skip to Main Content
Kenniscentrum - sinds 2005 - met ruim 2000 artikelen over gezondheid!BEKIJK ALLE ONDERWERPEN

Gewichtstoename door medicijngebruik

Medicijnen kunnen op verschillende manieren gewichtstoename veroorzaken, bijvoorbeeld door het stimuleren van de eetlust, de suikerinname of het dorstgevoel (leidt mogelijk tot een toename van consumptie van energierijke dranken), door het basaalmetabolisme te verlagen, het darmmicrobioom te verstoren, de lichaamsvetverdeling te wijzigen en/of de lichamelijke activiteit te verminderen.

Veroorzaken antipsychotica gewichtstoename?

Gewichtstoename door medicijngebruikIn Nederland gebruiken zo’n 340.000 mensen één of meerdere antipsychotica. Ze worden voorgeschreven aan patiënten in alle leeftijdsgroepen en met verschillende diagnoses zoals psychose, depressies, bipolaire stoornissen en dementie. Antipsychotica dienen om de symptomen van de aandoeningen te bestrijden. Vaak zorgt het gebruik van antipsychotica voor gewichtstoename.

Dit is al langer bekend, maar een meta-analyse van ruim 400 studies over dit onderwerp, uitgevoerd door wetenschappers van de Vakgroep Psychiatrie en Neuropsychologie van de Universiteit Maastricht [1], wijst nu ook echt uit dat álle antipsychotica zorgen voor gewichtstoename.

De onderzoekers keken zowel naar het effect van het starten met antipsychotica als naar het wisselen van antipsychotica. Het onderzoek omvatte alle verschillende diagnosegroepen, met uitzondering van eetstoornissen en ook lichamelijke redenen voor gewichtsveranderingen waren bij dit onderzoek uitgesloten.

Starten en switchen

Uit alle studies bleek dat het starten met antipsychotica gepaard ging met een toename in gewicht. Over het algemeen was te zien dat de gewichtstoename toeneemt naarmate men het medicijn langer gebruikt.

Ook bij het wisselen van antipsychotica trad in de meeste gevallen gewichtstoename op. De grootste toename was te zien bij het switchen naar clozapine, gevolgd door switchen naar olanzapine. Uitzonderingen op de gewichtstoename waren de medicijnen ziprasidon en amisulpride.

Gewichtstoename door medicijngebruikBij ziprasidon nam in de eerste 16 weken het gewicht gemiddeld af met ongeveer een halve kilo; na een jaar was dit gemiddeld 3,3 kilo. Bij amisulpride werd in de eerste 16 weken nog een kleine toename in gewicht (van gemiddeld zo’n 0,8 tot 1,5 kilo) gerapporteerd. Daarna nam het gewicht gemiddeld heel licht af of bleef het nagenoeg gelijk.

Het wisselen van antipsychotica naar een placebo leverde een gelijkblijvend gewicht of een lichte afname daarvan op.

Effect switchen zeer beperkt

Uit de studie blijkt dus dat het effect van het overstappen naar andere antipsychotica om de gewichtstoename te verminderen, hooguit (zeer) beperkt is. Daarom pleiten de onderzoekers ervoor om bij de behandeling in te zetten op het voorkómen van gewichtstoename door het geven van leefstijladviezen en specifiek aandacht te hebben voor gewichtstoename, vóórdat van antipsychotica wordt gewisseld.

Afvallen: moeilijk, maar kan wel

Gewichtstoename door medicijngebruikGewichtstoename door medicijngebruik is frustrerend voor zowel de patiënt als de medicijnvoorschrijver.

‘Antipsychotica blijven voor bepaalde groepen mensen echt nodig om te kunnen functioneren in onze complexe maatschappij’, zegt onderzoeker en psychiater Maarten Bak van de Universiteit Maastricht. ‘Het voorschrijven behoeft de nodige zorg en individueel maatwerk om dat zo optimaal mogelijk te doen. Het meest storend is dat veel hulpverleners menen dat mensen die zwaarder zijn geworden van een antipsychoticum niet kunnen afvallen. Dat is aperte onzin, al is het wel heel moeilijk. Zoals afvallen voor iederéén moeilijk is. Goede zorg is het samen aangaan van uitdagingen.’

BMI en middelomtrek

Uit een Amerikaans onderzoek door de Harvard Medical School [2] onder ruim 76.000 postmenopauzale vrouwen tussen 50 en 79 jaar, bleek dat het gebruik van insuline, antidepressiva, bètablokkers en corticosteroïden gewichtstoename na de menopauze in de hand kan werken.

In 3 jaar tijd namen de BMI en middelomtrek meer toe bij vrouwen die één van deze medicijnen gebruikten dan bij vrouwen die geen van deze medicijnen gebruikten (respectievelijk 0,37 versus 0,27 kg/m2 en 1,10 versus 0,89 cm).

Hoe meer gewichtsbevorderende medicijnen de vrouwen gebruikten, hoe sterker de toename van BMI en middelomtrek was. Dit gold vooral vrouwen die een antidepressivum of insuline gebruikten of een antidepressivum met een bètablokker combineerden.

Medicijngebruik: eerder magnesiumtekort

Hoe meer medicijnen geriatrische patiënten gebruiken, hoe groter de kans op een tekort aan magnesium. Vooral diabetesmedicatie, protonpompremmers en hart- en vaatmedicatie gaan vaak gepaard met lage magnesiumspiegels. Dat blijkt uit onderzoek van Ziekenhuis Gelderse Vallei en Wageningen University & Research [3].

Het onderzoek is uitgevoerd onder 343 ouderen die voor de eerste keer een bezoek brachten aan de polikliniek Geriatrie van Ziekenhuis Gelderse Vallei.

Tweederde van de deelnemende patiënten aan het onderzoek gebruikte 5 of meer verschillende medicijnen (polyfarmacie). Doordat er zoveel middelen tegelijk gebruikt worden, is de kans op interacties en bijwerkingen groter.

Vaker magnesiumtekort bij bepaalde medicijnen

Hypomagnesiëmie (magnesiumtekort) kwam regelmatig voor, afhankelijk van de afkapwaarde bij 12 procent (Mg <0,70 mmol/l) tot 22 procent (Mg <0,75 mmol/l). Degenen die meer medicijnen gebruikten, liepen 80 procent meer risico op een magnesiumtekort.

Hypomagnesiëmie komt bij bepaalde medicijnen vaker voor. Het percentage tekorten bleek hoger dan gemiddeld bij gebruik van diabetesmedicatie als metformine en insuline: 29-41 procent van de diabetespatiënten had een tekort aan magnesium.

Lage magnesiumspiegels kwamen ook vaker voor bij het gebruik van protonpompremmers, bisfosfonaten, calciumsupplementen, statines, bètablokkers, luchtwegverwijders, en antistollingsmedicijnen.

Magnesiumtekort: diverse klachten

Gewichtstoename door medicijngebruikEen magnesiumtekort kan volgens de onderzoekers leiden tot diverse klachten. Zo houden lage magnesiumspiegels (≤0,75 mmol/l) verband met atriumfibrillatie, beroerte, diabetes, hoge bloeddruk, hartinfarct en plotselinge hartdood. Maar de klinische verschijnselen van magnesiumtekorten worden meestal niet herkend.

Artsen doen nauwelijks magnesiumbepalingen, omdat men één bloedwaarde over het algemeen niet voldoende betrouwbaar vindt en aanvullende bepalingen als belastend voor de patiënt ziet. Dit leidt tot onderbehandeling van klinische magnesiumtekorten.

Terwijl volgens de onderzoekers gerichte behandeling door magnesiumrijke voeding of magnesiumsuppletie juist kan bijdragen aan het verminderen van medicijngebruik en aan gezondheidswinst voor de patiënt.

Antibioticakuur verhoogt gewicht jong kind

Antibioticakuren in de eerste 2 levensjaren stimuleren de groei van kinderen, zowel hun lengte als hun gewicht. Dit wordt geconcludeerd door de Universiteit van Maastricht [4]. Voor de studie werden 979 kinderen gedurende 10 jaar gevolgd en werden andere factoren die de groei kunnen beïnvloeden meegenomen.

Vooral de kinderen die in de eerste 6 levensmaanden een antibioticakuur kregen en de kinderen die er tussen het 1e en 2e levensjaar meerdere kregen, bleken langer en zwaarder te worden dan kinderen die geen antibiotica hadden gekregen.

In het kader van de toename van obesitas vinden de onderzoekers het gewenst om ook dit effect van bepaalde antibiotica (vooral penicilline-achtige antibiotica uit de beta-lactamgroep) mee te nemen in het voorschrijfgedrag. Circa 70% van de anitbioticakuren voor kinderen wordt voorgeschreven voor luchtweginfecties, terwijl dat vaak eigenlijk onnodig is.

Het mechanisme dat verantwoordelijk is voor het ontstaan van langere en zwaardere kinderen is niet precies bekend, maar men gaat er momenteel van uit dat de invloed van antibiotica op de darmflora hier verantwoordelijk voor is. De darmflora van kinderen tot 2-3 jaar is namelijk nog gevoeliger voor verstoringen dan die van oudere kinderen en volwassenen.

Medicijnen: meer bijwerkingen bij vrouwen

Veel vrouwen blijken een te hoge dosis medicijnen te krijgen, waardoor ze vaak last hebben van ernstige bijwerkingen. Die overdosering ontstaat doordat vrouwen in de grote minderheid zijn als het gaat om proefpersonen bij onderzoek naar medicijnen. Mannen reageren vaak anders op medicatie dan vrouwen.

Dit blijkt uit een nieuw onderzoek van de University of California [5]. Voor de studie werden 86 verschillende medicijnen geanalyseerd. In bijna negentig procent van de onderzochte gevallen, kregen mannen en vrouwen dezelfde dosis van de medicijnen voorgeschreven.

Maar vrouwen hadden vaak veel meer ernstige bijwerkingen. Door medicatie in dezelfde hoeveelheden voor te schrijven als aan mannen, wordt voorbij gegaan aan het feit dat vrouwen en mannen in diverse opzichten van elkaar verschillen. Daardoor werken medicijnopname en verspreiding in het lichaam anders bij vrouwen.

Farmacogenetica

Gewichtstoename door medicijngebruikDe voorgeschreven standaarddoseringen voor geneesmiddelen zijn vastgesteld op basis van effect en bijwerkingen van de gemiddelde patiënt. Wanneer u door een DNA-variant geneesmiddelen langzamer (of juist sneller) afbreekt, zult u op een standaarddosering meer bijwerkingen (of juist minder effect) ervaren.

Farmacogenetica onderzoekt uw vermogen om geneesmiddelen in de lever af te breken, want niet iedereen heeft dezelfde capaciteit. Een deel van dit vermogen is erfelijk bepaald, en dus via DNA-onderzoek vast te stellen.

Wisselwerking medicijnen

Op een DNA-paspoort staat uw farmacogenetische profiel. Dit profiel geeft aan hoe uw lichaam reageert op medicijnen.

Vooral bij het gebruik van meerdere medicijnen is het belangrijk te weten, welke DNA-varianten iemand heeft. Aan de hand van uw DNA-paspoort kunnen arts en apotheker het juiste medicijn en de goede dosering voor u bepalen en kan worden voorkomen dat medicijnen elkaar tegen werken.

Waar moet u op letten?

  • Stop of verminder uw medicatie nooit zomaar, overleg dit altijd met een arts.
  • Lees voordat u medicatie slikt altijd goed de bijwerkingen van het medicijn, zodat u weet waar u mogelijk aan toe bent.
  • Besteed extra aandacht aan leefstijlfactoren als voeding, beweging en slaap.
  • Met bijvoorbeeld diabetesmedicijnen kunt u uiteraard niet zomaar stoppen, maar een verandering van uw leefstijl (voldoende bewegen en koolhydraatarm eten) kan er wel voor zorgen dat u minder hoeft te spuiten of slikken.
  • U kunt hierbij ook de hulp inschakelen van een natuurdiëtist.

Elektro Magnetische Velden

 

 

Marijke Verstege

Interactie tussen vitamines, mineralen en medicijnen

Het Vitamine Informatie Bureau geeft informatie over vitamines en mineralen. Die zijn onmisbaar voor een goede gezondheid, en het is dus belangrijk om er het nodige over te weten. De adviezen van de Gezondheidsraad vormen de basis voor onze informatie en we volgen het wetenschappelijk onderzoek op de voet. Veel mensen slikken medicijnen: dagelijks, soms zelfs meerdere keren per dag en vaak voor een langere periode. Dagelijks medicijnen slikken kan effect hebben op de opname of werking van vitamines en mineralen. Andersom beïnvloeden vitamines en mineralen soms ook de werking van medicijnen. Daarom is het belangrijk altijd de bijsluiter van een medicijn te lezen.

In dit factsheet beschrijven we de meest voorkomende en meest relevante interacties tussen vitamines, mineralen en medicijnen.

Medicijnen en hun interactie met voedingsmiddelen

In dit artikel van Rineke Dijkinga vind je 3 tabellen:
Tabel 1 is een overzicht van veel voorgeschreven medicijnen en hun invloed op vitale voedingsstoffen.
Tabel 2 laat zien welke voedingsstoffen een reactie aan kunnen gaan met medicijnen.
Tabel 3 laat zien welke invloed medicijnen kunnen hebben op je gewicht, je eetlust, je stofwisseling of spijsvertering.

NIFGO: Nederlands Instituut voor Farmaco genetisch Onderzoek

Gewichtstoename door medicijngebruikDepressie is een vaak voorkomende psychische stoornis. Afhankelijk van het behandelplan worden antidepressiva voorgeschreven. Bij ongeveer 15 procent van de patiënten hebben deze medicijnen niet het beoogde effect. De klachten verdwijnen niet en bijwerkingen zijn soms heftig. Het vinden van het beste medicijn en de juiste dosering duurt vaak enkele weken of maanden.

De genen, die belangrijk zijn voor de werking van antidepressiva zijn CYP2D6, CYP2C19, CYP1A2, CYP2C9, CYP3A4, CYP3A5, COMT en GRIK4. Specifieke eigenschappen van deze genen zijn vaak de oorzaak van veel bijwerkingen of een niet-werkend medicijn.

Een voorbeeld: bij Clomipramine is CYP2D6 heel belangrijk. Bij 5 à 10% van de mensen heeft CYP2D6 geen enzymactiviteit, dus als de arts dit van te voren weet kan een ander medicijn worden voorgeschreven of de dosering worden aangepast. bron: KNMP Kennisban.

DNA-test

Met een farmacogenetisch DNA-onderzoek worden de specifieke eigenschappen van de hierboven genoemde genen in kaart gebracht. Op basis van de uitslag kan dan meteen het goede medicijn en de juiste dosering worden voorgeschreven en wordt de kans op bijwerkingen minder.

Het NIFGO DNA-paspoort is belangrijk bij gebruik van: Aripiprazol, Broomperidol, Chloorprotixeen, Clozapine, Flufenazine, Haloperidol, Olanzapine, Paliperidon, Pipamperson, Quetiapine, Risperdon, Sertindol en Zuclopenticol. Staat een voorgeschreven medicijn hier niet bij neem dan contact op met het NIFGO.

Lees nog meer hier:

DNA paspoort: minder risico ernstige bijwerking medicatie
Afwijkende Cyp-enzymen geven bijwerking supplementen
Een evaluatie over toepassing van farmacogenetische testen in Nederland door de ziekenhuisapotheek van het LUMC.

Bronnen

1.Maarten Bak, Marjan Drukker, Shauna Cortenraad, Emma Vandenberk, Sinan Guloksuz; Antipsychotics result in more weight gain in antipsychotic naive patients than in patients after antipsychotic switch and weight gain is irrespective of psychiatric diagnosis: A meta-analysis; Plos One February 17, 2021; www.maastrichtuniversity.nl/nl/nieuws/onderzoek-%C3%A1lle-antipsychotica-zorgen-voor-gewichtstoename .
2. Helen P Booth, Martin C Gulliford, Antidepressant utilisation and incidence of weight gain during 10 years’ follow-up: population based cohort study, BMJ 2018; 361, www.bmj.com/content/361/bmj.k1951 .
3. A.C.B. van Orten-Luiten, A. Janse, E. Verspoor, E.M. Brouwer-Brolsma, R.F. Witkamp ; Drug use is associated with lower plasma magnesium levels in geriatric outpatients; possible clinical relevance; Clinical Nutrition, December 07, 2018; www.clinicalnutritionjournal.com/article/S0261-5614(18)32551-2/fulltext .
4.Catherine A Mbakwa , Lotte Scheres, John Penders, Monique Mommers, Carel Thijs, Ilja C W Arts ; Early Life Antibiotic Exposure and Weight Development in Children ; J Pediatr . 2016 Sep;176:105-113.e2; pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/27402330/ .
5. Irving Zucker & Brian J. Prendergast; Sex differences in pharmacokinetics predict adverse drug reactions in women; Biology of Sex Differences volume 11, Article number: 32 (2020); bsd.biomedcentral.com/articles/10.1186/s13293-020-00308-5 .
6. Sean Wharton, Lilian Raiber, Kristin J Serodio,Jasmine Lee, Rebecca AG Christensen ‘Medications that cause weight gain and alternatives in Canada: a narrative review; Diabetes Metab Syndr Obes. 2018; 11: 427–438; www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC6109660/ .
7. Farmacogenetisch paspoort; www.nifgo.nl/farmacogenetica-dna-paspoort/.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen