skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1500 artikelen over gezondheid!

Herfst: extra leverondersteuning

Een belangrijke levertaak is o.a. om stoffen die schadelijk zijn voor het lichaam af te breken. Maar door het moderne leven krijgt de lever steeds meer lichaamsvreemde stoffen te verwerken. We drinken niet alleen meer alcohol en gebruiken meer partydrugs dan vroeger maar ook het medicijngebruik stijgt.

Die horen niet in het lichaam thuis en kunnen na gedane arbeid schadelijke sporen achterlaten. Ook via drinkwater, luchtverontreiniging, de voeding, cosmetica, komen diverse giftige stoffen binnen. Antibiotica en hormoongebruik zorgen tevens voor een extra belasting van de lever.

En dan is er nog het jachtige leven dat ervoor zorgt dat er veel stresshormonen omgezet moeten worden door de lever. Al deze hierboven genoemde stoffen verliezen pas hun schadelijke effect als ze de lever zijn gepasseerd.

Met een biochemische vlijt en vernuft waar menig laborant jaloers op kan zijn, weet de lever talloze stoffen onschadelijk te maken en het lichaam uit te werken. Met een gewicht van circa 1500 gram en gemiddeld 1400 taken is de lever niet voor niets het grootste orgaan van het lichaam.

Leverontgifting in drie stappen

Het ontgiftingsproces van de lever bestaat uit drie verschillende processen die elkaar aanvullen. Deze processen worden fase 1, 2 en 3 van de biotransformatie (afbraak of metabolisme) genoemd.
Hoe snel die fasen verlopen is heel belangrijk voor uw gezondheid. Net als de onderlinge verhouding daarin.

Verloopt de eerste fase sneller dan de tweede dan ontstaan er vrije radicalen (agressieve verbindingen die celschade geven). Verloopt de tweede fase te traag door onvoldoende zwavelhoudende aminozuren dan kan zich dit uiten in bijvoorbeeld: vermoeidheid, hoofdpijn, spierpijn, oedeem, buikklachten, verstopping, misselijkheid, vieze metaalsmaak in de mond, huidklachten, duizeligheid en jeuk.
Fase 1: eerste stap in gifstoffen onschadelijk makenIn fase 1 vinden met behulp van enzymen chemische omzettingen (reacties) plaats. Een enzym is een eiwit, dat een bepaalde reactie in of buiten een cel katalyseert. Een katalysator is een stof die de snelheid van een bepaalde chemische reactie beïnvloedt zonder zelf verbruikt te worden. Een deel van de giftige stoffen wordt onschadelijk gemaakt. Deze 1e fase is niet voldoende om alle giftige stoffen te verwijderen.
Fase 2: tweede stap in gifstoffen onschadelijk makenFase 2 bestaat uit verschillende reacties die gezamenlijk de conjugatiereacties worden genoemd. Het doel van beide fases is schadelijke stoffen om te zetten naar in water oplosbare stoffen. Hierbij worden de lichaamsvreemde stof, of de metabolieten (tussen- of eindproducten) na de 1e fase gekoppeld aan een lichaamseigen stof. Daardoor wordt de nieuwe verbinding meer wateroplosbaar. De giftige stof wordt hierbij niet opgeslagen in vetweefsel maar kan uitgescheiden worden met de ontlasting of urine.
Fase 3: derde stap in gifstoffen onschadelijk makenFase 3 verwijdert gifstoffen uit het lichaam. Giftige (toxische) afvalstoffen worden afgevoerd door de darmen, en via de nieren. Verwijdering gebeurt via gal, gemaakt door de lever, die wordt afgegeven aan de galwegen. De galwegen monden uit in de twaalfvingerige darm. De nieren maken gebruik van transporteiwitten die de gifstoffen via het bloed naar de urine kunnen uitscheiden.

De juiste voeding voor uw lever

Talrijke stoffen kunnen een rol spelen door de drie fasen van de leverontgifting te remmen of juist op gang te brengen. Dit is het geval bij zowel geneesmiddelen als natuurlijke voedingsstoffen (voeding en suppletie). Het niet goed kunnen verdragen van bijvoorbeeld cafeïne is een voorbeeld waaraan je kunt herkennen dat fase 1 onvoldoende werkt.

Fase 1 kan gestimuleerd worden met bètacaroteen, vitamine C, vitamine B2 en E, bioflavoïden, zink, koper, selenium, magnesium en molybdeen. Grapefruit, curcuma en peper remmen fase 1.

Om fase 2 te stimuleren kun je de volgende voedingsbronnen eten: peulvruchten, avocado, volle granen, tarwekiemen, zaden, noten, algen, broccoli, koolsoorten, witlof, cottage cheese, ei, knoflook, uien, vis, kwark, ricotta en wild.

Elke fase heeft zijn specifieke nutriënten (voedingsstoffen) om gifstoffen goed af te kunnen voeren via de gal en de nieren.

Lever in ‘distress’: te kort aan glutathion

Het tripeptide glutathion is één van de belangrijkste stoffen die het lichaam kan inzetten bij de bescherming van de (lever)cel. Drie daarbij zeer belangrijke functies van glutathion zijn de ontgiftende (detoxificerende) eigenschappen, de immuunversterkende eigenschappen en de antioxidatieve functie.

Glutathion bestaat in twee vormen:
– de gereduceerde vorm (GSH) of
– de geoxideerde vorm, meestal aangegeven als GSSG (ook wel glutathion-disulfide genoemd).
Wanneer de term ‘glutathion’ wordt gebruikt, bedoeld men meestal de gereduceerde glutathionvorm. Alleen in gereduceerde vorm heeft glutathion een beschermende werking.

In principe kan het lichaam zelf glutathion aanmaken uit de componenten waaruit het is opgebouwd, namelijk de aminozuren cysteïne, glutamine en glycine. Er zijn echter diverse omstandigheden waarin cysteïne maar ook glutamine onvoldoende voorradig zijn. Iedere dag wordt het lichaam, zoals hierboven beschreven, blootgesteld aan vele factoren die een aanslag doen op de lichaamsvoorraden van glutathion: vervuiling, slechte voeding, medicijnen, infectie, verslaving en verwonding.

Bij onvoldoende bescherming door glutathion kan dat bijdragen aan (lever)celschade en op den duur ziekte. Glutathionuitputting speelt een bepalende rol bij een groot aantal aandoeningen. Het op orde houden van de glutathionvoorraad is een heilige graal van de complementaire geneeskunde.

Bij extra aanspraak van de lever: meer glutathion

Glutathion komt voor in verse groenten en fruit, vis- en vleesproducten, maar met name asperges, avocado, en walnoten zijn rijk aan glutathion. In het lichaam is er vaak een grote behoefte aan glutathion en het wordt snel verbruikt in tijden van ziekte, stress, vermoeidheid , lichamelijke inspanning en bij de leverontgifting.

Daarnaast zijn er nog een aantal bekende oorzaken van glutathiondepletie, zoals (ioniserende) straling, stress, bacteriële of virale infecties, milieutoxines, roken, medicijngebruik, (top)sport, chemische vervuiling en zware metalen, operaties en brandwonden. Maar ook tekorten aan glutathionprecursors of –cofactoren die nodig zijn bij de aanmaak van glutathion.

Door middel van de antioxidantcascade probeert het lichaam verbruikt (geoxideerd) glutathion weer te recyclen (reduceren). Daarbij worden andere antioxidanten als vitamine C, vitamine E en alfa-liponzuur verbruikt. Wanneer de glutathionvoorraden door voortdurende oxidatieve stress dusdanig uitgeput raken dat er een punt komt waarbij de antioxidatieve beschermingsmechanismen tekortschieten, spreekt men van ‘distress’.

Ontgiften van lichaamsvreemde stoffen (xenobiotica)

Doordat Glutathion (GSH) zich in de lever bindt aan vetoplosbare toxines, zoals hormonen, medicatie, zware metalen, oplosmiddelen en sommige pesticiden, worden deze wateroplosbaar gemaakt en met de urine afgevoerd. Wanneer dit niet gebeurt, hoopt de toxiciteit op en treedt ernstig zuurstoftekort op (hypoxie) in de levercellen. Als deze toestand van zuurstoftekort langer aanhoudt kan dat de conditie van de lever ernstig verzwakken. Hierdoor kunnen de fase II reacties (wateroplosbaar maken van toxische verbindingen) verstoord verlopen.

Dat kan ertoe leiden dat in plaats van snelle uitscheiding van een minder toxische verbinding, nu langzamere uitscheiding van een veel toxischere verbinding plaatsvindt. De lever is het grootste GSH-reservoir. Onderzoek toont aan dat een lage glutathionspiegel een verminderde leverfunctie geeft.

Door o.a. alcoholgebruik is de concentratie glutathion in plasma en erytrocyten abnormaal laag en is de aanwezige glutathion vrijwel uitsluitend in geoxideerde vorm aanwezig. Bepaalde medicijnen (bijvoorbeeld paracetamol) kunnen de hoeveelheid glutathion in de lever drastisch verlagen.

Alle componenten van de antioxidantcascade-belangrijke synergisten van glutathion, zoals Vitamine C, vitamine E, alfa-liponzuur en coënzym Q10 helpen bij het regenereren van glutathion en van elkaar. Ook de mariadistel (Silybum marianum) doet dit. Een deel van de werking van het bekende lever-fytotherapeuticum Silybum marianum berust op het feit dat Silybum in staat is om de glutathionspiegel in de lever te verhogen.

Zwavelhoudende aminozuur-achtige stof Taurine

Taurine is een zwavelhoudende aminozuur-achtige stof die een groot aantal functies vervult in het handhaven van de gezondheid, in het bijzonder in de lever. Het is een stofwisselingsproduct van de zwavelhoudende aminozuren cysteïne en methionine.

Taurine werd lange tijd beschouwd als niet-essentieel omdat het in de lever kan worden aangemaakt uit de aminozuren methionine en cysteïne. Via drie mogelijke syntheseroutes vind de aanmaak plaats, die alle drie vitamine B6 nodig hebben. Echter, de laatste jaren wordt duidelijk dat er wel degelijk omstandigheden bestaan waarin taurine essentieel is.

De synthesecapaciteit van taurine verschilt tussen mannen en vrouwen. Het hormoon oestradiol bijvoorbeeld remt de synthese van taurine in de lever. Bij inname van hormonen is het belangrijk dat de lever is voorzien van voldoende taurine.

Voedingsbronnen van taurine zijn vlees en vooral vis, zeevoedsel (schelpdieren zoals mosselen, kokkels en oesters). Melkproducten bevatten slechts weinig taurine, eieren vrijwel geen. Suboptimale taurineniveaus komen bij veel meer mensen voor dan gedacht, met name in tijden van fysieke of emotionele stress of ziekte.

Uitscheiding van taurine vindt plaats via de urine. In een periode van taurinetekort wordt om te grote verliezen te voorkomen, de meeste taurine vanuit de primaire urine weer gereabsorbeerd. Taurine kan ook worden uitgescheiden via de gal, waar het gebonden wordt aan galzuren.

Zinkdeficiëntie en/of vitamine A-deficiëntie, gaan gepaard met een grotere uitscheiding van taurine via de urine en verminderde taurineniveaus in de weefsels. Taurine beschermt tegen de twee belangrijkste oorzaken van cellulaire toxiciteit, namelijk oxidatieve stress en ophoping van calciumionen.

Orgaanschade en abnormaal functioneren van het cardiovasculaire- en renale systeem (nieren) kan duiden op taurinetekort. Mensen met taurinedeficiëntie zijn gevoeliger voor weefselbeschadigingen door xenobiotische stoffen. Denk bijvoorbeeld aan bepaalde hormonen, milieutoxines, maar ook endogeen geproduceerde toxische stoffen zoals aldehyden (door overgroei van gisten/ candida albicans in de darmen), chloor en bepaalde amines.

Lever: galzuren en taurine

Galzuren zijn stoffen die in de lever kunnen worden gevormd uit cholesterol en die betrokken zijn bij de absorptie van vet en vetoplosbare vitaminen. Dit kan alleen plaatsvinden als galzuren zich binden aan glycine of taurine.

Deze zogenaamde ‘conjugaten’ van aminozuren en galzuren worden ook wel galzouten genoemd. Taurine zorgt dan voor het vloeibaar houden van deze galzuren, waardoor o.a. vorming van galstenen wordt voorkomen.

Ve-tsin (Mono-natriumglutamaat) een veelgebruikte smaakmaker, verlaagt de taurinespiegels. Hoge doseringen vitamine B5 verminderen de werking van taurine. Zink daarentegen versterkt de werking van taurine.

In balans brengen van de lever

U kunt uw lever op eenvoudige wijze ontlasten door bepaalde voedingsadviezen. Wie lief is voor zijn of haar lever is beter in balans. Hieronder volgen 10 tips voor de lever.
Tip 1: Stop de toevoer van uitwendig gifUitwendig gif is al het gif dat via de omgeving in het lichaam komt. Voorbeelden zijn allerlei ongewenste bestanddelen en toevoegingen in voedsel en bijproducten die ontstaan bij het roosteren, roken, frituren en braden van eten. Maar ook sigarettenrook, medicijnen, bestrijdingsmiddelen en verzorgingsproducten (cosmetica).

Kijk kritisch naar uw gebruik van medicijnen, voedingssupplementen, kruidentabletten en andere vormen van aanvullingen. Kijk in de bijsluiter naar eventuele bijwerkingen op de lever. Kies voor biologisch. Biologische producten bevatten geen resten van bestrijdingsmiddelen en geen kunstmatige toevoegingen. Bovendien zijn ze door een natuurlijkere teeltwijze en productie rijker aan leverondersteunende voedingsstoffen (o.a. mineralen en bioactieve stoffen).

Vermijd gebakken, geroosterd, gerookt en gefrituurd voedsel. Bij deze vorm van bereidingswijzen komen schadelijke stoffen vrij zoals vrije radicalen, PAK´s (Poly Aromatische Koolwaterstoffen), formaldehyde en acroleïne. Deze zijn zeer belastend voor de lever.

Kies voor levervriendelijke bereidingen, zoals koken, stomen, stoven, smoren en klaar maken in de oven en Römertopf. Lees het etiket op voedingsmiddelen. Ook in de supermarkt zijn producten te koop zonder kunstmatige toevoegingen. Lees goed het etiket op elk voedingsmiddel. Vermijd producten met additieven of synthetische aroma’s.
Tip 2: Bitter in de mond maakt de lever gezondDe smaak bitter komt amper meer in het voedselpakket voor. Dat is jammer, want de smaak bitter heeft een sterk herstellende werking op de lever. Bitterstoffen activeren de afgifte van gal in de darmen. De gal stimuleert de stoelgang, want via de gal loost de lever zijn afvalstoffen in de darmen om die uiteindelijk definitief te verwijderen.

Veel bioactieve stoffen in groenten en fruit hebben een bittere smaak. Voorbeelden zijn de diallyl-sulfides uit uien en knoflook, flavonoïden uit citrusfruit en groene thee, indolen uit de koolfamilie, polyfenolen in groene thee en druiven en terpenen in kersen en de schil van citrusfruit en rozemarijn. Al deze bioactieve stoffen helpen de lever bij het vangen van vrije radicalen en het verwijderen van toxines.

Weinig mensen houden van de bittere smaak in bijvoorbeeld witlof, andijvie en grapefruit. Daarom zijn in de landbouw door veredeling de bitterstoffen uit de gewassen nagenoeg verdwenen. Vraag maar eens aan een zeventigjarige. Die zal vertellen dat de witlof van nu een stuk minder bitter smaakt dan die van vroeger. Door raffinage van grondstoffen wordt bitter ook aan het product onttrokken.

Bitterstoffen zitten vooral in het vlies van graan, het velletje om de noot en de schil van groenten en fruit. Bij het raffineren van volle granen, suikerbiet en fruit tot witbrood, witte suiker en vruchtensap verdwijnen deze weerstandsverhogende bitterstoffen.
Tip 3: neem de juiste vetten voor de leverGebruik zowel de omega-3, 6 en 9 vetzuren en met mate verzadigd vet in de vorm van bijvoorbeeld roomboter of ongeraffineerde kokosolie. Gebruik zoveel mogelijk vetarme bereidingstechnieken zoals stomen, pocheren, blancheren, koken en in de oven klaarmaken
Tip 4: de juiste koolhydraten voor de leverKies zo veel mogelijk voor onbewerkte en ongeraffineerde producten zoals fruit met schil, tomaat met vel, zilvervliesrijst en volkorenbrood. Neem bij voorkeur een product van biologische kwaliteit. Eet elke dag minimaal 400 gram biologische groenten en twee stuks biologisch fruit.

Neem geen vruchtensappen (te veel fructose). Vermijd alle geraffineerde suiker en zoetmiddelen en producten die hiermee gezoet zijn. Sommige mensen reageren niet goed op glutenhoudende granen.

Gluten zijn graaneiwitten in haver, gerst, rogge en tarwe. Bij een glutenintolerantie zijn de glutenvrije granen zoals amarant, boekweit, gierst, quinoa, teff en zilvervliesrijst en de daarvan gemaakte producten aan te bevelen. Vervang brood bij de lunch door een maaltijdsalade of een maaltijd van gekookte zilvervliesrijst en gekookte groenten of maak een maaltijdsoep.
Tip 5: Neem geen energieroversVermijd producten die de lever van energie beroven. Dit zijn vooral koffie (ook cafeïnevrije koffie), zwarte thee, cola en andere cafeïnebevattende frisdranken, cacao en chocola.
Wees matig met producten zoals azijn, scherpe kruiden en specerijen zoals kaneel, kerrie, kruidnagel, nootmuskaat, peper, koekkruiden (zoals in ontbijtkoek) en speculaaskruiden. Gebruik niet dagelijks vlees, maar vervang het twee of meerdere keren per week door vis, ei, peulvruchten, ‘notengehakt’, geiten- of schapenkaas.
Tip 6: Neem extra bijzondere lever voedende voedingsmiddelen.Veertien voedingsmiddelen die de lever helpen ontgiften kunt u zien op 2 youtube filmpjes;
– Filmpje 1 hier; https://www.youtube.com/watch?v=YI_XlHokmHk
– Filmpje 2 hier; https://www.youtube.com/watch?v=sF9xefmKSxA

Neem voldoende zwavelhoudende aminozuren. Avocado, asperges, zeevoedsel en walnoot bijvoorbeeld zijn rijk aan glutathion en taurine. Let op voldoende inname van belangrijke mineralen die tegenwoordig vaak te kort zijn; zink, selenium, chroom, zwavel, magnesium en jodium.
Meer informatie over zeegroenten vind u hier en over vitaminen B hier.
Tip 7: de heetwaterkuurDe heetwaterkuur is een oud Ayurvedische gebruik om afvalstoffen te verwijderen Deze kuur helpt de lever zijn afvalstoffen te verwijderen. Kook ‘s morgens 20 minuten lang op een laag pitje ongeveer 1 liter koolzuurvrij bronwater in een roestvrije pan. Voeg tegen het eind een blokje geraspte verse gemberwortel aan het gekookte water toe. Verdraagt u geen gember, laat deze er dan uit. Schenk dit water in een thermoskan.

Drink gedurende de dag met kleine slokjes (naast alle andere dranken) het water zo heet mogelijk op. Forceer niets en drink alleen twee slokjes. Mocht dit een onaangenaam gevoel geven, laat dan het water iets afkoelen. Laat het water vooral iets afkoelen bij ‘hitte’ aanvallen zoals opvliegers.

Kook het water 20 minuten, want daar zit de kracht van deze procedure in. Het is niet om de bacteriën te doden, wat veel mensen denken, maar het is om het ‘element vuur’ (volgens de elementenleer) te verhogen en zo het hele stofwisselingssysteem op ‘een hoger pitje’ te laten branden.
Tip 8: Neem geen fructose.De toename van een vetlever, de niet-alcoholische steatose hepatitis (NASH) , valt niet alleen samen met de toename van obesitas en suikerziekte, maar ook met een aanzienlijke stijging van fructosegebruik. Dit komt vooral door de hoog-fructose-maïssiroop (HFCS) in frisdranken.

In tegenstelling tot glucose, kan fructose als energiebron alleen door de lever worden verwerkt. Hierbij wordt het in eerste instantie in glycogeen omgezet, maar aangezien de glycogeenvoorraad in de lever het grootste deel van de dag vol is, rest bij overmatige en voortdurende aanvoer alleen nog de omzetting in vet.
Tip 9: Neem voldoende rust.Zorg voor een gezonde nachtrust. Ga niet later dan om 22.30 uur slapen. Vermijd in de avond overmatige geestelijke inspanning (vergaderen, computeren etc.). Houd het zo veel mogelijk bij rustgevende activiteiten: muziek luisteren, mediteren, yogaoefeningen, rondje wandelen, een ontspannen boek lezen, gezellig wat ‘keuvelen’ etc.
Tip 10: Doe aan mindfulness en/of specifieke meditatiesMeer psychische veerkracht voorkomt o.a. eetbuien. U houdt daarmee de leiding over uw voedselkeuzes.

cover_mindfulness Tessa Gottschal

CD Tessa Gottschal Mindfulness, focuskracht en stabiliteit

Commentaar NDN

In de Traditionele Chinese Geneeskunde en de Ayurveda besteedt men in de herfst extra aandacht aan de leverconditie omdat met name in deze tijd de lever, wat bioritme betreft, moet omschakelen naar een nieuw seizoen en daardoor iets minder optimaal functioneert (dit is ook vaak in het voorjaar het geval).

Biogene aminen (zoals histamine, tyramine) worden dan minder goed afgebroken in de lever (methylering en sulfatie kan minder effectief verlopen).
Dit kan biogene aminen klachten geven waaronder:
– Vol gevoel in hoofd, voor- en bijholten
– ‘s Morgens bij opstaan volle neus / niesaanvallen
– Waterige neus en / of ogen
– Opgezwollen ogen
– Hooikoorts-achtige klachten
– Branderige ogen
– Oorsuizen
– Hoofdpijn/migraine
– Jeuk
– Hitte aanvallen
– Onregelmatige hartslag

Toch handig om te weten voor diegenen die van plan waren zich te goed te doen aan de pepernoten, speculaas, ontbijtkoek en andere kruidige voeding in combinatie met een glaasje rode wijn. Dit kan soms helaas bijdragen aan ‘pittige’ opvlammende gesprekken, met rood doorlopen ogen, jeuk en een onregelmatig hartslag in de Sinterklaastijd. De huidige Pietendiscussie geeft al voldoende leverhitte, dus extra levervoedende voeding kan bijdragen aan een fijne herfst.

Marijke de Waal Malefijt, natuurdietist

 

 

 

 

Literatuur en links:

Medivere zelftesten

Dickinson DA, Forman HJ. Cellular glutathione and thiols metabolism. Biochem Pharmacol. 2002 Sep;64(5-6):1019-26.
Mandl J, Banhegyi G. Role of glutathione in the regulation of liver metabolism. Biofactors. 2003;17(1-4):21-6.
Paolicchi A, Dominici S, Pieri L, Maellaro E, Pompella A. Glutathione catabolism as a signaling mechanism. Biochem Pharmacol. 2002 Sep;64(5-6):1027-35.
Pompella A, Visvikis A, Paolicchi A, De Tata V, Casini AF. The changing faces of glutathione, a cellular protagonist. Biochem Pharmacol. 2003 Oct 15;66(8):1499-503.
Reid M, Jahoor F. Glutathione in disease. Curr Opin Clin Nutr Metab Care. 2001 Jan;4(1):65-71.
Schulz JB, Lindenau J, Seyfried J, Dichgans J. Glutathione, oxidative stress and neurodegeneration. Eur J Biochem. 2000 Aug;267(16):4904-11.
Townsend DM, Tew KD, Tapiero H. The importance of glutathione in human disease. Biomed Pharmacother. 2003 May-Jun;57(3-4):145-55.
Valencia E, Hardy G. Practicalities of glutathione supplementation in nutritional support. Curr Opin Clin Nutr Metab Care. 2002 May;5(3):321-6.
Valencia E, Marin A, Hardy G. Glutathione–nutritional and pharmacological viewpoints: part II. Nutrition. 2001 Jun;17(6):485-6.
Lourenco R, Camilo ME. Taurine: a conditionally essential amino acid in humans? An overview in health and disease. Nutr Hosp. 2002 Nov-Dec;17(6):262-70.
Redmond HP, Stapleton PP, Neary P, Bouchier-Hayes D. Immunonutrition: the role of taurine. Nutrition. 1998 Jul-Aug;14(7-8):599-604.
Schaffer S, Takahashi K, Azuma J. Role of osmoregulation in the actions of taurine. Amino Acids. 2000;19(3-4):527-46.
Schuller-Levis GB, Park E. Taurine: new implications for an old amino acid. FEMS Microbiol Lett. 2003 Sep 26;226(2):195-202.
Stapleton PP, Redmond HP, Bouchier-Hayes DJ. Taurine and inflammation–a new approach to an old problem? J Leukoc Biol. 1997 Feb;61(2):231-2.

Boek: Energieherstelplan door Marijke de Waal Malefijt en Tanja Visser (uitgeverij Schors 2011)

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen