skip to Main Content
Kenniscentrum - sinds 2005 - met ruim 2000 artikelen over gezondheid!BEKIJK ALLE ONDERWERPEN

Verzorg je mondmicrobioom

Voor je mondzorg kun je zowel pre-, pro- als synbiotica, maar ook specifieke voedingsadviezen inzetten om de gezondheid van je mondmicrobioom te bevorderen.
Er zijn op dit moment iets meer dan 1000 verschillende soorten mondbacteriën beschreven. Er wordt geschat dat men ongeveer een miljard microbiële cellen in de mond heeft en ongeveer 200-300 verschillende soorten organismen. Dat is nog wat je noemt een mond vol.

Wat is pre-, pro- en synbiotica?

Prebiotica is een verzamelnaam voor stoffen die de groei van bepaalde bacteriesoorten in het lichaam bevorderen. Hieraan worden gunstige effecten voor de gezondheid toegeschreven. Je krijgt prebiotica binnen door het eten van groente, fruit, brood, graanproducten en peulvruchten.
Probiotica zijn levende bacteriën en gisten die, wanneer ze in een levende vorm en in voldoende hoeveelheid worden toegediend, een gunstig effect op de gezondheid hebben. Ze worden meestal toegevoegd aan zuivelproducten of ingenomen als supplement.
Synbiotica zijn een mix van prebiotica met probiotica.

Wat doet pre- en probiotica op je mondmicrobioom?Verzorg je mondmicrobioom

Het exacte werkingsmechanisme van pre- en probiotica op de orale gezondheid is nog niet goed bekend. Er wordt gedacht aan een directe interactie, werking door competitie en een indirecte interactie. Het orale microbioom is in hoge mate kolonieresistent. Het is daarom veel moeilijker om het orale microbioom te beïnvloeden met pre- en probiotica dan het darmmicrobioom.

Mogelijke werkingsmechanismen van pre- en probiotica op je mondmicrobioom zijn:

A. Directe actie:

  • Remming van de aanhechting van pathogenen.
  • Biofilmvorming van gunstige micro-organismen.
  • Productie van beschermende eiwitten in je darmen; bijvoorbeeld defensinen (afweer immuuneiwitten).
  • De remming van het enzym collagenase. Collagenasen zijn enzymen die de peptidebindingen in collageen verbreken. De darmwand bestaat voor een groot gedeelte uit collageen, dus kan er een lekkende darm (leaky gut) ontstaan.
  • De bevordering van binding van gunstige mond micro-organismen aan eiwitten en biofilmvorming.

B. Competitie

  • Remmen van de productie van zuren door bacteriën, waardoor een afname in cariësrisico.
  • Vermindering van ongunstige biofilmvorming (tandplaque).
  • Beïnvloeding van het substraat voor pathogene micro-organismen via productie van metabolieten.
  • Competitie van aanhechting van pathogene bacteriën.

C. Indirecte interactieVerzorg je mondmicrobioom

  • Modulatie van je mond-immuunsysteem.
  • Regulatie van de permeabiliteit van je mondslijmvlies(mucosa).
  • Modulatie van je systemische immuunsysteem.
  • Effecten die buiten je immuunsysteem om plaats vinden. (1)

Is lysine goed tegen een koortslip?

Een vorm van dysbiose in je mond is de koortslip, waarbij een infectie met het HSV-1 virus opvlamt. De synthese van de virusdeeltjes kan worden geremd door beïnvloeding van de balans tussen de aminozuren arginine en lysine. In vitro stimuleert arginine de synthese van virusdeeltjes.
Het aminozuur lysine heeft een antagonistische werking t.o.v. arginine. In vivo is aangetoond dat lysine de potentie heeft om de reproductie van het herpes simplex- virus te remmen. Producten met een hoge lysine-arginineverhouding (gunstig) zijn melkproducten, vlees, vis en ei. Producten met een lage lysine-arginineverhouding (ongunstig) zijn vooral granen, graanproducten, noten en peulvruchten.

Er zijn diverse onderzoeken gedaan naar het preventieve effect van het gebruik van lysine bij de uitbraak van een koortslip. Hoewel de onderzoeksresultaten niet eenduidig zijn, tonen de meeste onderzoeken een positief effect aan: vermindering van snelheid waarop een uitbraak recidiveert en/of een vermindering van ernst van de klachten en duur van de uitbraak. De dosis waarbij positieve effecten worden gevonden varieert tussen de 1000 tot 3000 mg lysine per dag (2).

Werkt pre- en probiotica ook tegen orale candidiasis?

De meest voorkomende triggers voor het ontstaan van een orale candidiasis (spruw) zijn een verminderde afweer bij baby’s, ouderen, stress en gebruik van immunosuppressiva, een verminderde speekselproductie, roken en een superinfectie na antibioticagebruik.

Probioticastammen die volgens onderzoek effectief kunnen zijn bij het voorkomen en verminderen van de duur en hevigheid van een orale candidiasis zijn de Lactobacillus reuteri, Streptococcus salivarius, Lactobacillus Rhamnosus GG.
Prebiotica met een antimycotische werking bij orale candidiasis zijn xylitol en erythritol. Erythritol (1,2,3,4-butanetetrol of C4H10O4) is een polyol-zoetstof die van nature voorkomt in sommige paddenstoelen, vruchten (o.a. watermeloen, druif en peer) en gefermenteerde voeding. Erythritol is ook zeer tandvriendelijk. Het ontziet het gebit doordat het groei van bacteriën juist afremt die cariës en tandplak kunnen veroorzaken. Erythritol bevat ook geen calorieën.
Meer onderzoek is nodig om de optimale dosis, probioticastamnummer(s) en prebiotica en gebruiksduur vast te stellen (3,4).

Probiotica bij parodontitis en gingivitis

Belangrijke factoren in het ontstaan van parodontitis en gingivitis zijn:

  • de aanwezigheid van proteolytische keystonespecies (vooral Porohyromonas gingivalis en de Aggregatibacter actinomycetemcomitans), waardoor de pH in de mond stijgt.
  • veel biofilmvorming (plaque) door o.a. onvoldoende mondhygiëne en een onevenwichtige voeding.
  • verdere uitgroei van de keystone-pathogenen tot een orale dysbiose. Eén van deze ziekteverwekkers is Porphyromonas gingivalis (P. gingivalis). Deze bacterie wordt niet alleen geassocieerd met parodontitis, een ontstekingsziekte van de weefsels rondom onze tanden, maar ook met de auto-immuunziekte reumatoïde artritis. Personen met parodontitis lopen een twee keer hoger risico op reumatoïde artritis dan mensen met gezond tandvlees.
  • een verminderde immuunfitness, d.w.z. een ongunstige darmmicrobioomrespons op de biofilm, zoals bij stress, diabetes, auto-immuunziekten, gebruik van immunosuppressiva en een slechte voedingstoestand.

Studies tonen aan, dat er door gebruik van orale probiotica gunstige microbiologische veranderingen optreden, waaronder het terugdringen van paropathogenen. Humane studies laten een tendens zien naar het verminderen van de PPD (Parodontale Pocket Diepte), plaquevorming en bloeding na sonderen. Daarnaast wordt er een verbetering gezien van de CAL (Clinical Attachement Level) en Gingivitis Index.

Stammen die mogelijk een gunstige invloed bij gingivitis en parodontitis hebben zijn de Lactobacillus brevis (CD2), Lactobacillus salivarius (WB21), Lactobacillus Reuteri (ATCC 55730 en ATCCPTA 5289) en Streptococcus salivarius (M18) (5,6).

Wanneer het gebruik van probiotica wordt gestopt, verdwijnen op de langere termijn de gunstige effecten. De gebruikte probioticastammen zijn na enige tijd niet meer aantoonbaar in de mond. De gunstige, immuunmodulerende werking van probiotica zouden langer na gebruik kunnen aanhouden, maar dit is (nog) niet onderzocht. Waarschijnlijk is het noodzakelijk om probiotica langdurig of regelmatig gedurende een bepaalde periode te gebruiken om het gunstige effect te behouden.

Verzorg je mondmicrobioomLopen onderzoeken sterk uiteen (heterogeniteit)?

Er is in de onderzoeken naar het gebruik van probiotica voor de orale gezondheid een grote heterogeniteit in de gebruikte methoden. Indien de resultaten van de verschillende onderzoeken (sterk) uiteenlopen, spreekt men van heterogeniteit.
Denk aan de gebruikte bacteriestamsoorten, dosering, gebruiksduur en het wel/niet combineren met een tandheelkundige behandeling (rooting en scaling) of gebruik van antibiotica. Hierdoor is het lastig de studies met elkaar te vergelijken.
Daarnaast zijn bij veel onderzoeken de fabrikanten van het gebruikte probioticumproduct betrokken, waardoor de onafhankelijkheid in het geding kan zijn.

