skip to Main Content
Kenniscentrum met meer dan 2000 artikelen over gezondheid!BEKIJK ALLE ONDERWERPEN

Ooit aten we dieren

In haar recent gepubliceerde eerste boek ‘Ooit aten we dieren‘ pleit antropologe Roanne van Voorst om verschillende redenen voor een toekomst waarin mensen stoppen met het eten van vlees, maar dat niet alleen, ook stoppen met de consumptie van álle dierlijke producten. Waardoor (landbouw)dieren een marginale plek krijgen binnen de voedselproductie.

Van Voorst, zelf enige jaren veganist en vanaf haar 16e jaar vegetariër, voorspelt komende jaren grote verschuivingen in de voedselkeuze van mensen. Ze heeft het hier over een beweging waarbij de keuze voor dierlijke producten zal bewegen richting plantaardig voedsel. Een tendens die al een tijd gaande is, vooral in Westers grootstedelijk gebied, waarbij veel mensen (vooral millenials) geen dierlijke producten meer wensen te eten. Van Voorst voorspelt dat uiteindelijk vleeseters en ook vegetariërs een gemarginaliseerde groep zullen worden, een groep die dan als moreel verkeerd wordt gezien.

Slaven – en vrouwenrechten versus dierenrechten

In haar pleidooi voor veganisme trekt van Voorst een lijn naar hoe onze maatschappij in het verleden omging met slaven en vrouwen. Wat aanvankelijk normaal en toegestaan leek, rechteloosheid voor deze groepen, werd later verworpen en er werd met schaamte naar terug gekeken. Nu is dan de tijd aangebroken voor dierenrechten. Rechten die veel verder moeten gaan dan hoe ze nu geformuleerd en uitgevoerd worden. Binnen een systeem waarin landbouwdieren zijn verworden tot commerciële objecten.

De auteur beschrijft uitgebreid de vele verschrikkingen en misstanden in de intensieve veehouderij. De krankzinnige hoeveelheid landbouwdieren die dagelijks voor consumptie worden gedood/vermoord. Het doden/vernietigen van ‘afvaldieren’, net geboren stiertjes en haantjes, die geen productiefunctie hebben. Verder de manipulatie van dieren en de schaalvergroting in de intensieve veehouderij om productie te maximaliseren.

Veganisme als oplossing voor het klimaatprobleem?

Om aan deze dierenmishandeling een halt toe te roepen betoogt van Voorst om geen dierlijke producten meer te eten of te gebruiken. Niet alleen vanuit het oogpunt van het dierenwelzijn maar ook, zo geeft ze aan, als een van de laatste opties om klimaatveranderingen tegen te gaan. Zij ziet het verwijderen van dieren uit de voedselketen als dé ultieme kans om de uitscheiding van broeikasgassen en koolstofuitstoot te reduceren, het mestoverschot te verlagen en meer land voor de natuur te veroveren door het verdwijnen van grasland en land voor het verbouwen van krachtvoedsel zoals mais, tarwe en soja. Van Voorst ziet ook grote voordelen voor onze eigen gezondheid, mits men ‘een uitgebalanceerde plantaardige voeding gebruikt.

Wat betreft dierenleed, de milieuvervuiling door de hedendaagse intensieve veehouderij en de klimaatveranderingen op onze planeet heeft van Voorst een punt. Zoals het er nu aan toegaat in de bio-industrie kan het, op bovenstaande punten, niet langer en is het inderdaad de hoogste tijd om van koers te veranderen.

Veganisme, ontbossing en onvruchtbare grond

Van Voorst’ s oplossing voor de multi-oorzakelijke klimaatveranderingen, namelijk alle dieren de voedselketen uit, is echter te kort door de bocht.
Een veganistische voeding vraagt om (eiwitrijke)producten die, wil men ook buiten de zomer een smakelijke maaltijd kunnen bereiden, moeten worden ingevlogen vanuit de hele wereld. Denk aan (soja)bonen, rijst, tropisch fruit, mango’s, avocado’s, bessen en kokos. Deze producten worden in de tropen in monoculturen op grote plantages verbouwd, waardoor de planten bevattelijker zijn voor ziekten en insectenvraat (dan wanneer het in een cultuur gebeurd waarbij meerdere gewassen samen worden gezet).

Die dan weer bestreden moeten worden met chemische bestrijdingsmiddelen. De bemesting, kunstmest want geen dierlijke mest, maakt het grondleven schraler en daardoor de plant nog vatbaarder voor ziekten en vraat. Daarbij vraagt het verbouwen van deze producten veel water, water dat vaak aan de bewoners rondom de plantages wordt onthouden. Verder gaat deze manier van gewassen verbouwen ten koste van bossen/jungle.

De conclusie van van Voorst dat het excluderen van dieren uit de voedselketen dé oplossing is voor zowel klimaatveranderingen, broeikasgassen, dierenleed als onze aan welvaart gerelateerde gezondheid kan landbouw-goeroe Joel Salatin niet beamen. Hij komt door zijn eigen ervaringen en zoektocht tot een tegenovergestelde conclusie. In zijn visie zijn (landbouw)dieren juist van het allergrootste belang om de onvruchtbaarheid van onze aarde, de klimaatveranderingen én onze gezondheid ten goede te keren. Hij publiceerde hier elf boeken over en een groot deel van het jaar reist hij de wereld over om deze visie uit te dragen.

Dieren als harde werkers voor de vruchtbaarheid van de grond

Salatin liet zich in zijn visie onder andere inspireren door het gedrag van kuddes in de vrije natuur, zoals dat in Amerika en ook elders in de wereld gebeurde, voordat het land werd veroverd en geëxploiteerd. In Amerika was dat door de conquistadores, de Spaanse zeevaarders. Deze troffen in heel Amerika een metersdikke vruchtbare toplaag van de aarde aan. Een laag die tot stand was gekomen door eeuwen en eeuwen begrazing door miljoenen bizons. Door zich in kuddes te verplaatsen van het ene stuk grasland naar het andere, dicht tegen elkaar aan om zich te beschermen tegen roofdieren, graasden ze het grasland af.

Daarbij lieten ze hun mest achter, stampten ze met hun hoeven mest en plantenresten de grond in en vertrokken ze zodra er niets meer te eten viel. Het achtergebleven stuk land kreeg dan de rust om de toegeleverde materialen om te zetten in een rijk bodemleven waarvan allerlei planten en dieren boven en onder de grond profiteerden . Bij de komst van een volgende kudde bizons waren het leven, het gonzen, het zingen, het kwetteren op dit stuk land en de dichtheid van het grasland en de kruiden erop rijker dan hoe de vorige kudde het stuk land had aangetroffen.

De oorspronkelijke bewoners van Amerika maakten onderdeel uit van een ecosysteem dat bijdroeg aan de instandhouding van het leven van planten, dieren, mensen en micro-organismen. Dit ecosysteem omvatte ook de uitwisseling tussen deze levende en de niet-levende omgeving: bodem, water en lucht. Door het wereldwijd doorbreken van dit ecosysteem door het te exploiteren zijn er grote problemen ontstaan binnen deze met elkaar samenhangende levende en niet-levende factoren.

Salatin bootst in zijn eigen boerderij in het dorp Swoope, Virginia, het principe van de bizonkuddes, het verplaatsen van groepen dieren naar een volgend stuk grasland na. Met als doel een steeds vruchtbaarder land te creëren waarop steeds meer dieren kunnen graven en steeds meer planten welig tieren. Salatin’ s koeien, varkens, kippen, konijnen, eenden en kalkoenen hebben een belangrijke rol in zijn gemengd landbouwbedrijf.

Op zijn farm verkoopt hij hun vlees en eieren. Maar bij leven hebben de dieren óók een taak op de boerderij, want Salatin predikt samenwerking tussen boer en natuur. Elke dag van het jaar gaan de koeien, gras-eters bij uitstek, naar een ander stuk wei. Op het door de koeien verlaten en ondergepoepte gras laat Salatin vervolgens de kippen scharrelen. Die eten zo de insecten uit de koeienmest en verspreiden de mest verder over het land. Op andere plekken zet Salatin bijvoorbeeld varkens in om de grond om te wroeten, en zo de aarde vruchtbaarder te maken.

Dieren uit de voedselketen?

Het herstel zit hem niet in het weghalen van de dieren uit de voedselketen. Waarom niet? Omdat dieren van vitaal belang zijn voor het voortbestaan en de verrijking van onze aarde. Voor alle levensfuncties zoals eten, wonen, voortplanting en overleving zijn ze op elkaar aangewezen. Plant en dier, groot en klein, bodemdiertjes en ook grazers, regenwormen… ze moeten allemaal voor hun overleving in de voedselkringloop voor hun eigen specifieke kostje zorgen. Waarbij het brood van de een onlosmakelijk leidt tot de dood van de ander. In de natuur is het eten en gegeten worden.

Wij als mens willen vanuit respect en medelijden voor de dieren niet meedoen aan het slachten. Helemaal mee eens als het gaat over het houden en doden van dieren in de bio-industrie. Mee oneens als we het hebben over een kering in de problemen waar we nu wereldwijd mee zitten.

Een wereldwijde omwenteling, te beginnen in de landbouw zoals Joel Salatin deze voorstaat, spreekt mij meer aan. Landbouwdieren in plaats van wegsaneren juist massaal inzetten om samen een omwenteling in klimaatveranderingen, vervuiling en onvruchtbaarheid van de aarde te realiseren, daar geloof ik in. En dan kan het bewust en dankbaar consumeren van deze dierlijke producten zoals vlees, melk en eieren een hommage worden aan het dier dat ons hielp aan het weer vruchtbaar maken van de aarde.

 

 

 

 

Anke Gooskens, Natuurdietist

 

Aanrader: de film ‘the biggest little farm’ 
Deze film is een documentaire die de biodiversiteit van de natuur prachtig in beeld brengt. De natuur die wij mensen met zijn allen kapot maken uit hebzucht. Wanneer we anders naar de natuur leren kijken en het nut van bepaalde problemen op een andere manier bekijken dan zouden we onze aarde kunnen redden.

Iedere dag vlees eten is niet meer van deze tijd

Dat vindt ongeveer de helft van alle Nederlanders. Meer dan 60% van de mensen is zich bewust van de impact van vlees op het klimaat. De milieuschade die de productie en consumptie van vlees oplevert moet in de winkelprijs worden verwerkt, vindt 1 op de 3 Nederlanders. Dit blijkt uit de Vegamonitor 2019, een jaarlijks onderzoek van Natuur & Milieu naar het eetgedrag van Nederlanders.

De Nederlander eet gemiddeld 4 tot 5 dagen per week vlees, 1 keer per week vis en bij 6 op de 10 wordt 1 keer per week een vegetarische hoofdmaaltijd op tafel gezet. Vooral jongeren maken zich zorgen over de vleesindustrie. Dat blijkt uit de Vegamonitor 2019 van Natuur & Milieu.

Buiten de deur dineren betekent voor de meeste Nederlanders vlees of vis eten (84%). Maar dit kan anders kunnen, wanneer horeca meer alternatieven voor vlees zouden aanbieden. De helft van de Nederlanders vindt het huidige aanbod vegetarische gerechten in de horeca namelijk te beperkt. Restaurants moeten beter hun best doen voor een betere balans, vlees, vis en vegetarisch op hun kaart.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen