestaan. Nu zijn ze goed voor van alles en nog wat.

Wetenschappelijke studies van de afgelopen jaren, tonen steeds vaker aan dat diverse type vetzuren (afhankelijk van hun moleculaire structuur) hun eigen remmende en activerende effecten op het lichaam hebben. Een zeer gecompliceerd scheikundig plaatje dus, waarin je niet direct kan stellen dat een voedingsmiddel slecht of goed is. Het hangt o.a. af van de onbalans (de ziekte) in het lichaam, de constitutie (aanleg), de stofwisselingskenmerken, de dosis, de absorptie, de synergie en nog veel meer factoren, waar nog veel onderzoek naar nodig is.

Het UMC en de pers, is in de berichtgeving onzorgvuldig geweest en heeft daarmee veel onduidelijkheid en onrust veroorzaakt onder de betreffende patiėnten. De biochemie zit zo gecompliceerd in elkaar dat een oppervlakkige discussie niet gevoerd mag worden door journalisten in de pers, die geen verstand van voedingszaken hebben.

Mensen zijn geen muizen. Voordat veel mensen zich allemaal muizenissen in hun hoofd halen van de tegenstrijdige berichtgeving die er regelmatig over voeding in de media verschijnt, zou het voorlopig advies kunnen zijn:
Eet wat de natuur u geeft en gebruik daarbij al uw zintuigen, intuļtie en boerenverstand. Laat u daarnaast goed voorlichten door diverse deskundigen en laat u vooral niet gek maken door berichtgeving uit de algemene pers. Het gaat daarin steeds vaker om snelle ongare kost die schijnbaar licht verteerbaar is gemaakt, maar achteraf volkomen verkeerd valt.

Literatuur en links:

Cancer Cell (2011 Sep 13;20(3):370-83)

www.ortho.nl

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen