skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1500 artikelen over gezondheid!

Kwaliteitseis voor supplementen: GMP of HACCP?

Er zijn tegenwoordig zeer veel voedingssupplementen verkrijgbaar. De kwalitatieve verschillen tussen de producten zijn vaak groot. Deze wordt medebepaald door de hoeveelheid, diversiteit en opneembaarheid van de verschillende voedingsstoffen. Daarnaast kunnen vele andere aspecten een rol spelen zoals:

Samenstelling op basis van wetenschappelijk onderzoek

Het product dient bij voorkeur te zijn samengesteld op basis van wetenschappelijk onderzoek naar de functies en werking van voedingsstoffen in het lichaam. Dit betekent vaak dat de samenstelling verder gaat dan de ADH (= aanbevolen dagelijkse hoeveelheid) die is vastgesteld om tekorten te voorkomen. Voor het bevorderen van een optimale gezondheid is in veel gevallen meer nodig.

Productie op basis van GMP richtlijnen

In de USA is het sinds 2002 verplicht voor fabrikanten van voedingssupplementen om te werken volgens GMP-richtlijnen voor de levensmiddelenindustrie. Sommige fabrikanten gaan echter nog een stap verder en werken volgens GMP (= Good Manufacturing Practices) richtlijnen van de farmaceutische industrie. Fabrikanten die een vergunning voor GMP-producten willen krijgen, dienen aan strenge normen te voldoen. Zo dient er zeer hygiënisch te worden gewerkt (o.a. voorgeschreven kleding, afzuiging, isolatie e.d.) en dient het productieproces zodanig procedureel te zijn geregeld, dat kwaliteit en kwantiteit van grondstoffen, halffabricaten en eindproducten onder voortdurende controle staan.

ProductiefaseControles en tests per batch
Grondstoffenmicrobiologie (identificatie), analyse
Productieprocesbevochtiging van granules (desintegratie), hardheid van tabletten (kwetsbaarheid), gewichtscontrole (gewichtsvariatie en dikte)
Halffabricatennutriënten-analyse
Bulkproductiemicrobiologie, nutriënten-analyse, desintegratie- en oplossings-tests
Verpakkingtelcontroles, label-controle

 

GMP volgens farmaceutische richtlijnen is puur een beschrijving van de werkwijzen en voorwaarden hoe een deugdelijk product moet worden afgeleverd. Met name gericht op de bedrijfsinrichting, bedrijfsvoering en procescondities. Er is inmiddels ook een GMP for food supplements. Fabrikanten die aan GMP willen voldoen moeten zich aan strenge eisen houden.

GMP versus HACCP

Voor producenten van voedingssupplementen is het in Nederland verplicht om minimaal te voldoen aan HACCP (Hazard Analysis Critical Control Points). Binnen HACCP wordt een inventarisatie gemaakt van alle mogelijke risico’s en kritische controlepunten, die bij de productie, het verpakken en de distributie van voedingssupplementen een rol kunnen spelen. HACCP is daarmee met name een preventief systeem dat door bedrijven zelf moet worden uitgevoerd. Door de gezondheidsrisico’s in bereidings- en behandelingsprocessen op te sporen en deze vervolgens beheersbaar te maken, kan de veiligheid van het eindproduct worden verhoogd.

De 7 kernpunten van een goed uitgewerkt HACCP-systeem zijn:

  1. inventariseert alle potentiële gevaren;
  2. stelt de kritische beheers punten (CCP’s) vast, de punten in het proces waar het risico kan worden voorkomen of beperkt;
  3. geeft per CCP de kritische grenzen aan;
  4. stelt vast hoe de CCP’s bewaakt ofwel “gemonitord” worden;
  5. legt per CCP de correctieve acties vast die moeten leiden tot herstel van de veiligheid;
  6. past verificatie toe: een periodieke check om na te gaan of de HACCP aanpak goed werkt;
  7. houdt documentatie en registraties bij: vastleggen wat je hebt aangepast en hoe.

Enkele bedrijven produceren naast voedingssupplementen ook geneesmiddelen. Deze bedrijven hebben, naast alle noodzakelijke vergunningen en eisen voor de productie van voedingssupplementen, tevens een GMP-vergunning (vergunning voor de productie van geneesmiddelen). Daarmee zijn zij in staat om met betrekking tot de bereiding van voedingssupplementen iets extra’s te bieden. Ook bij deze bedrijven is immers de aanwezigheid van een goed uitgewerkt HACCP-systeem een wettelijke vereiste.

GMP (Good Manufacturing Practices) is een kwaliteitsborgingssysteem voor de farmaceutische, cosmetische en voedingsmiddelenindustrie. Bij GMP gaat het er om, dat nauwkeurig wordt vastgelegd hoe en onder welke omstandigheden een product wordt gemaakt. Tijdens de productie worden alle grondstoffen, tussenproducten en eindproduct gecontroleerd en wordt het proces precies bijgehouden op het zogenaamde bereidingsprotocol.

Enkele basisprincipes binnen GMP zijn:

  • alle grondstoffen en verpakkingsmaterialen zijn vastgelegd en moeten voldoen aan de specificaties;
  • de kwaliteit van grondstoffen en eindproducten wordt getest;
  • alle procedures zijn vastgelegd in zogenaamde SOP’s en het productieproces van iedere partij in het charge-bereidingsprotocol;
  • al het personeel is gekwalificeerd en getraind voor de uit te voeren werkzaamheden;
  • fabrieks- en productieomstandigheden zijn ontworpen en worden gecontroleerd om verontreiniging tegen te gaan en verwisselingen te voorkomen;
  • alle veranderingen in de werkvoorschriften en eventuele afwijkingen in de gevolgde procedures worden vastgelegd;
  • het ligt vast wie eindverantwoordelijk is voor de kwaliteit van de producten.

Selecteren, afwegen en homogeen mengen van de grondstoffen

Wanneer een bedrijf ook een GMP-vergunning heeft kunnen delen van de gevalideerde processen voor geneesmiddelen ook worden benut voor de productie van voedingssupplementen. Hiervan is o.a. sprake bij het selecteren en afwegen van de grondstoffen en tijdens het mengproces van de verschillende grondstoffen tot een homogeen gemengd poeder.

Bij het afwegen garandeert dan het systeem dat de juiste hoeveelheid van de juiste grondstof wordt afgewogen. Dit voorkomt dat onveilige hoeveelheden of verkeerde grondstoffen in een voedingssupplement terechtkomen. Het systeem controleert dit bovendien totaal onafhankelijk van de werkzaamheden van de operator. In het mengproces wordt dan een actieve component gebruikt als marker. Op deze manier is vastgesteld dat het proces van homogeniseren ervoor zorgt dat uiteindelijk een homogeen gemengd poeder verkregen wordt.

Dat is, tezamen met het gebruik van de juiste hulpstoffen, de enige manier om een goede verdeling van de gebruikte grondstoffen te verkrijgen, waardoor iedere tablet of capsule de opgegeven samenstelling ook daadwerkelijk bevat.
De operators, die werken aan de bereiding van de voedingssupplementen, zijn binnen deze bedrijven GMP opgeleid, waardoor het gehele productieproces voor voedingssupplementen op een ho(o)g(er) niveau wordt uitgevoerd.

Naast de gebruikelijke kwaliteitssystemen en –waarborging die bijvoorbeeld HACCP en/of FSSC22000 voorschrijven, onderscheidt GMP zich verder in positieve zin op de volgende gebieden:

  • Verplichte validering van alle apparatuur bij aanschaf en daarna iedere 3 jaar.
  • Verplicht aantonen dat elke productiestap onder controle is. Dit kan op basis van risico afweging. Belangrijkste aspect hierin is dat de fabrikant aantoont dat hetgeen geproduceerd is (tabletten, capsules), bij vrijgifte een homogene verdeling heeft en de gevonden waarden binnen zeer strikte bandbreedtes liggen (+5% of -5%). Binnen HACCP is dat +50% / -20% voor vitamines en +45% / -20% voor mineralen, terwijl voor andere voedingsstoffen helemaal geen grenzen zijn vastgesteld.
  • Verplichte identificatie van de grondstoffen die worden gebruikt voor de bereiding van het voedingssupplement of kruidenpreparaat.
  • Verplichte controle op de luchtkwaliteit. Producten die onder GMP worden geproduceerd worden bereid in A of D (tegenwoordig binnen de Nen-normen beschreven als ISO-klasse) ruimtes. In deze ruimtes wordt de luchtkwaliteit incidenteel dan wel continu gemeten, waardoor microbiële contaminatie via de lucht tot een minimum wordt beperkt.

Samenvatting

De conclusie, dat voedingssupplementen die onder GMP-condities zijn geproduceerd minder onderhevig zijn aan variaties vanwege een stabielere en meer gecontroleerde productie-omgeving, is gerechtvaardigd. Zonder deze GMP-condities wordt moeilijker om te kunnen blijven garanderen dat elke batch voedingssupplementen van dezelfde hoge kwaliteit is. De algehele kwaliteit voor dergelijke voedingssupplementen wordt dus beter gewaarborgd door het toepassen van productieprocessen die gevalideerd zijn vanuit de GMP in combinatie met de opleiding van de operators.

Grondstoffen

De kwaliteit van het eindproduct begint bij de ruwe, onbewerkte grondstoffen. De fabrikant van voedingssupplementen bepaalt naast de wettelijke kwaliteitscriteria zelf de kwaliteitscriteria van de grondstoffen op het gebied van oorsprong, zuiverheid (gehaltes aan residuen van bestrijdingsmiddelen en verontreinigingen en dergelijke), gehalte werkzame stoffen etc.Het gehalte werkzame stoffen die op basis van effectieve dosis te worden onderbouwd. Sommige fabrikanten houden voorraad van de grondstoffen, andere kiezen ervoor om per productieserie in te kopen, mede in verband met de versheid van de grondstoffen. Vanzelfsprekend hangt er aan ieder criterium een prijskaartje dat doortelt in het eindprodukt.

Natuurlijke bestanddelen

Het product bevat, waar mogelijk, natuurlijke grondstoffen. Zo wordt de kwaliteit van vitamine E bijvoorbeeld voornamelijk bepaald door het feit of het 100% natuurlijke vitamine E (d-tocoferol) of synthetische vitamine E (dl-tocoferol) is. Natuurlijke vitamine E is in het lichaam twee tot drie maal actiever dan synthetische.

Optimale mineraalverbindingen

  1. Synthetische preparaten komen uit het reguliere kanaal dat het begrip ‘relatief tekort’ niet erkent

    In de eerste plaats bevatten synthetische preparaten uitsluitend anorganische vitamines en mineralen. Deze zijn goedkoper te produceren dan echte lichaamseigen stoffen die minimaal natuuridentiek moeten zijn. Anorganische mineralen worden echter maar zeer beperkt door het lichaam opgenomen. Het zijn geen voedingsmineralen, maar bodemmineralen, en het ecologisch systeem op aarde is nu eenmaal zo gebouwd, dat planten voor ons de mineralen uit de grond halen. Organisch gebonden mineralen nemen daarom zoals al eerder gesteld in het algemeen een stuk beter op, bijv. citraten, picolinaten en aminozuurchelaten.

  2. In de tweede plaats zijn de doseringen in een synthetisch preparaat altijd veel lager dan naar orthomoleculair inzicht nodig is. Synthetische preparaten komen uit het reguliere kanaal dat het begrip ‘relatief tekort’ niet erkent, en dus worden alleen preparaten aangeboden die absolute tekorten opheffen (dus niet de grotere, relatieve tekorten). Aangezien de behoefte bij mensen in de samenleving ver uitgaat boven de hoeveelheden in synthetische preparaten, voegt zij weinig waarde toe aan de gezondheid. En het is eigenlijk maar goed dat ze zo laag gedoseerd zijn, want zouden ze hoger gedoseerd zijn, dan konden bepaalde mineralen (vanwege hun anorganische vorm) schadelijk zijn, zoals ongecheleerd koper en ongecheleerd ijzer, die de schade door vrije radicalen sterk kunnen verhogen en daardoor maagdarmproblemen kunnen geven.
  3. Lichaamseigen vitamines zijn, ook indien ze kunstmatig worden gemaakt, qua moleculaire structuur geheel gelijk aan de natuurlijke vorm (Natuuridentiek), en kunnen dan als lichaamseigen worden beschouwd, d.w.z. zonder bijwerkingen. Veel vitamines en andere voedingsstoffen die in orthomoleculaire voedingssupplementen op de markt worden gebracht, worden door middel van zogenaamde fermentatieprocessen verkregen. Dit is een natuurlijk proces, waarbij een natuuridentieke vitamine wordt verkregen. Er zijn echter ook synthetische vitamines, waarvan de moleculaire structuur wel hetzelfde is als van de natuurlijke, maar de zogenaamde ruimtelijke structuur niet, zoals de kunstmatige vitamine E, de dl-alfa-tocoferol. Natuurlijke vitamine E is de d-vorm; de l-vorm is lichaamsvreemd en dit vormt de verklaring voor het feit dat de kunstmatige vitamine E minder effectief werkt en sneller (deels andere) bijwerkingen geeft dan de natuurlijke alfa-tocoferol.

Synthetische preparaten zijn uiteraard veel goedkoper in aanschaf dan de echte orthomoleculaire voedingssupplementen, maar er is dan ook een groot verschil in werking.

Geen onnodige toevoegingen

Het is vanzelfsprekend dat het product geen onnodige toevoegingen bevat, zoals suiker, zout , gist, zetmeel of gluten. Ook synthetische geur, kleur en smaakstoffen horen niet thuis in het voedingssupplement.

Vrij van genetische manipulatie (GMO)

Al eeuwenlang is de mens bezig om de erfelijke eigenschappen van planten en dieren te verbeteren. Denk aan allerlei gekleurde paprika’s, pitloze druiven, maar ook aan rashonden en andere dieren. De huidige planten en dieren hebben daardoor een andere ‘genetische code‘ dan hun soortgenoten van honderden jaren geleden. Met de moderne gentechnieken kan heel gericht een stukje van het erfelijk materiaal veranderd worden; bepaalde erfelijke eigenschappen in een plant of dier kunnen toegevoegd of juist worden uitgeschakeld. Om schadelijke effecten voor mens en milieu te voorkomen en controle op het gebied van genetische modificatie in te bouwen, heeft de Europese Unie richtlijnen aangescherpt, die sinds 18 april 2004 van kracht zijn. Deze regelgeving geldt ook voor alle voedingssupplementen en voedingsmiddelen. Om te weten te komen of er in een product genetische gemodificeerde bestanddelen aanwezig zijn of dat er ergens in het productieproces gentechnologie is toegepast, is de consument afhankelijk van de informatie op het etiket. Voor dat de nieuwe wet voor Genetic Modified Organisms (GMO; in Nederland de wet GGO; Genetisch Gemodificeerde Organismen) was doorgevoerd, was deze informatie op het etiket niet verplicht. Sinds 18 april 2004 is dat wel het geval. Maar er zijn vanaf die dag nog meer verplichtingen voor bedrijven namelijk:

  • Een genetisch gemodificeerd ingrediënt moet op het etiket vermeld worden, ook als het verschil met een product zonder genetische modificatie niet meer aantoonbaar is.
  • Alleen bij producten die minder dan 0,9% gmo ’s bevatten, hoeft geen vermelding op het etiket geplaatst te worden.
  • Ook bij onverpakte producten moet duidelijk worden aangegeven of er sprake is van gmo ‘s.
  • Bedrijven die een grondstof of ingrediënt leveren dat van oorsprong genetisch gemodificeerd is moeten dit vermelden aan het bedrijf dat hun grondstoffen afneemt. op die manier is het ingrediënt traceerbaar, waardoor een juiste etikettering kan plaatsvinden.
  • Als een bedrijf kan aantonen dat er geen genetisch gemodificeerde ingrediënten in het product aanwezig zijn, dan kan vermelding op het etiket achterwege blijven.
  • De Warenwet verbiedt in ons land de aanduiding ‘gmo-vrij ‘op etiketten van voedingsmiddelen. Wel mag de term ‘bereid zonder gentechniek ‘worden gebruikt wanneer in het hele productieproces aantoonbaar geen gebruik is gemaakt van gentechnologie. Wanneer een product bereid is met genetisch materiaal moet dit op het etiket vermeld worden. In de wet staat niet dat er melding gemaakt mag worden van het feit dat het bereid is zónder gentechniek.

Een product moet in de productieketen gevolgd kunnen worden. Dat houdt in dat alle ingrediënten traceerbaar moeten zijn van ‘de boer tot de consument ‘. Deze traceerbaarheid maakt het gemakkelijker om producten uit de handel te nemen als dat voor de bescherming van de gezondheid van mens en dier noodzakelijk is.

Ook op het gebied van allergenen wordt een nieuwe etikettering verplicht van 25 november 2005. Voor een 12-tal stoffen geldt verplichte vermelding op het etiket, als deze in het product zijn verwerkt: glutenbevattende granen (tarwe, rogge, gerst, haver, spelt, kamut), schaaldieren, eieren, vis, pinda, soja, melk (inclusief lactose), noten (amandelen, hazel-, wal-, cashew-, pecan-, para-, pistache- en macadamianoten), selderij, mosterd, sesamzaad, zwaveldioxide en sulfiet (indien > dan 10 mg/kg). Deze stoffen moeten met een duidelijke verwijzing naar de naam van het ingrediënt (waarvan de stoffen afkomstig zijn) op het etiket worden vermeld. Dus als weipoeder gedeclareerd wordt, dient de bron (afkomstig van melk) gemeld worden.
( bron: Orthica Folia)

Vegetarische capsules

Er zijn tegenwoordig verschillende vegetarische capsules. Normaal gebruikt men gelatine voor het maken van capsules. Gelatine is een bijproduct van het slachten van dieren. Het is goedkoop en in overvloed verkrijgbaar. Vegetarische capsules zijn gemaakt van puur plantaardig materiaal zoals agar-agar. Het geregistreerde handelsmerk Vegicap, wat door een aantal bedrijven gebruikt wordt, gebruikt bamboevezels om bacteriegroei te vermijden en garandeert bovendien dat de capsule vrij is van gist en gluten, suiker en kleurstoffen.

Vrij van BSE

Veel capsules zijn gemaakt van gelatine, een bijproduct van het slachten van dieren. Alhoewel er goede alternatieven voor handen zijn zoals vegetarische capsules, kan men soms niet om het gebruik van gelatine capsules heen, zoals voor vetzuren. De grondstoffen van deze capsules zijn vaak afkomstig van runderen. Indien men de garantie wil hebben dat deze capsules BSE vrij zijn dienen de grondstoffen afkomstig te zijn uit landen waarin BSE niet voorkomt en belangrijker nog, dienen de runderen “free range” te zijn opgevoed. Dit wil zeggen dat zij vrij in grasland hebben kunnen grazen en op geen enkele wijze bijgevoerd zijn met veevoer. Het geven van veevoer waarin resten van besmette runderen zijn verwerkt, is de enige bekende wijze waarop BSE besmetting bij runderen kan plaatsvinden.

Kosher

Voor voedingssupplementen kan een kosher certificaat afgegeven worden. Hierbij wordt iedere stap tussen grondstof en eindproduct gecontroleerd volgens de traditionele eisen op het gebied van voeding, voedingscombinaties, hygiëne en kwaliteit. Een kosher keurmerk op de verpakking garandeert dat de producten niet alleen kosher zijn maar bovendien veganistisch. Deze producten zijn niet alleen wenselijk voor mensen met een bepaalde geloofsopvatting, maar ook voor veganisten, vegetariërs en mensen met een lactose intolerantie.

Bijzondere voedingsstoffen

Voordat het lichaam bv. B-vitaminen kan benutten , moeten deze namelijk eerst omgezet worden in hun actieve zogenaamde Co-enzymatische vorm (bv. B6 in pyridoxal-5-phos.). Deze actieve B vitaminen zijn duurder vanwege hun bijzondere verbinding. Ester-C is ook zo’n bijzondere verbinding. Meestal wordt de goedkopere ascorbinezuurverbinding gebruikt.

Kruiden

De kwaliteit van kruiden is van zeer veel factoren afhankelijk, variërend van de groei omstandigheden( grondstof en klimaat), het tijdstip van de oogst, de wijze van drogen, opslag en transport, de gebruikte delen van de plant en de controle op verontreinigingen en micro-organismen. De kwaliteit van kruiden en kruidencomplexen wordt ook bepaald door het gehalte aan werkzame bestanddelen en de zuiverheid van de kruiden. Omdat een kruid een natuurproduct is kan het gehalte aan werkzame stoffen per plant verschillen. Gestandaardiseerde kruidenpreparaten garanderen dat iedere capsule of tablet een constante hoeveelheid werkzame stoffen bevat. Het geregistreerde Full Potency (TM) handelsmerk staat voor een oude Chinese receptuur waarbij kruidenextracten gecombineerd worden met een basis van biologisch geteelde of in het wild verzamelde, onbewerkte, pure, niet doorstraalde, gedroogde kruiden. De actieve bestanddelen van het gedroogde kruid, garanderen zo een optimale werkzaamheid. Het geregistreerde PhytO2X (TM) Systeem voor kruiden garandeert dat de werking van de kruiden wordt beschermd door middel van natuurlijke conservering: aan het kruid is antioxidanten complex toegevoegd om de werkzame bestanddelen in alle kruidenproducten te beschermen tegen invloeden van buitenaf zoals licht, lucht en vocht. Het PhytO2X (TM) Systeem bestaat uit een mengsel van 100% extract en vitamine C. Ook bij kruiden is het altijd van belang te kijken op het etiket wat het percentage actieve bestanddelen is. Dit wordt niet altijd vermeld. Zowel het geregistreerde Full Potency (TM) als het geregistreerde PhytO2x (TM) zijn een handelsmerk en geen wettelijke verplichting. DIt is een bedrijfsspecifiek vastgelegde wijze van werken in dit geval. Maar of het een meerwaarde heeft is zo niet te beoordelen.

Etiketten lezen

  1. Let goed op of de hoeveelheden die zijn aangegeven, betrekking hebben op één capsule of tablet, dan wel meerdere!
  2. Kijk of de opgenomen mineralen gecheleerd zijn, dan wel anorganisch. Anorganische mineralen (d.w.z. ongebonden, zoals oxides, sulfaten, fosfaten, e.a.), neemt de darm moeizamer op.
  3. Kijk of de mineralen zijn aangegeven met hun elementaire waarde, d.w.z. de werkelijke hoeveelheid mineraal exclusief de eraan gebonden stof.
  4. Kijk of alle vitamines wel lichaamseigen zijn, dus niet anorganisch. Zo moet de aanwezige E d-alfa tocoferol zijn, en niet dl-alfa tocoferol. Verder dienen de vitamines D en K (voor zover aanwezig) bij voorkeur te zijn opgenomen in de natuurlijke vorm van resp. D3 (ergocalciferol) en K1 (fytomenadion).
  5. Schenk geen waarde aan vermelde stoffen indien daarvoor geen hoeveelheden zijn aangegeven. Het betreft dan vrijwel zeker stoffen die deel uitmaken van het basismateriaal, en zijn dan slechts in zeer kleine hoeveelheden aanwezig. Vermelding daarvan is dan ook uitsluitend een optisch effect.
  6. Gebruik géén zg. time-release preparaten. Deze preparaten zijn niet nuttig, omdat:
    – de verwerkte stoffen in dit soort preparaten slechts gedeeltelijk worden geabsorbeerd;
    – deze preparaten de afregelmechanismen van de spijsvertering doorbreken, waardoor belangrijke voedingsbalansen niet goed kunnen worden geëffectueerd.
  7. Kijk of het product hypo-allergeen is. Is dit niet specifiek aangegeven, dan is het dat niet en dan loopt men een (bij gezonde mensen overigens klein) risico op allergische reacties.
  8. Kijk of het product een uiterste gebruiksdatum vermeldt. Dit is een wettelijke verplichting. Is dit niet het geval, koop het dan niet omdat u het risico loopt op een vergaand geoxideerd, en daardoor zelfs schadelijk, product.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen