skip to Main Content
Groot kenniscentrum met meer dan 1000 artikelen over gezondheid!

Onderzoek naar Zuigelingenvoeding: deel 2

Prebiotica zijn voedingsvezels. Deze worden in de darmen afgebroken door darmbacteriën. Ze stimuleren de groei van goede darmbacteriën en hebben zo een gunstig effect op het darmmilieu. GOS en FOS zijn afkortingen voor de prebiotica die toegevoegd mogen worden aan flesvoeding.

Prebiotica verlagen de kans op eczeem en astma en zorgen voor een goede darmwerking. Daarnaast zouden GOS en FOS mogelijk de kans op het ontwikkelen van allergieën en voedselovergevoeligheden verkleinen.

De volgende conclusies over de gezondheidseffecten van GOS kunnen voorzichtig worden getrokken:

  • Ontlasting: Suppletie met prebiotica wordt geassocieerd met een lagere feces-pH, verhoogde frequentie van stoelgang en een zachtere consistentie.
  • Darmflora: Suppletie met prebiotica leidt tot een significant hoger aantal koloniën van gunstige bifidobacteriën en lactobacilli; er is een beperkt effect op de reductie van pathogene bacteriën.
  • Allergische reacties en infecties: GOS/FOS-suppletie is geassocieerd met een aantal gunstige gezondheidsuitkomsten: verminderd risico op allergische reacties en minder infecties, vooral minder luchtweginfecties.
  • Eczeem is bij jonge kinderen vaak een voorbode van astma. Onderzoek van het AMC in 2012 heeft laten zien dat pre- en probiotica bij deze kinderen wellicht niet alleen het eczeem kunnen verlichten, maar soms ook de ontwikkeling van astma kunnen tegenhouden.

Probiotica en de baby darm

Sommige probioticastammen kunnen mogelijk darmklachten verminderen, de weerstand tegen infecties verhogen en het ontwikkelen van astma, eczeem en allergieën voorkomen. Dit hangt af van de stam of stammen die ingezet worden en is situatie-afhankelijk.

Suppletie met specifieke stammen, afgestemd op de baby, laat in de praktijk gezondheidswinst zien. Voorbeelden zijn afname van darmklachten en ontlastingsproblemen (zowel diarree als verstopping) en verbetering bij huidklachten en afname van allergische klachten.

Zuigelingenvoeding waar u zelf probiotica aan toevoegt heeft de voorkeur boven zuigelingenvoeding waaraan de fabrikant probiotica heeft toegevoegd. Zo kunt u in overleg met uw natuurdiëtist of arts zelf bepalen welke stam of stammen u geeft en dit afstemmen op de behoefte van uw baby.

Zo hebben de stammen Lactobacillus rhamnosis LGG, Lactobacillus acidophilus LA-5, Bifidobacteriumlactis BB-12, Bifidobacterium infantis, Bifidobacterium bifidum en Lactococcus lactis een preventieve werking tegen het ontstaan van allergieën. Het gaat dan vooral om het verminderen van eczeem. Mogelijk hebben ze ook een therapeutische werking.

In een onderzoek bij 27 kinderen (gemiddelde leeftijd 4.6 maanden) die atopische klachten hadden, werd de borstvoeding vervangen door hypoallergene voeding, al dan niet aangevuld met Bifidobacterium lactis BB-12 of Lactobacillus GG. De SCORAD-score (scorelijst voor de ernst van atopische klachten) aan het begin van de studie was gemiddeld 16.

Na twee maanden was dit gemiddelde gedaald tot 13.4 in de controlegroep, tot 1 in de groep die voeding + LGG kreeg en tot 0 in de groep die voeding plus Bifidobacterium lactis BB-12 kreeg.

Biologische flesvoeding

De biologische landbouw is gebaseerd op dierenwelzijn, duurzaamheid en harmonie voor de natuur. Kiest u biologische flesvoeding dan zijn meerdere ingrediënten van biologische oorsprong. Er wordt geen gebruik gemaakt van genetisch gemodificeerde ingrediënten.

Biologisch is niet standaard de beste keus. Ook bij biologische kunstvoeding blijft het belangrijk om eerst het etiket te lezen. Zo kunt u een bewuste keuze maken. Biologische flesvoeding kan bijvoorbeeld maltodextrinen bevatten terwijl de voorkeur uitgaat naar lactose. Daarnaast bevat biologische flesvoeding niet altijd als extra toevoeging GOS/FOS en/of DHA.

Suiker in de melk

Moedermelk is van nature rijker aan melksuikers (lactose) dan koeien- en geitenmelk. Er kan extra lactose aan zuigelingenvoeding worden toegevoegd om de samenstelling van moedermelk na te maken. Een baby in de groei heeft extra energie nodig. Lactose in moedermelk en flesvoeding is voor baby’s een belangrijke energiebron.

Lactose bestaat uit 1 deel glucose en 1 deel galactose. Galactose is een essentieel suiker en heeft een gunstige werking op het ontwikkelen van een gezonde darmflora en darmslijmvlies. Het is bijvoorbeeld een bouwsteen voor de aanmaak van secretorisch IgA.

Secretorisch IgA is een immunoglobuline dat de baby beschermt tegen infecties met bacteriën, virussen, schimmels en gisten. Het vangt daarnaast allergenen weg, waardoor baby’s minder snel allergisch reageren op inhalatie- en voedselallergenen.

Fabrikanten van flesvoeding voegen regelmatig maltodextrinen en glucosestroop toe in plaats van lactose. Dit is goedkoper en het poeder klontert minder snel door deze toevoeging. Maltodextrinen en glucosestroop laten de bloedsuikerspiegel sneller stijgen. Hun glycemische index is twee tot drie keer hoger dan die van lactose en vergelijkbaar met de GI van glucose (GI lactose 46: glucose 100: maltodextrinen/glucosestroop 80-105).

Daardoor kan het toevoegen van maltodextrinen en glucosestroop in plaats van lactose aan zuigelingenvoeding tot hogere bloedsuikerspiegels en een verhoogde insulinerespons leiden (Fleddermann, 2014; Brand-Miller, 2013). Dit leidt mogelijk tot overgewicht en diabetes op latere leeftijd. De voorkeur gaat uit naar lactose omdat dit de samenstelling van moedermelk het meest evenaart. Merken kunstvoeding die maltodextrinen of glucosestroop toevoegen worden afgeraden.

Koemelk advies

Wanneer u kiest voor zuigelingenvoeding op basis van koemelk dan zijn merken zonder GGO’s, glucosestroop en maltodextrinen en op basis van magere melk en weipoeder een goede keuze. Daarbij hebben zuigelingenvoedingen met toegevoegde prebiotica in de vorm van Galacto-oligosachariden uit lactose (GOS) de voorkeur. Moedermelk bevat van nature GOS (EFSA, 2014). Het toevoegen van GOS helpt om de samenstelling van de zuigelingenvoeding meer te laten lijken op die van moedermelk.

Wanneer aan een merk geen visolie, pro- of prebiotica extra zijn toegevoegd hoeft dit geen probleem te zijn. Visolie, pre- en probiotica kunnen goed los toegevoegd worden wanneer nodig. Voordeel hiervan is dat u zelf kunt bepalen, eventueel in overleg met uw natuurdiëtist of natuurarts, welke producten en in welke doseringen u aan de zuigelingenvoeding toevoegt. Hierdoor kunt u de zuigelingenvoeding nog beter afstemmen op de behoefte van uw baby.

Geitenmelk advies

In de praktijk ziet de natuurdiëtist regelmatig dat zuigelingenvoeding op basis van geitenmelk beter wordt verdragen dan zuigelingenvoeding op basis van koemelk bij gevoelige baby’s met darm- en/of huidklachten. Een geitenmelkzuigelingenvoeding zonder GGO’s, glucose en maltodextrinen en op basis van lactose kan dan een goede keus zijn. Op het gebied van zuigelingenvoeding op basis van geitenmelk komt er steeds meer keuze.

Ook hier is het van belang om het etiket te lezen en zo te bepalen of de zuigelingenvoeding aan uw wensen en de behoefte van uw baby voldoet. Wanneer aan een merk geen visolie, pro- of prebiotica extra is toegevoegd hoeft dit geen probleem te zijn. Deze extra’s kunnen indien nodig goed los toegevoegd worden.
Sommige merken zuigelingenvoeding op basis van geitenmelk bevatten van nature omega-3 vetzuren. Dit zijn omega-3 vetzuren in de vorm van alfa-linoleenzuur (ALA). ALA moet in het lichaam worden omgezet in de omega-3 vetzuren EPA en DHA. Deze omzetting verloopt bij baby’s moeizaam. Zuigelingenvoedingen die van nature ALA bevatten dekken daarom de behoefte aan DHA van een baby niet voldoende. Het extra toevoegen van DHA is dan aan te bevelen.

Zuigelingenvoeding op basis van geitenmelk, zoals het merk Nanny Care bevat vooral het melkeiwit alfa-caseïne type S2. Daarentegen zit in zuigelingenvoeding op basis van koemelk vooral het melkeiwit alfa caseï e type S1. Het alfa-caseïne type S2 roept minder vaak overgevoeligheidsreacties op dan het type S1. Daarom wordt door sommige overgevoelige kinderen kunstvoeding op geitenmelkbasis beter verdragen dan kunstvoeding op basis van koemelk. Lees hierover meer in het artikel over het boek ‘Melk de Witte Sloper’.

De top 10 van aandachtspunten

De volgende tips zijn een korte samenvatting van aandachtspunten waar u op kunt letten bij het aanschaffen en gebruiken van kunstvoeding.

  1. Lees het etiket zodat u weet wat u koopt.
  2. Laat lactose het hoofdingrediënt zijn. Lactose evenaart moedermelk het meeste.
  3. Neem liever geen producten waaraan maltodextrinen, glucosestroop of maiszetmeel zijn toegevoegd.
  4. Kies indien mogelijk voor biologisch, omdat de zuigelingenvoeding dan zeker geen GGO’s bevat.
  5. Kies voor merken waaraan prebiotica zijn toegevoegd in de vorm van GOS. Voeg indien nodig zelf probiotica aan de voeding toe. Raadpleeg hiervoor een natuurdiëtist of arts.
  6. Kijk of er voldoende DHA aan de voeding is toegevoegd: minimaal 20 mg DHA per kg lichaamsgewicht per dag. Zo niet voeg dit dan zelf aan de flesvoeding toe in de vorm van visolie. Raadpleeg hiervoor een natuurdiëtist.
  7. Kies bij een baby met gevoelige darmen of huid eventueel voor een voeding op basis voor geitenmelk.
  8. Heeft u een baby met een (vermoedelijke) koemelkallergie raadpleeg dan eerst een natuurdiëtist of arts. Bij een koemelkallergie is zuigelingenvoeding op basis van geitenmelk niet altijd geschikt.
  9. Gebruik bronwater voor het aanmaken van de zuigelingenvoeding en werk hygiënisch. Sluit de verpakking goed af en bewaar het op een donkere (luchtdichte) plek.
  10. Overweeg om in plaats van zuigelingenvoeding donormelk te geven. Donormelk is gekolfde melk van andere moeders. In Nederland en België brengen ‘Moedermelk Netwerk’ en ‘Borstvoeding Aardig’ vraagmoeders en donormoeders bij elkaar en zij geven een handleiding om moedermelk veilig te delen. Zie voor meer informatie www.moedermelknetwerk.nl.

Kies bewust

Borstvoeding bevat meer dan 200 ingrediënten en kunstvoeding gemiddeld 40. Dit geeft aan dat er nog veel te ontwikkelen valt. Mocht u voor kunstmatige zuigelingenvoeding kiezen, laat u dan goed informeren en maak een weloverwogen keuze. Laat u zich bij vragen en voor een persoonlijk advies adviseren door een natuurdiëtist gespecialiseerd in kindervoeding.

Judith Rolf, natuurdiëtist Tanja Visser, natuurdiëtist en kinderdiëtist

Dank aan de studenten Voeding en Diëtetiek van de Haagsche Hogeschool; Khadija Ben Allouch, Elënore de Merode, Eveline Beurskens, Mabel Ouwerkerk, Patricia van den Berg en Rick Lamme.

Literatuur en links:

Onderzoeksrapport Zuigelingenvoeding 2015

AlFaleh, K. A.-K. (2012, November 6). Cochrane Review: Probiotics for prevention of necrotizing enterocolitis in preterm infants. Evidence-Based Child Health: A Cochrane Review Journal, 7(6), 1807–1854. doi:10.1002/ebch.1881

Alferez MJ, L. A. (2003). Effect of dietary inclusion of goat milk on the bioavailability of zinc and selenium in rats. The journal of dairy research, 70.

Anabrees, J. I. (2013). Probiotics for infantile colic: A systematic review. BMC Pediatrics, 13(186). Opgehaald van http://www.biomedcentral.com/1471-2431/13/186

Andres, A., Cleves, M., Bellando, J., Pivik, R., Casey, P., & Badger, T. (2012). Developmental status of 1-year-old infants fed breast milk, cows milk formula, or soy formula. Pediatrics, 129(6), 1134-1140.

Attaic R, R. R. (2000). Size distribution of fat globules in goat milk. Journal of dairy science. Azad, M. C.-S. (2013). Probiotic supplementation during pregnancy or infancy for the prevention of
asthma and wheeze: systematic review and meta-analysis. 347; f6471.
doi:http://dx.doi.org/10.1136/bmj.f6471

Ballabio C., C. S. (2011). Goat milk allergenicity as a function of αS1-casein genetic polymorphism.
Journal of dairy science, 998-1004.
Benson, J. (2015, Januari 13). Baby formula is loaded with GMOs. Opgehaald van Natural news:
http://www.naturalnews.com/048390_infant_formula_GMOs_childrens_health.html

Birch, E., Carlson, S., Hoffman, D., Fitzgerald-Gustafson, K., Fu, V., Drover, J., . . . Diersen-Schade,
D. (2010). The DIAMOND (DHA Intake And Measurement Of Neural Development) Study: a double-masked, randomized controlled clinical trial of the maturation of infant visual acuity as a function of the dietary level of docosahexaenoic acid. Am J Clin Nutr, 91, 848–59.

Birch, E., Castaneda, Y., Wheaton, D., Birch, D., Uauy, R., & Hoffman, D. (2005). Visual maturation of term infants fed long-chain polyunsaturated. Am J Clin Nutr.

Braegger, C. (2011, February). Supplementation of Infant Formula with Probiotics and/or Prebiotics: A Systematic Review and Comment by the ESPGHAN Committee on Nutrition.JPGN, 52(42). doi:10.1097/MPG.0b013e3181fb9e80

Brand-Miller, J. A. (2013). Effect of Added Carbohydrates on Glycemic and Insulin Responses to Children’s Milk Products. Nutrients, 5, 23-31. doi:10.3390/nu5010023

Carter, M. (2010). Evidence-based Medicine: An Overview of Key Concepts. Ostomy Wound Management, 56(4).

Diabetesfonds. (2015). Opgeroepen op maart 15, 2015, van https://www.diabetesfonds.nl/over- diabetes/soorten-diabetes/diabetes-type- 1?gclid=CjwKEAjw25SoBRCMn7Gc97Knj0ISJAC7vaMr0BKxk9Q- bg_Uh3D80ZdEXZCgUsLelnjGIMKgudz0ZRoCZTvw_wcB

EFSA. (2012). Scientific Opinion on the suitability of goat milk protein as a source of protein in infant formulae and in follow-on formulae. EFSA Journal, 18.

EFSA. (2014, August 5). Scientific Opinion on the essential composition of infant and follow-on formulae. EFSA Journal , 12(7), 2014.

EFSA. (2015, maart 10). Genetically Modified Organisms. Opgehaald van http://www.efsa.europa.eu/en/topics/topic/gmo.htm

EU. (2013, augustus 28). Official journal of the European Union. Opgeroepen op maart 14, 2015, van http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=OJ:L:2013:230:0016:0019:EN:PDF
European Commission. (2006, 12 30). Commission Directive 2006/141/EC of 22 December 2006 on infant formulae and follow-on formulae and amending Directive 1999/21/EC. OJ L 401.

Europese Commissie. (2006). RICHTLIJN 2006/141/EG VAN DE COMMISSIE van 22 december 2006 inzake volledige zuigelingenvoeding en opvolgzuigelingenvoeding en tot wijziging van Richtlijn 1999/21/EG. Publicatieblad van de Europese Unie.

Fledderman, M., Demmelmair, H., Grote, V., Nikolic, T., Trisic, B., & Koletzko, B. (2014). Infant formula composition affects energetic efficiency for growth: The BeMIM study, a randomized controlled trial. Clinical Nutrition, 33, 588e595.

Fleddermann, M. D. (2014). Energetic Efficiency of Infant Formulae: A Review. Annals of Nutrition and Metabolism, 64(3-4), 276-283. doi:10.1159/000365034

Former-Boom, M., & van Duinen, J. (2012). Evidence-based diëtetiek: principes en werkwijze. Houten: Bohn Stafleu van Longen.

Fuller, R. (1989). Probiotics in man and animals. Journal of Applied Bacteriology, 365-78. Gezondheid . (2011). Welk water gebruiken voor zuigfles?, Opgeroepen op maart 15, 2015 van
Gezondheid.be: http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=3905
Gibson, G. &. (1995). Dietary modulation of the human colonic microbiota: introducing the concept of prebiotics. Journal of Nutrition, 1401-12.

Gil-Campos, M. e. (2012). Lactobacillus fermentum CECT 5716 is safe and well tolerated in infants of
1-6 months of age: a randomized controlled trial. Pharmacological Research, 65, 231-238. Giovannini, M. V. (2014, October 10). Prebiotic Effect of an Infant Formula Supplemented with
Galacto-Oligosaccharides: Randomized Multicenter Trial. Journal of the American College of
Nutrition, 33(5), 385-393. doi:10.1080/07315724.2013.878232 Greenpeace. (2013). Het verzet tegen Monsanto. Opgehaald van http://www.greenpeace.nl/campaigns/landbouw/Monsanto/
Griffith. (2014). Systematic quantitative literature review. Opgeroepen op March 2014, van Griffith
University: http://www.griffith.edu.au/environment-planning-architecture/griffith-school-
environment/research/systematic-quantitative-literature-review

Hadders-Algra, M. (2011). Prenatal and early postnatal supplementation with long-chain
polyunsaturated fatty acids: neurodevelopmental considerations. Am J Clin Nutr., 1847S-
1879S.

Heijden, S. v. (2008). Compendium dieetprodcuten en voedingssupplementen. Bohn Stafleu van
Loghum.
Heird, W., & Lapillonne, A. (2005). The role of essential fatty acids in development. Annu. Rev.
Nutr.(25), 549–71.

Hofman, D. v. (2015). Nutrition, Health, and Regulatroy Aspects of Digestible Maltodextrins. Critical
Reviews in Food Science and Nutrition. doi:10.1080/10408398.2014.940415
Hui YH. (2007). Handbook of food manufacturing: Health, meat, milk, poultry, seafood and
vegetables. Hoboken, NJ: John Wiley & sons, inc.

Indrio, F., Di Mauro, A., Riezzo, G., Civardi, E., Intini, C., Corvaglia, L., Ballardini E., Bisceglia, M.,
Cinquetti, M., Brazzoduro, E., Del Vecchio, A., Tafuri, S., & Francavilla, R. (2014). Prophylactic use of a probiotic in the prevention of colic, regurgitation, and functional constipation: a randomized clinical trial. JAMA Pediatrics, 168(3), 228-233. doi:10.1001/jamapediatrics.2013.4367

Kramer, M. S. (2012). Optimal duration of exclusive breastfeeding. Cochrane Database of Systematic Reviews, 8.

Lanting, C. V. (2005). Infant milk feeding practices in the Netherlands and associated factors. Acta Pediatrica, 94(7), 935-42. Opgeroepen op March 2015, 3, van http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/16188818

Lanting, C. W. (2007, augustus). Opgeroepen op februari 15, 2015, van TNO.nl: https://www.tno.nl/media/1350/kvl-pz-borstvoeding-redenen-stoppen.pdf

Laugesen M., E. R. (2003). Ischaemic heart disease, Type 1 diabetes, and cow milk A1 beta-casein. The New Zealand medical journal, 116.

Lecomte, L. (2011). Ontwikkeling en op de markt brengen van genetisch gemodificeerde organismen in Europa vanuit juridisch perspectief. Faculteit Rechtsgeleerdheid universiteit Gent.

NannyCare. (2014). Opgeroepen op maart 8, 2015, van http://www.nannycaregeitenmelk.nl/informatie NDN. (2005-2015). Opgeroepen op maart 8, 2015, van https://www.natuurdietisten.nl/kenniscentrum/kinderen-en-natuurvoeding/geitenmelk/
NDN. (2015). De biologisch-dynamische visie. Opgeroepen op March 15, 2015, van Natuur Diëtisten
Nederland: https://www.natuurdietisten.nl/kenniscentrum/brede-visies-op-gezondheid/de-biologisch-dynamische-visie/ Orthokennis, S. (2015). Opgeroepen op maart 8, 2015, van http://www.orthokennis.nl/artikelen/geitenmelk-eigenlijk-geschikter-voor-de-mens-dan-koemelk

Osborn, D. &. (2009). Probiotics in infants for prevention of allergic disease and food hypersensitivity.
(C. N. Group, Red.) Cochrane Database of Systematic Reviews 2007(4).
doi:10.1002/14651858.CD006475.pub2

Osborn, D. S. (2013). Prebiotics in infants for the prevention of allergy. Cochrane Database of
Systematic Reviews(3). doi:10.1002/14651858.CD006474.pub3

Pickering, C., & Byrne, J. (2014). The benefits of publishing systematic quantitative literature reviews
for PhD candidates. Higher Education Research and Development, In press. Qawasmi, A., Landeros-Weisenberger, A., & Bloch, M. (2013). Meta-analysis of LCPUFA Supplementation of Infant. Pediatrics, 131, e262–e272.

Qawasmi, A., Leckman, J., Bloch, M., & Landeros-Weisenberger, A. (2012). Meta-analysis of Long-
Chain Polyunsaturated Fatty Acid Supplementation of Formula and Infant Cognition.
Pediatrics, 129, 1141–1149.

Rijksoverheid. (2015, maart 6). Genetisch gemodificeerd voedsel en landbouw. Opgehaald van
Rijksoverheid: http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/biotechnologie/genetisch-
gemodificeerd-voedsel-en-landbouw Schwartz, J., Drossard, C., Dube, K., Kannenberg, F., Kunz, C., Kalhoff, H., & Kersting, M. (2010).

Dietary intake and plasma concentrations of PUFA and LC-PUFA. Eur J Nutr, 49, 189–195. Slorach, S. (2008, april 29). foodsafety.govt.nz. Opgeroepen op maart 15, 2015, van Ministry for
primary industries: http://www.foodsafety.govt.nz/elibrary/industry/Food_Safety-
Nzfsa_Been.pdf

Szajewska, H., & Chmielewska, A. (2013). Growth of infants fed formula supplemented with
Bifidobacterium lactis Bb12 or Lactobacillus GG: a systematic review of randomized
controlled trials. BMC Pediatrics, 185.
Sung, V., Hiscock, H., Tang, M. L. K., Mensah, F., Nation, M. L., Satzke, C., Heine, R. G., Stock, A., Barr, R. G., & Wake, M. (2014). Treating infant colic with the probiotic Lactobacillus reuteri: double blind,placebo controlled randomised trial. BMJ, 348: g2107. doi: http://dx.doi.org/10.1136/bmj.

Tannock, G. W. (2013, May). Comparison of the compositions of the Stool Microbiotas of Infants Fed Goat Milk Formula, Cow Milk-Based Formula, or Breast Milk. Applied and Environmental Microbiology, 79(9), 3040-3048. doi:http://dx.doi.org/10.1128/AEM.03910-12

Van Genuchten, S., & Van der Heijden, G. (2008). Compendium Dieetproducten en Voedingssupplementen. Bohn Stafleu van Loghum.

Vitamine informatie bureau. (2015). baby 0-12 maanden/vitamines. Opgeroepen op maart 15, 2015, van Vitamine-info.nl: http://www.vitamine-info.nl/hoeveel-heb-ik-nodig/baby-0-12- maanden/vitamines/

Voedingscentrum. (2014). koemelkallergie. Opgeroepen op maart 14, 2015, van Voedingscentrum.nl: http://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/koemelkallergie.aspx

Voedingscentrum. (2015, maart 7). Genetische modificatie. Opgehaald van Voedingscentrum: http://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/genetische-modificatie.aspx

Voedingscentrum. (sd). Omega 3. Opgeroepen op maart 2, 2015, van Voedingscentrum: http://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/omega-3.aspx

Warenwet Art. 12 Toepassingsgebied. (2012). In Teksten Warenwet – inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders.

Warenwet Art. 13 Voorschriften. (2012). In Teksten Warenwet – inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders.

Warwick, U. o. (sd). The PICO Method. Opgeroepen op March 2014, van University of Warwick: http://www2.warwick.ac.uk/services/library/subjects/sciences/medicine/evidence/pico/ Whitney E., R. R. (2011). Understanding Nutrition, twelfth edition. Belmont, CA: Wadsworth.

WHO. (2015). http://www.who.int/topics/breastfeeding/en/. Opgeroepen op March 15, 2015, van www.who.int: http://www.who.int/topics/breastfeeding/en/

Willatts, P., Forsyth, S., Agostoni, C., Casaer, P., Riva, E., & Boehm, G. (2013). Effects of long-chain PUFA supplementation in infant formula on. Am J Clin Nutr, 536S-542S.

Wright, K., Coverston, C., Tiedeman, M., & Abegglen, J. (2006). Formula Supplemented with Docosahexaenoic Acid (DHA) and Arachidonic Acid (ARA): A Critical review of the Research. Journal for Specialists in Pediatric Nursing, 100-112.

Zhou JS, S. T. (2014). Nutritional adequacy of goat milk infant formulas for term infants: a double- blind randomised controlled trial. The British journal of nutrition.

Literatuur bij commentaar NDN:

AMC. (2012) Bacteriën tegen eczeem. Opgeroepen op oktober 27, 2015, https://www.amc.nl/web/Het-AMC/Afdelingen/Medische-afdelingen/Longziekten/Longziekten/In-het-AMC-Magazine/Bacterien-tegen-eczeem.htm

Kalliomäki M, Salminen S., Poussa T. et al, Probiotics in primary prevention of atopic disease: a randomized placebo-controlled trial; Lancet, 2001 apr. 7;357 (9262): 1076-9

Kalliomäki M, Salminen S., Poussa T. et al, Probiotics during the first 7 years of life : a cumulative risk reduction of eczema in a randomized placebo-controlled trial; J. Allergy Clin. Immunology 2007; Apr. 119 (4): 1019-21.

Solauri, E., T. Arvola, Y. Sutas, E. Moilanen, and S. Salminen. 2000. Probiotics Bifidobacterium BB-12] in the Management of Atopic Eczema. Clinical and Experimental Allergy; 30: 1604-1610

Niers L., Marin R., Rijkers G et al: The effects of selected probiotic strains on the development of eczema (the PandA study), Allergy 2009 sept 64 (9): 1349-1358.