Is probiotica veilig?

In een onderzoek naar de veiligheid van probiotica tussen 2008-2013 in 57 klinische studies werd geconcludeerd dat het gebruik van probiotica veilig is en geassocieerd is met een vermindering van klachten en adverse events vergeleken met een placebo.
Bij patiënten met een verzwakt immuunsysteem (HIV, leukemie, chemotherapie, auto-immuunziektes) was er een positief effect van het gebruik van probiotica op adverse events. Sommige complicaties namen af (minder antibiotica en clostridium difficile geassocieerde diarree, minder complicaties na operaties) en er waren geen bijwerkingen (7).

Het is lastig voor onderzoekers onderscheid te maken tussen of een adverse event het resultaat is van de slechte conditie van een patiënt of van het onderzochte probioticumproduct. Bijwerkingen in zowel placebo- als probiotica-groepen zijn vaak een gevolg van de (slechte) gezondheidsconditie van de onderzochte personen, niet van het probioticum.

Zo is er tot op heden geen rapport van sepsis gevonden gerelateerd aan probioticagebruik bij gezonde personen. Wel is er bacteremie (bacteriën in de bloedbaan) bij gebruik van probiotica geobserveerd in geïsoleerde gevallen in patiënten met ernstige onderliggende ziekten. Er is geen klinisch bewijs voor de transfer van antimicrobiële resistentie door probiotica bij mensen.
Eventuele negatieve effecten van probioticagebruik beperken zich tot (tijdelijke) milde gastro-intestinale klachten, zoals misselijkheid, diarree, gasvorming en winderigheid (8-11). De gastro-intestinale effecten zijn vaak te voorkomen door de dosering van het probioticum geleidelijk op te voeren in 1 week naar de aanbevolen dosis en het product eventueel bij een maaltijd in te nemen.

Verzorg je mondmicrobioomIs voeding belangrijke bij het gezond maken van je microbioom?

Ja, voeding speelt een belangrijke rol bij het gezond maken en houden van je microbioom. Het mondmicrobioom beïnvloedt het darmmicrobioom en visa versa.

Enkele voedingsrichtlijnen voor een gezond microbioom zijn:

  1. Groenten en fruit zijn de basis van de dagelijkse voeding.
  2. Verwen je microbioom en gebruik witlof, asperge, artisjok, ui, knoflook, prei, schorseneren, zoete aardappel, bonen, peulvruchten, groene thee, rode, blauwe en paarse vruchten, granaatappel en met mate biologische cacao (rijk aan de prebiotica FOS, GOS arabinogalactanen en polyfenolen).
  3. Eet gefermenteerde producten (rijk aan probiotica) zoals rauwe zuurkool, natuurazijn, miso, sojasaus, (water)kefir, rauwmelkse kaas en yoghurt.
  4. Eet elke dag een handje ongezouten, ongebrande noten.
  5. Eet minimaal 2x per week vette vis (omega-3 vetzuren).
  6. Eet matig vlees (gevogelte is beter dan rood vlees) en altijd met (groene) groenten.
  7. Beperk de suiker- en zoetmiddelinname waar u maar kunt (let ook op honing, diksap, agavesiroop, kokosbloesemsuiker e.d.)
  8. Drink water, kruidenthee en groene thee in plaats van fris- of fruitdranken en alcoholische dranken
  9. Wees zuinig met zetmeel (brood, rijst, aardappel, pasta).
  10. Gebruik liever altijd volkoren graanproducten (met mate) (rijk een prebiotica)
  11. Gebruik (wanneer je dit verdraagt) volvette melkproducten, vooral yoghurt, karnemelk, kefir, kwark en kaas (rijk aan probiotica; speciale lactobacillenculturen)
  12. Vermijd industrieel geproduceerde voedingsmiddelen. Verzorg je mondmicrobioom
  13. Gebruik koudgeperste olijf-, lijnzaad-, hennepzaad- en walnotenolie als dressing (omega 3 en 9 vetzuren) en om in te bakken milde olijfolie, roomboter, ghee of kokosolie.(12)

Wat is nu de conclusie bij pre- en probiotica gebruik?

Pre- en probiotica zorgen voor een (beperkte) positieve modulatie van je orale microbioom. Het gaat om een complex ecosysteem, dat beïnvloed wordt door vele factoren. Pre- of probiotica als monotherapie zijn waarschijnlijk beperkt effectief. Een combinatie van pre- samen met probiotica is waarschijnlijk effectiever. Voeding is een belangrijke bron van pre- en probiotica en speelt een rol bij het moduleren van het microbioom.

Belangrijk is om bij het moduleren van je microbioom te kiezen voor een individuele aanpak en rekening te houden met de persoonlijke, microbioomverstorende factoren.
Geen mens en microbioom zijn hetzelfde.

Verzorg je mondmicrobioom

 

 

Tanja Visser, natuurdiëtist
Arnd Wolvetang, holistisch tandarts

Referenties en aanbevolen literatuur

1. Haukiojaa A., Probiotics and Oral Health, Eur J Dent. 2010 Jul; 4(3): 348–355. PMCID: PMC2897872 PMID: 20613927
2. Venthan J.M et al., Lysine for Herpes Simplex Prophylaxis: A Review of the Evidence, Integr Med (Encinitas). 2017 Jun; 16(3): 42–46. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC6419779/
3. Lijun H. et al., In vivo effectiveness and safety of probiotics on prophylaxis and treatment of oral candidiasis: a systematic review and meta-analysis, BMC Oral Health. 2019; 19: 140. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC6621984/
4. Kraft-Bodi E. et al, Effect of Probiotic Bacteria on Oral Candida in Frail Elderly, J Dent Res. 2015 Sep;94(9 Suppl):181S-6S. doi: 10.1177/0022034515595950. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/26202995
5. Jayaram P. et al., Probiotics in the treatment of periodontal disease: A systematic review, Indian Soc Periodontol. 2016 Sep-Oct; 20(5): 488–495. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC5676329/
6. Ikram S et al., Systematic review and meta-analysis of double-blind, placebo-controlled, randomized clinical trials using probiotics in chronic periodontitis. J Investig Clin Dent2018;e12338. doi:10.1111/jicd.12338 pmid:29604177 https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/29604177
7. Van den Nieuwboer M et al. The administration of probiotics and synbiotics in immune compromised adults: is it safe? Benef Microbes. 2015 Mar;6(1):3-17. doi: 10.3920/BM2014.0079.
8. Van den Nieuwboer M et al. Safety of probiotics and synbiotics in children under 18 years of age. Benef Microbes. 2015;6(5):615-30. doi: 10.3920/BM2014.0157.
9. Morrow LE et al. Synbiotics and probiotics in the critically ill after the PROPATRIA trial. Curr Opin Clin Nutr Metab Care. 2012 Mar;15(2):147-50. doi: 10.1097/MCO.0b013e32834fcea8. Review. PMID: 22248590.
10. Stadlbauer V. Immunosuppression and probiotics: are they effective and safe? Beneficial microbes. 2015:1-6. doi: 10.3920/BM2015.0065.
11. Claassen E et al., Dealing with the remany controverse of probiotics safety Beneficial Microbes maart 2014: 45-60
12. Singh R.K. et al., Influence of diet on the gut microbiome and implications for human health, J Transl Med.2017; 15:73.
Boek Microbiota in health and disease from pregnancy to childhood, dr Claassen e.a., uitgeverij Wageningen Academic Publications, 2017.
Boek Gezond naar 115, dr Claassen e.a., uitgeverij Prometeus, 2019.
Boek Heal your oral microbiome, Cass Nelson-Dooly, uitgeverij Ulysses Press, 2019
https://www.darmgezondheid.nl
https://www.gutmicrobiotaforhealth.com/en/home/
13. 5 oktober 2019 ACTA Dental Education: themadag Mens, mond en microbioom georganiseerd bij ACTA in Amsterdam.
14. Eur J Dent. 2010 Jul; 4(3): 348–355. PMCID: PMC2897872 PMID: 20613927 Probiotics and Oral Health Anna Haukioja

Mondmicrobioom & Reumatoïde artritis (RA)

Braziliaanse en Amerikaanse onderzoekers toonden aan, dat patiënten met reumatoïde artritis (RA) meer plaque hebben bestaande uit een meer diverse bacteriepopulatie met meer pathogene bacteriën dan bij gezonde patiënten.

Het maakt daarbij niet uit of ze wel of geen chronische parodontitis hebben. De ernst van reumatoïde artritis, waaronder pijnlijke en gezwollen gewrichten, bleek positief geassocieerd met de specifieke paropathogenen Fusobacterium nucleatum en Treponema socranskii.

Reumatoïde artritis beïnvloedt de samenstelling en activiteit van de subgingivale biofilm. De gevoeligheid voor chronische parodontitis neemt hiermee bij deze RA patiënten toe. De hypothese is dat bacteriën uit de subgingivale biofilm enzymen uitscheiden die eiwitten modificeren en zo hun vermogen om immuniteit te ontwikkelen versterken.

Aan de ene kant zijn antilichamen tegen deze zogenoemde cyclic citrullinated peptides (CCP) een etiologische factor in het ontstaan van RA. Aan de andere kant kan RA leiden tot een versterking van de lokale afweerreactie, met een verergering van de parodontale afbraak tot gevolg.

Verzorg je mondmicrobioomAnti-CCP is een autoantistof tegen het lichaamseigen eiwit CCP. Als je een positieve uitslag op de anti-CCP test hebt in combinatie met gewrichtsontstekingen, dan is de kans dat er sprake is van reumatoïde artritis (RA) groot. Maar de helft van de mensen met reumatoïde artritis heeft geen CCP-antistoffen, dus als de test normaal/negatief is kun je de ziekte toch hebben.

De antistoffen zijn soms al enige maanden tot jaren aantoonbaar in het bloed voordat gewrichtsontstekingen ontstaan. Het hebben van CCP-antistoffen en bepaalde pijnklachten kan daarom een voorbode van reumatoïde artritis zijn.

Het niveau van C-reactieve proteïne (CRP) en anticyclisch citrulline peptide (CCP)antistof werd in bloedmonsters gemeten. De analyse van cytokines werd uitgevoerd in verzameld speeksel. De subgingivale biofilm werd geanalyseerd met next-generation sequencing, een methode waarmee de frequentie en de identiteit van de aanwezige soorten bacteriën kan worden vastgesteld.

Aangetoond werd dat de parodontale afbraak significant groter was in RA-patiënten. Daarbij bestond hun plaque uit een diversere bacteriepopulatie met meer pathogene bacteriën. De aanwezigheid van cytokines in het speeksel van RA-patiënten met en zonder chronische parodontitis wijst op een verhoogde ontstekingsreactie in de parodontale weefsels als gevolg van RA. Hierdoor verandert het leefmilieu voor bacteriën.

Als pathogene bacteriën de overhand krijgen zou dat een verklaring kunnen zijn dat RA-patiënten meer risico lopen op chronische parodontitis.

Verzorg je mondmicrobioomAnder onderzoek toont aan dat bij een afwijkend darmmicrobioom er ook een toenemende cytokineproductie is dat Reumatoïde artritis kan geven.
Volgens studies is Prevotella copri en de Pseudomonas betrokken bij de ontwikkeling van reumatoïde artritis (RA). Uit onderzoeken bleek dat RA-patiënten bij manifestatie van de ziekte bijzonder vaak hoge aantallen P. copri en Pseudomonas vertoonden. In experimenten kon aangetoond worden dat kolonisatie met P. copri en de Pseudomonas niet het gevolg, maar de oorzaak van systemische ontstekingen en auto-immuunziekten kan zijn.

Let op daarbij ook op een verhoogde ANA en reumafactor(RF) in het bloed. Met de ANA test wordt onderzocht of je afweersysteem antinucleaire antistoffen aanmaakt. Antinucleaire antistoffen zijn antistoffen die zijn gericht tegen onderdelen van je eigen celkern (nucleus). Het zijn dus autoantistoffen.

Een positieve ANA-uitslag in combinatie met bepaalde lichamelijke klachten, kan voor je arts een aanwijzing zijn dat je klachten voortkomen uit een auto-immuunziekte. Maar er zijn verschillende auto-immuunziekten die een positieve ANA-uitslag kunnen geven.

Bij een afwijkend darmmicrobioom (kolonisatie met Prevotella copri en de Pseudomonas) wordt vaak ook een verhoogde ANA in het bloed gezien.

Bron: Scher, J. U. et al.: Expansion of intestinal Prevotella copri correlates with enhanced susceptibility to arthritis. In: eLife, 2, e01202, 2013

Verzorg je mondmicrobioom

 

Lees meer over zelftest darmmicrobioom testen op onze ontlastingtesten pagina.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen