skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

Artisjok en gember hulp bij maagklachten

Onder functionele dyspepsie worden maagklachten verstaan, waarbij geen afwijkingen zijn gevonden. Er werden 126 patiënten in de leeftijd van 18 tot 70 jaar met maagklachten verdeeld in een suppletie- en placebogroep. Ze kregen gedurende vier weken tweemaal per dag (voor de lunch en het avondeten) 100 mg artisjokextract en 20 mg gemberextract.

Van de 65 patiënten die het gember- en artisjokextract namen, rapporteerde 86 % vermindering en 63 % uitgesproken vermindering van dyspepsie. Voor de patiënten in de placebogroep bedroegen de percentages respectievelijk 52 % en 25 %. De onderzoekers hadden het verloop van zes symptomen in kaart gebracht: volheid, opgeblazenheid, te snel voldaan, misselijkheid, braken en buikpijn. Gember en artisjok verlaagden vijf van de zes symptomen, terwijl de symptomen toenamen in de placebogroep. De daling in symptomen trad al op na twee weken.

Wat zijn functionele maagklachten (dyspepsie)?

Functionele maagklachten komen veel voor. Wanneer er bij onderzoek geen afwijkingen worden gevonden voor de maagklachten spreekt men vaak van functionele maagklachten. De klachten worden veroorzaakt door een stoornis van het lichaam en ontstaan waarschijnlijk door een overgevoelige maag en/of verstoorde bewegingen van de maag. De klachten zijn medisch gezien niet ernstig. Voor veel mensen zijn de klachten echter erg vervelend en soms pijnlijk. De klachten kunnen van grote invloed zijn op hun dagelijks leven.

Mogelijke oorzaken functionele maagklachten

De twee meest voorkomende oorzaken van functionele maagklachten zijn een overgevoelige maag en een vertraagde maagontlediging (luie maag). Bij een overgevoelige maag is men overgevoelig voor prikkels uit het maag-darm kanaal. Daar kunnen voedselintoleranties aan ten grondslag liggen.

Aan het slijmvlies van de maag en de slokdarm is niets bijzonders te zien. Bij veel mensen is de oorzaak waarschijnlijk een combinatie van meerdere factoren waaronder een doorgemaakte infectie, een verstoorde beweging van de maag, het voedingspatroon en psychische factoren.

Een luie maag komt door een storing in de beweging van de maag. Men noemt dit ook wel een vertraagde maagontlediging. Bij een luie maag trekt de maagspier te weinig of te onregelmatig samen. Het voedsel wordt hierdoor niet goed fijngemalen en blijft langer in de maag dan normaal.

Soms blijft de voeding wel vijf uur of langer in de maag in plaats van drie uur. Bij veel mensen is de oorzaak van een luie maag niet bekend. Waarschijnlijk spelen stress en spanningen een rol. Specifieke enzympreparaten kunnen hierbij soms helpen.

Klachten bij functionele maag

klachtenKlachten die voor kunnen komen bij een overgevoelige maag en een vertraagde maagontlediging zijn:

• pijn in de bovenbuik

• maagpijn

• misselijkheid

• opboeren en oprispingen

• een opgeblazen gevoel

• snel een vol gevoel hebben

• soms braken

Behandeling van functionele maagklachten

Afhankelijk van de ernst van de klachten kan de huisarts u doorverwijzen voor verder onderzoek naar het ziekenhuis om andere aandoeningen uit te sluiten. De volgende onderzoeken kunnen dan worden gedaan: een gastroscopie en een maagontledigingsonderzoek.

Een gastroscopie is een kijkonderzoek van de maag. De arts gaat met een flexibele slang (endoscoop) via uw mond naar uw maag. Op de endoscoop zitten een kleine camera en een lampje waardoor de arts de binnenkant van uw maag kan bekijken.

Door middel van een gastroscopie kunnen aandoeningen als een maagslijmvliesontsteking, besmetting met de Helicobacter pylori bacterie of een maagzweer uitgesloten worden. Ook kan bij dit onderzoek een beschadiging van de slokdarm (door refluxziekte) aangetoond of uitgesloten worden. Wanneer de arts tijdens een gastroscopie voedselresten van voorgaande dagen terug kan vinden, kan er sprake zijn van een luie maag.

Met een maagontledigingsonderzoek kan een arts een luie maag vaststellen. Voorafgaand aan het onderzoek eet u een testmaaltijd met een kleine hoeveelheid radioactieve stof. Vervolgens gaat u één tot twee uur voor een camera zitten. De weg die de testmaaltijd aflegt, kan zo gevolgd worden. Dit onderzoek wordt ook wel een maagontlediging-scintigrafie genoemd. Scintigrafie wil zeggen dat gebruik wordt gemaakt van radioactiviteit.

Omdat de oorzaak van de klachten niet bekend is, is het moeilijk om functionele maagklachten gericht te behandelen. Voedingsadviezen kunnen de maagklachten mede helpen verminderen.

Gember werkt goed bij misselijkheid. Misselijkheid bij zwangerschap en chemotherapie zijn twee andere voorbeelden waarbij gember aantoonbaar werkt.

Extract van artisjokblad stimuleert galafscheiding, wat de maag-darmpassage kan versoepelen. Artisjok gaat ook antispasmodisch te werk. Gember en artisjok leidden niet tot bijwerkingen. Medicatie daarentegen, zoals domperidon, levosulpiride of metoclopramide, zijn geassocieerd met neurologische of endocriene bijwerkingen. Domperidon bijvoorbeeld wordt verdacht van het veroorzaken van hartsterfte bij senioren, bij gebruik vanaf 30 mg per dag.

Tips en adviezen bij functionele maagklachten

Wat betreft voeding zijn er een aantal producten waarvan bekend is dat ze maagklachten kunnen veroorzaken of verergeren. Het is echter vaak heel persoonlijk waar mensen klachten van krijgen. Vermijd de producten waar u last van krijgt zoveel mogelijk, maar probeer wel gevarieerd te blijven eten.

Voedingsintoleranties die het meest bekend zijn bij dyspepsie zijn: gluten, zuivel, scherpe specerijen, noten, zaden, peulvruchten en ei.

Wanneer u een bepaalde groep voedingsmiddelen (bijvoorbeeld zuivelproducten) niet meer gebruikt, kunnen er tekorten ontstaan. Hierdoor kunt u juist klachten krijgen. Voor hulp bij een persoonlijk voedingsadvies kunt u contact opnemen met een natuurdiëtist.

De volgende algemene leefregels en voedingsadviezen kunnen de klachten van een overgevoelige maag verminderen:

– Eet zo veel mogelijk verse biologische natuurlijke voeding

– Eet regelmatig en kauw het eten goed

– Vermijd erg grote en/of vette maaltijden, vooral gebakken en gefrituurde gerechten.

– Stop met alcohol, omdat dit het slijmvlies in slokdarm en maag irriteert

– Vermijd koffie, pepermunt, chocolade, koolzuurhoudende dranken, sterk gekruid eten

– Vermijd tijdelijk rauwkost, noten, muesli en kijk of daarmee de klachten verminderen. Gestoomde groenten, geweekte granen en noten in water zijn dan een alternatief.

– Citrusfruit of vruchtensap zoals: citroen, grapefruit, mandarijn en sinaasappel kunnen scherp zijn voor de maag.

– Vaste voedingsmiddelen blijven langer in de maag dan vloeibare voedingsmiddelen. Als uw klachten toenemen zodra u vaste voedingsmiddelen gebruikt, kunt u deze beter geheel of gedeeltelijk vervangen door vloeibare voedingsmiddelen, zoals soep.

– Als de warme maaltijd ’s avonds meer klachten geeft, kunt u deze maaltijd wellicht naar de middag verplaatsen.

– Maak eens gebruik van andere kooktechnieken zoals vlees, vis en kip klaar maken in de Römertopf. Dit maakt door de vetarme kooktechniek de eiwitten lichter verteerbaar.

– Gefermenteerde voeding draagt bij aan een betere spijsvertering, omdat fermentatie voor een toename van het aantal nuttige darmbacteriën en enzymen zorgt. Fermentatie is de transformatie van voeding door diverse bacteriën, schimmels, gisten en enzymen die ze produceren. Voorbeelden zijn kefir, yoghurt, miso, zuurdesembrood, gekiemde groenten, peulvruchten en zaden. Miso is een gefermenteerde pasta gemaakt van sojabonen, rijst (of soms gerst) met zout en koji sporen (een soort schimmel). Misosoep is het meest bekend. Miso kan worden toegevoegd aan sauzen of sladressings. Laat misopasta nooit koken, want dan smaakt het minder goed. Gefermenteerde voeding is volop verkrijgbaar in natuurwinkels of biologische winkels.

– Let op hygiëne. Als voedsel bederft, kunnen bacteriën en parasieten de kans krijgen om in het voedsel terecht te komen. Bijvoorbeeld als voedsel te lang wordt bewaard of door een slechte hygiëne bij de bereiding van voedsel. Hierdoor kan een voedselvergiftiging ontstaan wat misselijkheid en braken tot gevolg kan hebben.

– Stop met roken. Roken irriteert het maagslijmvlies en kan het sluitspiertje tussen de maag en slokdarm verslappen.

– Probeer stress zoveel mogelijk te vermijden en zorg voor voldoende ontspanning, bijvoorbeeld door sporten en andere lichaamsbeweging en meditatie. Bij spanning en stress maakt het lichaam meer maagzuur aan. Ook kan het de knijpbeweging van de maag vertragen of onregelmatiger doen worden.

Enzymen en maagklachten

Spijsverteringsenzymen zijn zowel noodzakelijk voor een optimale vertering van alle macronutriënten als voor de opname van vetoplosbare vitaminen. Een goede vertering verhoogt de biologische beschikbaarheid van nutriënten. Daarnaast verbetert het de voedseltolerantie en remt het de vorming van toxinen en andere belastende substanties in het spijsverteringskanaal. Hierdoor verminderen bijbehorende (maag)klachten zoals opgeblazenheid, flatulentie, buikpijn, stoelgangproblemen, vermoeidheid en diverse gerelateerde aspecifieke klachten.

Hieronder staan spijsverteringsenzymen vermeld die goedgekeurd zijn voor humaan gebruik, inclusief de bijbehorende eenheden waarmee de gestandaardiseerde enzymactiviteit wordt uitgedrukt. Bij maagklachten ligt vaak het accent van de verteringsproblemen bij de zwakte in proteolytische enzymen (eiwitsplitsers) en lipase (vetsplitser).

1. Protease of proteolytische enzymen splitsen voedingseiwitten in goed opneembare peptiden en aminozuren. De enzymactiviteit van proteolytische enzymen wordt uitgedrukt in HUT (Hemoglobin Unit; enzymatische hydrolyse van gedenatureerd hemoglobine) of SAPU (Spectrophotometric Acid Protease Units)

2. Lipase verteert vetten en verhoogt de opname van lipofiele nutriënten (vitamine A en D). De enzymactiviteit van lipase wordt uitgedrukt in FIP (Federation Internationale Pharmaceutique).

3. Papaïne splitst voedingseiwitten in peptiden en aminozuren en heeft tevens zetmeelsplitsende en enigszins vetsplitsende eigenschappen. De enzymactiviteit van papaïne wordt uitgedrukt in NF (National Formulary)

4. Bromelaïne splitst eveneens voedingseiwitten en ondersteunt evenals papaïne het effect van fungale proteolytische enzymen. Bromelaïne ondersteunt de vertering bij pepsine- en/of trypsinedeficiëntie. De enzymactiviteit van bromelaïne wordt uitgedrukt in GDU (Gelatin Digesting Units)

5. Amylase breekt complexe suikers (zetmeel) af tot tri-, di- en monosacchariden. De enzymactiviteit van amylase wordt uitgedrukt in DU (Dextrinizing Units)

6. Glucoamylase oftewel amyloglucosidase breekt eveneens zetmeelachtige koolhydraten af. De enzymactiviteit van glucoamylase wordt uitgedrukt in AGU (Amyloglucosidase Units)

7. Lactase oftewel bèta-galactosidase splitst het disaccharide lactose in de enkelvoudige suikers galactose en glucose. De enzymactiviteit van lactase wordt uitgedrukt in ALU (Acid Lactase Units)

8. Invertase splitst het disaccharide sucrose in de enkelvoudige suikers glucose en fructose. De enzymactiviteit van invertase wordt uitgedrukt in SU (Sarett glucose oxidase Units)

9. Alfa-Galactosidase breekt suikers als raffinose, stachyose en verbascose af en helpt bij de vertering van graan, peulvruchten en koolsoorten. De enzymactiviteit van alfa-galactosidase wordt uitgedrukt in GalU (Galactosidase Units)

10. Fytase breekt fytinezuur af in granen en bonen waardoor mineralen beter worden opgenomen. De enzymactiviteit van fytase wordt uitgedrukt in FTU (FyTase Units).

Enzymen van Fungale stammen

Fungale stammen zoals Aspergillus oryzae en Aspergillus niger worden al lang gebruikt in de voedingsindustrie voor de fermentatie van voedsel en hebben van de FDA het label GRAS gekregen (Generally Recognized As Safe). Deze stammen produceren in tegenstelling tot bijvoorbeeld Aspergillus flavus geen mycotoxinen zoals aflatoxinen.

Daarbij worden deze fungale enzymen via strenge procedures gezuiverd van fungale cellen, sporen en andere belastende stoffen. Spijsverteringsenzymen worden zeer goed verdragen. Ze mogen ook tijdens de zwangerschap worden gebruikt mits de zwangere zich aan de aanbevolen dosering houdt. Echter, de kans op een allergische reactie kan nooit uitgesloten kan worden daar enzymen ook eiwitten zijn (zie contra-indicaties).

Spijsverteringsenzymen kunnen algemeen worden ingezet, maar ook specifiek ter bevordering van de (partiële) detoxificatie van graanproducten en andere antigenen en/of antinutriënten.

Verteringsproblemen kunnen mogelijk leiden tot opname van grotere peptiden die immuuncomplexen vormen en zo allergieën uitlokken.

Dosering en effectiviteit

Bij alle enzympreparaten is een effectieve dosering zeer belangrijk. Bij vele enzymproducten is helaas de exacte dosering ondoorzichtig en verwarrend, omdat in veel gevallen de enzymactiviteit ten onrechte in milligrammen wordt uitgedrukt.

De hoeveelheid milligrammen van een bepaald enzym zegt niets over de activiteit van dat enzym. Daarom is een juiste manier om de potentie van een enzymproduct uit te drukken, vermelding van de hoeveelheid enzymen in zogenaamde “eenheden” (“units”) die een uitdrukking zijn van de snelheid waarmee dat betreffende enzym substraat omzet.

Commentaar NDN

Let bij aankoop van een enzympreparaat daarom op vermelding van afkortingen als bijvoorbeeld GDU, ALU, HUT of SAPU bij de ingrediëntendeclaratie.

Het is belangrijk dat de enzymen in fysiek contact komen met het voedsel dat ze moeten helpen verteren. Inname van een enzympreparaat tijdens of vlak na de maaltijd is dus belangrijk. Bij gebruik van capsules kunnen deze eventueel kort voor inname met (niet al te heet) voedsel worden vermengd.

Literatuur en links:

Giacosa A, Guido D, Grassi M, Riva A et al. The Effect of Ginger (Zingiber officinalis) and Artichoke (Cynara cardunculus) Extract Supplementation on Functional Dyspepsia: A Randomised, Double-Blind, and Placebo-Controlled Clinical Trial. Evid Based Complement Alternat Med. 2015;2015:915087

Hoffmeister D, Keller NP. Natural products of filamentous fungi: enzymes, genes, and their regulation. Nat. Prod. Rep., 2007; 24: 393-416. DOI: 10.1039/b603084j

Spök A. Safety Regulations of Food Enzymes. Food Technol. Biotechnol. 2006;44(2):197-209.

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen