Een persoonlijke oproep van Marijke de Waal Malefijt

Natuurdiëtisten.nl

Gratis Nieuwsbrief

Waardevolle en actuele informatie en tips over voeding en uw gezondheid!

Uw emailadres wordt alleen gebruikt voor toezenden van de nieuwsbrief.

Nieuwsbrief archief

Auto-immuniteit

Voedingsstrategie bij auto-immuunziekten Het concept dat het lichaam ‘allergisch is voor zichzelf’ (ook wel auto-immuniteit genoemd), werd voor het eerst voorspeld door Paul Ehrlich aan het begin van de twintigste eeuw. Op basis van zijn experimenten kwam hij tot de conclusie dat het immuunsysteem van het lichaam onder normale omstandigheden op zeer efficiënte wijze een onderscheid kan maken tussen ‘vreemd’ en ‘eigen’ weefsels of cellen.
Wanneer dit herkenningsproces echter aangetast wordt kan het immuunsysteem de weefsels gaan aanvallen, wat leidt tot een auto-immuunziekte. De term ‘auto-immuunziekte’ verwijst naar een gevarieerde groep van meer dan 80 ernstige chronische ziekten, waarbij bijna elk orgaansysteem van de mens betrokken is.

Van de volgende organen is bekend dat ze betrokken zijn bij specifieke auto-immuunziekten: het maagdarmkanaal, het zenuwstelsel en het endocriene (hormoon) stelsel, de huid en andere bindweefsels, de ogen, het bloed en de bloedvaten. Hoewel de aangetaste weefsels nogal gevarieerd zijn, is in elk van deze weefsels het onderliggende probleem hetzelfde.
Het immuunsysteem van het lichaam wordt verkeerd geleid en begint de organen aan te vallen die het eigenlijk had moeten beschermen. Belangrijker is om het mechanisme van de oorsprong van de ziekte te begrijpen dan de eindorgaan pathologie. Welke auto-immuunziekten zijn er? De meest voorkomende auto-immuunziekten zijn
Thyroiditis (schildklierontsteking) van Hashimoto
Type-1 diabetes
Reumatoïde Artritis en
Systemische lupus erythematodus (SLE).
De aandoeningen komen 4:1 tot 10:1 keer meer voor bij vrouwen dan bij mannen en ze verschijnen in verschillende gradaties van ernst. Andere auto-immuunziekten zijn inflammatoire darmziekten (IBD), waaronder de ziekte van Crohn en ulceratieve colitis en vasculitis (bloedvatontsteking), geassocieerd met arteriële ziekte. Onderzoek Onderzoek gericht op het begrijpen van auto-immuunziekten, heeft geleid tot erkenning dat het immuunsysteem een uitzonderlijk potentieel heeft om receptoren te maken die vreemde chemische entiteiten die het lichaam binnendringen op te sporen en te neutraliseren. Een aantal van deze receptoren herkent echter niet alleen vreemde elementen, maar ook elementen die lichaamsbekend zijn. Het systeem zit zo ingenieus in elkaar dat ze de werking van deze ‘verboden’ receptoren onder controle houden en een immunologische zelftolerantie bereiken.
De vertaling van ‘signalen’ uit de omgeving in de vorm van productie van ontstekingsproteïnen (eiwitten) is complex (signaaltransductiesysteem). Dit ingewikkelde systeem noemt men het proteïne-kinase-netwerk (ook wel kinoom). Er bestaan honderden kinase-enzymen die dienen als ‘regel-elementen’. De activiteiten van veel van deze kinases zijn weefsel- en orgaanspecifiek . Daardoor kan de wijziging van specifieke kinase activiteiten resulteren in verschillende pathologieën (ziektebeelden). Niet alleen een genetisch risico Tegenwoordig erkent men dat de gevoeligheid voor auto-immuunziekten niet enkel afhankelijk is van genetische risicofactoren. Functieveranderingen (posttranslationele modificatie) van proteïnen door bepaalde biochemische reacties (zoals oxidatie, glycatie, methylatie of fosforylatie) kunnen een rol spelen in het wel of niet herkennen van het immuunsysteem. Anders gezegd: uw genen kunnen veranderd zijn door omgevingsinvloeden zoals voeding, chemische giftige stoffen, roken, milieugiffen, psychische gifstoffen etc. We moeten onze aandacht dus richten naar onderliggende fysiologische-, psychologische- en voedingsmediatoren. ‘U eet informatie voor uw genen’ volgens dr. Jeffrey Bland.

Dr. Bland is een nutritioneel biochemicus en geregistreerd klinisch laboratoriumdirecteur, voormalig professor aan de University of Puget Sound en voormalig directeur nutritioneel onderzoek aan het Linus Pauling Institute of Science and Medicin. Hij schreef vijf boeken over nutritionele geneeskunde voor gezondheidsprofessionals en vier boeken over voeding en gezondheid voor een algemeen publiek. Hij is eveneens de belangrijkste auteur van meer dan 100 door vakgenoten beoordeelde werken over nutritionele biochemie. Th1/Th2-immuunbalans door voedingsinterventies Auto-immuun aandoeningen worden gekenmerkt door een verschuiving van de thymusafhankelijke lymfocytactiviteit tot CD4+ dominantie. Dit draagt bij tot een gebrek aan zelftolerantie en ontsteking. Nutritionele middelen die de Th1/Th2-balans kunnen moduleren zijn nuttig bij zowel de preventie als bij de medicatie(reguliere en/of complementaire) behandeling van deze aandoeningen.
De nutriënten die men voorstelt om de Th1-dominantie te verminderen door de processen (immuun signaaltransductie) te wijzigen zijn: plantensterolen, probiotica, omega 3 vetzuren, zink, selenium, vitamine D en een geheel aan fytostoffen zoals hop, geelwortel, rozemarijnextract, olijfblad, etc. Ook het eten van specifieke voedingsmiddelen zoals broccoli (of een extract in de vorm van indol-3-carbinol) of granaatappel flavonoiden kunnen fungeren als modulatoren van lever- en maagdarmkanaal ontgifters.

Een aantal veelvoorkomende nutritionele tekorten zoals selenium, zink, vitamine D, EPA kunnen de auto-immuunreacties erger maken. Zo kan bij bepaalde mensen omgevingsfactoren (zoals bijvoorbeeld straling, oxidatie door gebakken vet of frituurvet, chemische mutagenen, stress, virale infecties, geoxideerde stresshormonen) het DNA chemisch wijzigingen, wat dan de opwekking van een immuunreactie teweegbrengt. De vatbaarheid hangt gedeeltelijk af van de genetische uniekheid (aanleg, constitutie) en de nutritionele (voedings) status. Voedingstekorten die bijdragen tot een auto-immuunziekte Nutritionele ondervoeding van bijvoorbeeld vitamine D, diverse soorten vitamine B (waaronder B6, B12, foliumzuur, TMG=trimethylglycine), omega 3 vetzuren, selenium en zink kunnen factoren zijn die auto-immuunziekten uitlokken.
Wijzigingen in de DNA( methylatie) vormen een voorbeeld van een invloed (epigenetische) op de fysiologie. Een niet goed functionerende methylatie (ondermethylatie) van DNA kan het resultaat zijn van oftewel defecten in de folaat (foliumzuur) methylatieweg of reducties in de ERK kinase signalerende weg. Gebrekkige ERK-signalering draagt bij tot de ontwikkeling van auto-immuniteit door de DNA methyltransferase-expressie te verminderen, de DNA methylatiepatronen te wijzigen en de genexpressie te veranderen.

Men heeft een 80-tal geneesmiddelen en chemicaliën geïdentificeerd die lupus-achtige auto-immuniteit induceren. De geneesmiddelen die het meest in verband gebracht worden met lupus zijn: procainamide, hydralazine, chloorpromazine, isoniazide, methyldopa, penicillamine, quinidine en sulfasalazine. Verder heeft men een aantal specifieke families van geneesmiddelen geïdentificeerd als verhoogd risico op auto-immuunziekten, waaronder anticonvulsiva, bètablokkers en sulfonamiden. Vitamine D
Vitamine D tekort doet het risico op auto-immuunziekten (zoals type 1 diabetes, MS, Reumatoïde Artritis) toenemen. De actieve hormonale vorm van vitamine D (1,25 [0h2]D) werkt als een belangrijke immunomodulator door haar interacties met immuuncellen en betrokkenheid bij reguleren van de lymfocytfunctie, de macrofaagactiviteit en de cytokine productie. Er is een typisch tekort aan vitamine D in de winter in de VS, Noord Europa en ook in Nederland. Veel wetenschappers bevelen vitamine D suppletie aan die hoger ligt dan 400IE per dag. (voorzichtigheid is geboden bij SLE). Foliumzuur
Een gematigde hyperhomocysteinemie (homocysteine in het bloed mag bij voorkeur niet hoger zijn dan 6 umol/l) werd vastgesteld bij mensen met auto-immuunziekten als gevolg van lage foliumzuur niveaus. Een recente studie met Reumatoïde Artritis patiënten heeft een wisselwerking aangetoond tussen hoge homocysteine gehaltes in het bloed, een lage foliumzuurstatus (overigens zijn de vitamine B 12 en de vitamine B 6 ook vaak verlaagd, evenals de TMG) en verhoogde concentraties van immuunactiveringsmarkers. Dit wijst erop dat zowel het foliumzuur gehalte als de immuunactivering betrokken zouden kunnen zijn bij de ontwikkeling van verhoogde homocysteine in het bloed (homocysteïne kan bepaald worden op de prikpoli van bijna elk ziekenhuis, op verwijzing van de huisarts). Omega 3 vetzuren Omega 3 vetzuren, vooral EPA (visolie), bezitten anti-inflammatoire (= anti-ontsteking) en immuunmodulerende effecten. De eigenschappen van omega 3 bestaan uit de regulering van de hoeveelheid en de soorten eicosanoiden (prostaglandinesynthese) die geproduceerd worden. Daarnaast hebben ze invloed op de transcriptiefactoren activiteit en op de genexpressie. Omega 3 vetzuren suppletie gaf significante voordelen te zien bij klinische onderzoeken over inflammatoire en auto-immuunziekten waaronder; Reumatoïde Artritis, SLE, MS, de ziekte van Crohn, ulceratieve colitis en psoriasis. Zink en selenium
De rol van zink en selenium bij chronische inflammatoire aandoeningen is zeer belangrijk omdat ze cofactoren zijn in de metabole processen waarbij de gewrichtsweefsels en de immuunsysteemfunctie betrokken zijn. Selenium- en zinktekorten werden in verband gebracht met een verergering van de inflammatie (ontsteking) in actieve Reumatoïde Artritis Men heeft ontdekt dat suppletie met deze stoffen de gevoeligheid en de stijfheid van de gewrichten vermindert. Selenium komt onvoldoende voor in de huidige voeding en zink wordt extra verbruikt bij ontstekingen. Vooral vegetariërs dienen extra attent te zijn op zink. Geslachtshormonen en auto-immuniteit De geslachtshormonen (vooral oestrogenen in het bijzonder de 16 alpha-OH oestrogeen vorm) blijken een rol te spelen als mediatoren en handhavers van inflammatoire en auto-immuun aandoeningen. Dit zou het vaker voorkomen van auto-immuunziekten bij vrouwen kunnen verklaren en de schommelingen in de ernst van de ziekte die waargenomen word bij zwangere vrouwen. Bovendien is aangetoond dat de gehaltes pro-inflammatoire oestrogenen zoals 4-OH en 16 alpha-OH in vergelijking met androgenen significant verhoogd zijn in de synoviale vloeistof, zowel bij vrouwelijk als bij mannelijke Reumatoïde
Artritis patiënten.

Kruisbloemige groenten of het glucosinolaatmetaboliet indol-3-carbinol kan voordeel bieden bij de verlaging van de schadelijke vorm 16 alpha-OH. De 2-OH vorm oestrogeen is de ‘goede’ vorm en dus kan met voedingsinterventies invloed (o.a. in de lever) uitgeoefend worden op het oestrogeenmetabolisme. De lokale effecten van geslachtshormonen blijken in de eerste plaats te bestaan uit cytokine productie (ontsteking) en uit modulering van celproliferatie. Verschillende studies op patiënten met Reumatoïde Artritis en SLE hebben verhoogde gehaltes van de mitogene 16 alpha- hydroxyesteron(16 alpha-OH) aangetoond. Een gezond oestrogenenevenwicht Voedingsadviezen kunnen dus bijdragen aan een gezond oestrogenenevenwicht. Het ondersteunen van de hydroxylatie en methylatie (lever) van oestrogenen met de juiste voeding (en voedingssupplementen) kan helpen om de transformatie in 2 –OH oestrogenen eerder dan in 16 alpha OH oestrogenen te begunstigen. Het metabolisme van oestrogenen is afhankelijk van specifieke enzymen (CYP 450-enzymen). Deze enzymen (CYP 1A1, 1A2, 3A4, 1B1) vormen de primaire wegen voor omzetting van oestrogenen in 2-OH, alpha-16 OH, 4-OH derivaten. Gewijzigde ontgiftingsstatus (lever)
Recente studies tonen aan dat bij sommige mensen een gewijzigde ontgiftingsstatus hen vatbaarder kan maken voor auto-immuun aandoeningen. Er bestaan aanzienlijke genetische variaties binnen de CYP 450 enzymsuperfamilie. De CYP 450 enzymsuperfamilie bevat 57 genen en codes voor enzymen die talloze functies kunnen hebben. Genoemd worden: drugsmetabolisme, vreemde chemicaliën, arachidonzuur, eicosapentaeenzuur(EPA) en eicosanoiden, cholesterolmetabolisme, galzurenbiosynthese, steroïde hormoonsynthese, vit D3 synthese, vitamine D metabolisme, vitamine A metabolisme (die o.a. weer afhankelijk is van zink en vitamine B6).
B-vitaminen zoals foliumzuur, B6 en B 12 werken als co-factoren van enzymen die betrokken zijn bij o.a. de oestrogeenontgifting. Verlaagde gehaltes hiervan (die moeilijk zijn vast te leggen in het bloedserum, daar deze gehaltes onvoldoende zegt over de weefselvoorraden) kunnen de oestrogeen ontgifting in de lever verstoren, wat leidt tot verhoogde gehaltes circulerend ‘schadelijk’ oestrogeen.

In de VS blijkt suppletie van de actieve vorm van foliumzuur de L-5-methyltetrahydrofolaat (L-5-MTHF) bijzonder gunstig te werken bij diegene die een genetisch polymorfisme (het optreden in verschillende gedaanten of modificaties) heeft om foliumzuur te metaboliseren. Dit wordt vaak ook gezien bij vitamine B 6 en vitamine B 12. De actieve co-enzymvorm van B 6 (de P-5-P vorm) en de actieve co-enzymvorm van B 12 (adenosylcobalamine) is krachtiger dan de gewone B6- en de gewone B 12 vorm. Vitamine B 12 is een voor de menselijke gezondheid essentieel nutriënt en een heel belangrijk co-enzym in de menselijke biochemie. Net als vitamine D komt vitamine B 12 alleen in dierlijke bronnen voor. Sommige planten en zeewieren bevatten op B 12 gelijkende stoffen (analogen) die echter niet de functie van de vitamine hebben en zelfs als antimetaboliet het B 12-metabolisme kunnen verstoren. Vegetariërs opgelet Vegetariërs moeten oppassen voor vitamine D en B 12 tekorten! De absorptie van vitamine B 12 is aanzienlijk complexer dan die van andere vitaminen. In de maag moet B 12 van voedingseiwitten worden afgesplitst en hiervoor is de aanwezigheid van voldoende maagzuur en verteringsenzymen essentieel. Vervolgens wordt vitamine B 12 aan de zogenaamde intrinsic factor gebonden (een glycoproteïne dat door de maagmucosa wordt afgescheiden). Door ontstekingen kan er onvoldoende intrinsic factor aanwezig zijn. Het vitamine B 12-intrinsic factorcomplex kan zich binden aan receptoren (deze hebben o.a. zink nodig) van bepaalde brush border-cellen in de darm (ileum), waardoor de opname kan plaatsvinden. Ontstekingen aan de darmen kunnen ook hier verstorend werken. In het bloed is vitamine B 12 voornamelijk gebonden aan het eiwit transcobalamine II, dat zorgt voor het transport en de opname in de lever.

Bij stress, zwangerschap, medicatiegebruik, zware metalenbelasting, antibiotica, leveraandoeningen, alcohol misbruik, de anticonceptiepil, schildklieraandoeningen, ontstekingen, parasieten staat het vitamine B12 metabolisme onder druk. Dit geeft weer een veranderde ontgiftingsstatus met een risico op auto-immuun aandoeningen. Veel milieu verontreinigers (zoals xenobiotica in de vorm van kwik, cadmium, goud, organische oplosmiddelen, vinylchloride, pesticiden) kunnen negatieve reacties veroorzaken bij mensen die vatbaar zijn voor auto-immuunziekten. Ze zetten mogelijk macrofagen en andere inflammatoire cellen aan tot het afgeven van pro-inflammatoire producten en tasten hiermee het evenwicht aan tussen type I en type II immuunreacties. Voedingsinterventies (waaronder biologische natuurvoeding) om de gewijzigde ontgiftingstatus te ondersteunen zijn zeer belangrijk De maagdarm barrière en evenwicht in de microflora Er is een verband tussen de barrièrefunctie van het slijmvlies en auto-immuun ziekten. Het gastro-intenstinale (maagdarm) kanaal is verantwoordelijk voor het reguleren van het verkeer tussen de omgeving en het lichaam (binnen en buitenwereld). De maagdarm barrière (met haar tight junctions), het lymfatisch weefsel en het neuro-endocriene netwerk controleren samen het evenwicht tussen tolerantie en immuniteit tegen potentiële antigenen. Auto-immuunziekten kunnen ontstaan als dit ontregeld wordt. Tight junctions reguleren de permeabiliteit van de darmbarrière. Ze zijn verantwoordelijk voor het selectief transporteren van gunstige en mogelijk schadelijke moleculen tussen de omgeving en het lichaam. Disfunctie van deze tight junctions, dat ook wel ‘leaky gut’ wordt genoemd, speelt een rol in de pathogenese van verschillende ziekten, waaronder auto-immuun ziekten als Reumatoïde Artritis, SLE, huidziekten, IBD, etc. Recente wetenschappelijke studies uit slijmvliesbiopten van IBD patiënten laten een gewijzigde expressie zien van tihgt junction proteïnen. Deze zijn mogelijk het gevolg van de effecten van pro-inflamatoire cytokines. Er zijn steeds meer aanwijzingen dat deze cytokines weer gevormd worden door bepaalde voedingsmiddelen. Dit wijst erop dat er een vicieuze cirkel gevormd wordt, waarbij toegenomen darmpermeabiliteit (lekkage) ervoor zorgt dat de darminhoud (bepaalde stoffen) verder kunnen lekken, wat bijdraagt tot een pro-inflammatoire immuunreactie op het darmweefsel, die dan op haar beurt het verder lekken van de darm bevordert.

Een gezond maagdarmkanaal herbergt een grote verscheidenheid aan ‘vriendelijke’ bacteriën die aangehecht zitten aan de darmwandreceptoren. Deze bacteriën zijn in staat invloed uit te oefenen op een hernieuwing van de enterocyten (darmcellen) en ook op de andere elementen van het mucosale immuunsysteem. Een gezond ecosysteem is essentieel voor een evenwichtig immuunsysteem en wanneer dit bacteriële evenwicht verstoord wordt, kan een overmatige immuun activering een risico vormen op de ontwikkeling van intestinale of systemische ontstekingen. Een eliminatie (aan de hand van testen blijken vaak gluten, melk, suiker, ei, vet vlees, bepaalde noten, bepaalde specerijen, bepaalde vruchten waaronder sinaasappel ontstekingsbevorderend te zijn) en anti-inflammatie dieet (geen transvetzuren, extra goede oliesoorten, etc), een leverondersteunend voedingsadvies( geen alcohol, koffie, extra specifieke groenten, vis, bosvruchten, etc) gecombineerd met suppletie van o.a. probiotoca ,vetzuren(omega 3) , aminozuren (l-glutaminezuur), antioxidanten, etc. is een 21ste eeuws perspectief op auto-immuunziekten.

Een moderne voedingskijk die samen met gebruik van specifieke fyto-ingrediënten , micronutriënten dient als potentieel belangrijke toegevoegde klinische middelen om auto-immuun aandoeningen onder controle te houden. Natuurdiëtisten kunnen daar een belangrijke rol in spelen en we zijn dr. Jeffrey Bland heel erkentelijk dat hij een grote bijdrage heeft geleverd aan het maken van (voedings)protocollen van diverse ziekten waaronder auto-immuunziekten.(zie functional medicine update; www.jeffreybland.com ). Inflammatoire Biomarkers

Inflammatoire biomarkers vormen belangrijke middelen om veranderingen in de toestand van het immuunsysteem te helpen evalueren bij mensen met auto-immuun ziekten. Verhoging van de metalloproteinases en inflammatoire cytokines zoals TNF-alfa en de interleukine (IL)6 staan in verband met het ontstaan en de progressie van auto-immuunziekten. Dezelfde inflammatoire biomarkers (incl. homocysteine en CRP) zijn ook betrokken bij het risico op cardiovasculaire ziekten, type II diabetes, dementie, osteoporose en bepaalde kankers. De onderliggende immuun activering in verband met artritis kan daarom ook verbonden zijn met het toegenomen risico op andere ontstekingsgerelateerde ziekten. Klinische gelijkenissen tussen Reumatoïde Artritis en Osteoartritis(OA) en tussen OA en osteoporose en die van Reumatoïde Artritis en het risico op coronaire hartziekten zijn opmerkelijk te noemen.

Recentelijk heeft men ontdekt dat een zeer lage nuchtere triglyceridenwaarde in het bloed en een laag gehalte vrije vetzuren vroege markers zijn van een gewijzigd redox-potentieel bij patiënten met auto-immuunziekten.

Nog een ziekte die in dit rijtje zou passen is de ziekte van Alzheimer. Men heeft ontdekt dat het parenchym van de hersenen een hoog gehalte IgG bevat. Dit suggereert dat deze anti-neuronale antilichamen van systemische oorsprong kunnen zijn (‘Alle ellende begint in de darmen’ zegt men in de natuurgeneeskunde al jaren) en in de hersenen kunnen verschijnen als gevolg van de afname van de integriteit van de bloed-hersen-barrière. Deze observatie kan helpen om de epidemiologische verbanden te verklaren tussen glutengevoeligheid en dementie (in een vroeg stadium) en MS.

Voeding speelt bij de functionele geneeskunde (geneeskunde volgens inzichten van dr. J.Bland een zeer grote rol. Nu is het wachten nog op net zo’n belangrijke hoofdrol in de ‘reguliere’ geneeskunde. De natuurdiëtisten zitten te popelen om hun mouwen op te stropen en eindelijk met erkenning van de verzekeringen aan het werk te gaan. Het wordt hoog tijd!

 

Uitleg voedel allergieën, vermoeidheid en hoofdpijn door Patrick Holford

Boekentips van Patrick Holford

Gezondheid algemeen
Vond u deze informatie nuttig? Lees dan alstublieft de persoonlijke oproep van Marijke de Waal Malefijt, oprichtster van Natuur DiŽtisten Nederland