skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

Soja advies bij borstkanker

Voor het eerst in de wetenschappelijke literatuur (1) wordt het gebruik van soja aangemoedigd om de kans op sterfte of terugval van borstkanker te doen dalen. Uit analyses van meer dan 11.000 borstkankerpatiënten blijkt dat een dagelijkse portie soja de overlevingskans met 29 procent verhoogt en de kans op terugval met 21 procent verlaagt.

Chinese onderzoekers namen vijf studies onder de loep (drie Aziatische en 2 Amerikaanse studies), die samen de gegevens van 11.206 borstkankerpatiënten bevatten.

Uit hun analyses bleek dat vrouwen die dagelijks meer dan 13 g soja-eiwit (stemt overeen met 2 glazen sojadrink) gebruiken, 29% minder kans hebben op sterfte aan borstkanker in vergelijking met vrouwen die bijna geen soja gebruiken (minder dan 2 g soja-eiwit/dag). De kans op terugval was 21 procent lager indien dagelijks soja werd gebruikt.

Soja blijkt ook beschermend bij beide types borstkanker, dus zowel bij ER_negatief als bij ER_positief, en het gunstige effect geldt zowel voor als na de menopauze.

Deze studie toont aan dat soja niet interfereert met tamoxifen, het geneesmiddel dat tijdens de behandeling van borstkanker gebruikt wordt. Er bestond in het verleden lang controverse dat soja de werking van tamoxifen teniet zou doen, maar dit onderzoek bewijst dat het gebruik van soja geen effect heeft op behandeling met dit geneesmiddel.

Borstkankerpatiënten kunnen zonder gevaar kiezen voor een plantaardig of meer plantaardig voedingspatroon op basis van soja. De onderzoekers moedigen het gebruik van soja door borstkankerpatiënten aan omdat er duidelijke wetenschappelijk evidentie is dat soja de kans op overleven verhoogt.

Commentaar NDN

Steeds meer informatie komt er in het nieuws dat voeding kanker kan bevorderen of blokkeren. Sommige voedingsfactoren bevorderen de groei van kanker, anderen blokkeren de groei. Voeding blijkt een belangrijke invloed te hebben op de biologische mechanismen die het voortwoekeren van kankercellen versnellen of vertragen. Doordat voeding inwerkt op verschillende mechanismen, kan men door het combineren van voedingsmiddelen een groter aantal factoren aangrijpen die een rol spelen bij kanker.

Neem bijvoorbeeld het belang van de juiste vetzuren. Hoewel EPA en DHA enorm belangrijk zijn en veel mensen er een tekort aan hebben, is ook voldoende ALA (alfa linoleenzuur) in de voeding (of via aanvulling) belangrijk. Een deel van ALA zal omgezet worden in EPA en DHA, als er voldoende nutriënten als magnesium, zink, vitamine C, B3 en B6 aanwezig zijn. Daarnaast is het raadzaam de linolzuur te beperken en geen geraffineerde suikers, verzadigde vetten en transvetten te eten. Bij de veel mensen wordt aan deze voorwaarden niet voldaan.

ALA heeft in het lichaam naast omzetting naar EPA en DHA nog andere belangrijke functies met o.a. effect op huid, bloeddruk, hart- en bloedvaten, stemming en hormooncyclus. Vaak wordt beweerd dat teveel ALA gevaarlijk zou zijn bij hormoongevoelige kankers. Uit wetenschappelijk onderzoek (3) blijkt echter het tegendeel. Vlaszaadolie rijk aan ALA remt proliferatie of uitzaaiing van borstkankercellen en stimuleert het afsterven van borstkankercellen.

Het verhindert zelfs het ontstaan van oestrogeengevoelige borstkanker. Een hoge concentratie alfa-linoleenzuur in het borstvetweefsel vermindert het borstkankerrisico met 64%. ALA komt, behalve in vlaszaadolie, in de voeding voor in raapzaadolie (canola), pompoenpitten, perilla(olie), walnoten en sojabonen.

In 2010 verscheen er al een studie (2) dat het eten van sojaproducten de terugkeer van borstkanker helpt voorkomen. Vrouwen hebben na hun operatie nog een grote kans om enkele jaren later terug borstkanker te krijgen. Vandaar dat ze na hun operatie gedurende lange tijd hormonen- of chemotherapie moeten ondergaan.

De vrouwen in deze studie (2) die de meeste soja aten (42 mg soja-isoflavonen per dag) hadden 33% minder kans op terugkerende borstkanker dan vrouwen die het minst soja aten (15 mg/dag). Sojaproducten bevatten 10 mg (sojamelk) tot 130 mg (sojabonen) isoflavonen per 100 gram. Tofu bevat ongeveer 30 mg. Soja beschermde enkel de vrouwen in de menopauze; bij vruchtbare (premenopauzale) vrouwen was er geen effect te zien.
Kanttekening bij sojaIn de praktijk blijkt dat soja niet altijd goed verdragen wordt. Dus een kleine kanttekeningen is wel op zijn plaats. Dit kan zijn bij o.a. schildklierklachten, endorphineproblematiek (lees meer hierover bij de artikelen over exorfinen op deze site) en bij voedselovergevoeligheid (lees meer over IgG voedselreacties op deze site). Zoals zo vaak met voedingsmiddelen; wat voor de ene mens goed is, is voor de andere mens niet goed. Gelukkig hebben we een palet aan gezondheid bevorderende biologische voedingsmiddelen, dus bij de discussie SoJa of SoNee is er nog keuze genoeg om aan uw immuniteit te werken.

Literatuur en links:

1. Chi F, Wu R, Zeng YC, Xing R, Liu Y, Xu ZG. Post-diagnosis Soy Food Intake and Breast Cancer Survival: A Meta-analysis of Cohort Studies. Asian Pac J Cancer Prev 2013;14:2407-12. http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/23725149

2. Kang X, Zhang Q et al. Effect of soy isoflavones on breast cancer recurrence and death for patients receiving adjuvant endocrine therapy. MAJ. 2010 Oct 18. [Epub ahead of print]

3. Truan JS, Chen JM, Thompson LU. Flaxseed oil reduces the growth of human breast tumors (MCF-7) at high levels of circulating estrogen. Mol Nutr Food Res. 2010 Oct;54(10):1414-21.

Zelftest

 

Estronex urinetest

Estronex urinetestVerkoopprijs (incl. BTW): € 120,70
Koop deze test hier
Laboratoriumanalyse van de oestrogeenmetabolieten 2-, 4- en 16-Hydroxy-oestron alsook 2- en 4-methoxy-oestron. Ter bepaling van een verhoogd risico op een borstcarcinoom of op andere oestrogeenafhankelijke tumoren. Uit deze parameters worden aanvullend de 2/16- hydroxy-oestrogeenratio alsmede de methyleringsratio berekend.

Metabolieten vanuit de oestrogeenstofwisseling lijken een cruciale rol te spelen bij de ontwikkeling van oestrogeenafhankelijke tumoren, zoals borstkanker. Vooral oestrogeenmetabolieten met sterke oestrogeenachtige effecten zoals 16- hydroxy-oestron vormen een risicofactor. Metabolieten zoals 4-hydroxyoestron worden bij onvoldoende methylering in de fase II detoxificatie in chinonen omgezet en kunnen mutaties veroorzaken in het DNA en dus het risico op kanker verhogen.

Een analyse van alle belangrijke oestrogeenmetabolieten zorgt ten eerste voor een gedetailleerd individueel inzicht in het oestrogeenmetabolisme en dient als basis voor preventieve maatregelen op het gebied van oestrogeenafhankelijke tumoren. Door dieetmaatregelen, zoals de consumptie van indool-3-carbinol houdende groenten, zoals broccoli, kan de verhouding worden verhoogd in de richting van 2-hydroxylatie en het risico op een oestrogeen afhankelijk carcinoom op de lange termijn verminderen.
Indicaties:

– bij alle vrouwen boven de 30
– bij vrouwen met borstkanker in de familie
– ter algemene preventie

Privacy instellingen

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. In de instellingen kunt u zelf kiezen welke cookies u wilt toestaan of wilt weigeren.

Privacy verklaring | Sluit
Instellingen