Een persoonlijke oproep van Marijke de Waal Malefijt

Natuurdiëtisten.nl

Gratis Nieuwsbrief

Waardevolle en actuele informatie en tips over voeding en uw gezondheid!

Uw emailadres wordt alleen gebruikt voor toezenden van de nieuwsbrief.

Nieuwsbrief archief

> Naar alle nieuwsberichten

Discussie over biologische beschikbaarheid van kurkuma

01 februari 2017 | Natuur DiŽtisten Nederland | Het onderzoek naar de opnameprocessen (bio-availability), van stoffen zoals kurkuma in het menselijk lichaam is in volle gang. Er komen steeds meer onderzoeksresultaten en discussie vrij over biologische beschikbaarheid. Een kernvraag in deze discussie is: is een meer biologisch beschikbare formule ook effectiever?

De wetenschappelijke belangstelling voor curcumine is groot. Inmiddels zijn er ruim 5200 (vooral preklinische) studies met ‘curcumin’ in de titel verschenen op Pub- Med, de internet database van medischwetenschappelijke artikelen.

Kurkuma (koenjit, koenier, Indiase geelwortel, Indiase saffraan) is een aromatische specerij uit de wortel van Curcuma longa, een plant uit de gemberfamilie (Zingiberaceae). Kurkuma geeft kerriepoeder zijn typische diepgele kleur en is licht bitter van smaak.

Naast een rol in de voedselbereiding en –conservering werd kurkuma als (ayurvedisch, traditioneel Chinees) geneesmiddel aanbevolen bij uiteenlopende gezondheidsproblemen.

Curcumine breed inzetbaar

Gezondheidsproblemen waaronder maagdarmklachten, leverziekten, gewrichtsontsteking, bijholteontsteking, (brand)wonden en ooginfecties werden behandeld met kurkuma (ayurvedische- en traditioneel Chinese geneeskunde). Curcuminoïden zijn vetoplosbare polyfenolen en de belangrijkste medicinale bestanddelen in kurkuma. Het grootste deel (circa 80%) is curcumine (curcumine I, diferuloylmethaan).

De rest bestaat uit het verwante curcumine II (demethoxycurcumine) en curcumine III (bisdemethoxycurcumine). Kurkuma bevat 2-5% curcuminoïden, terwijl voedingssupplementen op basis van kurkuma een veel hoger gehalte of uitsluitend curcumine/curcuminoïden bevatten.
Curcumine is dus voor diverse gezondheidsproblemen inzetbaar. We geven een korte opsomming van recente studies.

Curcumine en cognitie

Curcumine is een veelbelovende stof voor de preventie en behandeling van leeftijdsgerelateerde cognitieve achteruitgang en de ziekte van Alzheimer[1]. Curcumine verbetert de cognitie en stemming van gezonde ouderen volgens een Australische placebogecontroleerde, dubbelblinde studie van de Swinburne University of Technology in Melbourne gepubliceerd in het Journal of Psychopharmacology[2-3].

Curcumine en obesitas

Curcumine kan bij obesitas bijdragen aan gewichtsafname en de preventie van obesitas gerelateerde aandoeningen waaronder metabool syndroom, diabetes type 2, NASH (non-alcoholische steatohepatitis) en hart- en vaataandoeningen (waaronder hartritmestoornissen). Door regulatie van met obesitas geassocieerde inflammatoire signaalmoleculen en anti-inflammatoire signaalmoleculen zorgt curcumine voor afname van insulineresistentie, hyperglycemie en hyperlipidemie [5-8].

Curcumine en levenskwaliteit bij kanker

Curcumine, het ingrediënt van kurkuma of de geelwortel, komt de levenskwaliteit van kankerpatiënten ten goede. Een Iraanse studie vergeleek het effect van een preparaat met 180 mg curcumine per dag met placebo bij 80 patiënten die voor een ‘vaste’ tumor behandeld werden.

De artsen stelden daarbij ook een daling van een aantal ontstekingsmerkers vast: TNFα, TGFβ, IL6, substance P, hsCRP, CGRP en MCP1. Alleen de IL-8 was niet gedaald (maar wel in de placebogroep) [9].

Curcumine en zenuwpijn

Zenuwpijnen zoals carpale-tunnelsyndroom en lagerugpijn (lumbago, hernia of lumbaire kanaalstenosis), kunnen goed behandeld worden met een combinatie van liponzuur en curcumine.

De intensiteit van de pijn werd daardoor met tweederde verminderd, terwijl het medicatiegebruik (NSAID) met 40 % daalde. De effecten waren al van kracht na acht weken therapie. Liponzuur alleen werd ook onderzocht, maar dat gaf geen significant resultaat, mogelijk door de korte duur van de studie [10].

Curcumin en depressie en chronische stress

Curcumine heeft antidepressieve activiteit, mede door remming van neuroinflammatie, verlaging van oxidatieve stress en beïnvloeding van het stressregulatiesysteem (hypothalamus hypofyse-bijnieras).

Maar het is ook werkzaam door modulatie van neurotransmittersystemen (serotonine, dopamine, norepinefrine, GABA, glutamaat) die zijn betrokken bij depressie [11]. Mede door de remming van het pro-inflammatoire enzym iNOS is curcumine een veelbelovend middel in de regulatie van cytokinen (ontstekingen).

Gezondheidsbevorderende eigenschappen van curcumine

Curcumine beïnvloedt meer dan 100 verschillende regulatie- of signaalmoleculen. Curcumine heeft een zogenaamde pleiotrope activiteit: via meerdere werkingsmechanismen wordt een specifiek gezondheidseffect bereikt.

De gezondheidsbevorderende eigenschappen van curcumine worden voor een belangrijk deel veroorzaakt door verhoging of verlaging van (de genexpressie en activiteit van) regulatiemoleculen zoals transcriptiefactoren (DNA-bindende eiwitten die de gentranscriptie reguleren, waaronder NFκB, Nrf2 en PPAR-γ).

Maar ook reguleert curcumine pro-inflammatoire cytokines (waaronder TNF-α en diverse interleukines), enzymen (waaronder de pro-inflammatoire enzymen COX-2, 5-LOX en iNOS), groeifactoren en adhesiemoleculen (eiwitten die zorgen voor binding van twee structuren/moleculen, bijvoorbeeld vascular cell adhesion molecule 1 (VCAM-1) dat zorgt voor binding van immuuncellen aan vaatendotheel).

Voldoende hoge weefselconcentratie

Indien een voldoende hoge weefselconcentratie wordt bereikt, kan curcumine een groot aantal chronische ziekten beïnvloeden, vooral door versterking van het antioxidantsysteem, ontstekingsremming en immunomodulatie [11].

Over het bereiken van voldoende weefselconcentratie gaan nu diverse discussies. Wetenschappers en firma’s van curcuminepreparaten vliegen elkaar in de haren over de beste innamevorm (bio-availability) van curcumine.

Diverse parameters zijn mede bepalend voor de mate van effectiviteit van biologische beschikbaarheid van stoffen. Denk aan: de dosering, standaardisatie of normering, toedieningsvorm, verbinding, etc. We hebben het hier dan over farmacokinetiek.

Farmacokinetiek

Farmacokinetiek beschrijft de processen waaraan een werkzame stof in het lichaam wordt onderworpen. Naast de farmacokinetiek, die op zichzelf al een veelvoud aan parameters herbergt, spelen meer factoren een rol bij het ingewikkelde proces van biologische beschikbaarheid. Dit geldt niet alleen voor curcumine, maar ook voor bijvoorbeeld vitaminen- en mineralensupplementen.
In de farmacokinetiek [12] worden de processen, waaraan een werkzame stof in het lichaam wordt onderworpen, beschreven. Het levert daarmee een belangrijke bijdrage aan het inzicht in die processen, waardoor beter te voorspellen is wat het effect van een bepaalde stof op het lichaam zou kunnen zijn.

De drie hoofdprocessen waar het om gaat zijn:

  • Absorptie
  • Distributie
  • Eliminatie

Route van opgenomen stoffen in het lichaam (enteropatische kringloop)

Route van opgenomen stoffen in het lichaam (enteropatische kringloop)
Bron: Farmacotherapeutisch Kompas [12]

Ook voedingssupplementen en kruiden bevatten één of meerdere actieve stoffen die in een bepaalde toedieningsvorm zijn verwerkt. De toedieningsvorm en het pallet aan één of meerdere actieve stoffen bepaalt de biologische beschikbaarheid.

Absorptie supplementen en kruiden

Meestal wordt voor supplementen en kruiden gekozen voor een opname, waarbij de werkzame stof vanuit de toedieningsvorm dient vrij te komen. Vervolgens gaat de werkzame stof in opgeloste vorm, via passieve diffusie, gefaciliteerde passieve diffusie of via actief transport (d.m.v. een carrier), te verplaatsen naar de circulatie. Bij de absorptie worden de snelheid waarmee de werkzame stof wordt opgenomen en de mate van de opname onderscheiden.

De snelheid van absorptie is onder andere afhankelijk van de gebruikte toedieningsvorm, de toedieningsweg en de fysisch-chemische eigenschappen van de werkzame stof. Zo zal de opname in de circulatie van vaste toedingsvormen (tabletten) trager verlopen dan die van opgeloste vormen (druppels).

Het uiteenvallen van de toedieningsvorm en het oplossen van de werkzame stof in het maag- of darmsap kost immers tijd. Voor (sub)chronische toepassingen is een langzame absorptie echter meestal gunstig, omdat hierdoor de fluctuaties in de plasmaconcentratie kleiner zijn.

De mate van absorptie en de biologische beschikbaarheid

De mate van absorptie is dus een belangrijke kinetische (wat beweging veroorzaakt) parameter en bepaalt mede de grootte van de biologische beschikbaarheid (bio-availability). De ‘bio-availability’ geeft aan hoeveel % van de toegediende werkzame stof uiteindelijk de algemene circulatie bereikt en voor werking beschikbaar komt.

De mate van absorptie en de biologische beschikbaarheid kunnen variëren tussen verschillende toedieningsvormen en kunnen worden beinvloed door een verandering in kinetische parameters. Veranderingen van kinetische parameters zijn o.a. zwangerschap, nierfunctiestoornissen, leverfunctiestoornissen, etc.

Om werkzaam te zijn moet de actieve stof de plaats van werking (de biofase) kunnen bereiken. Zo wordt de werkzaamheid van bijvoorbeeld antibiotica niet alleen bepaald door de plasmaconcentratie en de gevoeligheid van het micro-organisme, maar ook door de penetratie van het antibioticum in de infectiehaard.

Voor de uiteindelijke werking is het van belang dat er een bepaalde hoeveelheid werkzame stof bij de betreffende receptoren terechtkomt. Aangezien dit niet (altijd) meetbaar is, wordt in de praktijk als maat hiervoor de plasmaconcentratie gebruikt. Deze blijkt echter niet altijd samen te hangen met het uiteindelijke klinische effect (werking en bijwerkingen).

Het klinische effect wordt ook beïnvloed wanneer er voor de werking van het betreffende kruid meerdere (onbekende) bestanddelen verantwoordelijk zijn of waneer er voor de bepaling van de bijwerking bij de eliminatie één of meer actieve metabolieten ontstaan, ieder met hun eigen klaring, verdelingsvolume en halfwaardetijd.

Curcuma: een discussie over bio-availability

Een goed voorbeeld van de discussie over de biobeschikbaarheid vormt de huidige “hype” rondom kurkuma. Er is aangetoond dat een hoge dosis van een extract van kurkuma met 95% curcuminoiden effectief is voor veel verschillende aspecten van gezondheid. Tegelijkertijd is goed gedocumenteerd dat de curcuminoiden vanuit dit extract, vanwege hun hydrofobe aard, niet goed worden opgenomen in de bloedbaan.

Hydrofobe stoffen zijn stoffen die waterafstotend zijn of niet of zeer slecht met water te mengen zijn. Ten minste 1800mg curcuninoiden zijn vereist voor waarneming in bloedmonsters. Veel bedrijven kiezen daarom voor preparaten met een verbeterde absorptie, met het oog op een verhoging van de effectiviteit.

Hoewel er enkele onderzoeken zijn die voorzichtige positieve resultaten laten zien is het nog veel te vroeg om te kunnen stellen dat deze verbeterde opname één op één omgezet kan of mag worden naar een toegenomen effectiviteit.

Sterker nog: vanuit de (natuurdiëtisten)praktijk komen inmiddels de eerste geluiden dat bij bepaalde toepassingen de effectiviteit van de beter opneembare vormen eerder afwezig blijft of afneemt of bijwerkingen geeft.

Kurkuma

Andere parameters bepalend voor de werking

Hierboven werd al duidelijk dat, los van de snelheid en de mate van absorptie (biologische beschikbaarheid) ook andere parameters bepalend zijn voor de werking. Wellicht zijn er, net als bij veel andere kruiden, (toch) meerdere bestanddelen uit de curcuma verantwoordelijk voor de gemeten totaaleffectiviteit van het curcumaextract met 95% curcuminoïden.

Wanneer de opname van juist deze bestanddelen achterblijft bij die van de curcuminoïden wordt mogelijk de aanwezige synergistische activiteit, die verantwoordelijk was voor het oorspronkelijk gevonden effect doorbroken.

Onderzoekers twijfelen er bovendien ook nog aan of de interessante Tetrahydrocurcuminoids (THC: onderdeel van de totaalcurcuminoïden) wel de enige effectieve component vormt van de curcumine.

Is een meer biologisch beschikbare formule ook effectiever?

Het antwoord op de vraag “is een meer biologisch beschikbare formule ook effectiever?” laat dus nog even op zich wachten [13]. De onderbouwing vanuit onderzoek van de verschillende formules (fytosoom, olien, cyclodextrineen solubilisaat) is nog erg mager. Meer in vitro, in vivo of klinisch onderzoek is nodig om de effectiviteit van de verschillende vormen goed te onderbouwen.

Goede vergelijkende studies waarin ook het curcumaextract met 95% curcuminoïden zijn meegenomen zijn op dit moment nog niet (voldoende) voorhanden. Alleen zo’n onderzoek zal duidelijk maken of de keuze voor een preparaat met goed opneembare curcuminoïden ook daadwerkelijk wetenschappelijk verantwoord is.

Voor kruiden is een goede kennis over het te gebruiken extract, de bereidingsverhouding, de standaardisatie, de normering en de dosering belangrijk. Veel informatie is terug te vinden op www.infofyto.nl.

Anti-kankerwerking van kurkuma

De stof kurkuma (geelwortel, in het Engels turmeric) kan een belangrijke bijdrage leveren aan de behandeling van bepaalde kankersoorten. Groot voordeel van deze stof is dat deze niet giftig is voor de mens. Kurkuma speelt een rol bij apoptose (celdood) en kan daarmee voorkomen dat tumoren verder groeien. Echter de rol die kurkuma kan betekenen voor de behandeling van kanker moet nog verder wetenschappelijk worden uitgezocht.

Dr. Michal Heger van de afdeling Experimentele Chirurgie doet onderzoek naar de anti-kankerwerking van geelwortel of kurkuma. “Voor dit soort plantaardige producten is de toepassing in het lichaam nogal ingewikkeld”, aldus Heger. “Uiteraard zijn er veel stoffen te vinden die een anti-kankerwerking hebben.

Probleem is dat ze vaak keurig hun kunstje doen in gekweekte cellen in een reageerbuis, maar niet per sé in het menselijk lichaam. Het is al jaren bekend dat curcumine, de werkzame stof in de kurkumaplant, een sterke anti-kankerwerking heeft”, zegt Heger. “Die is echter afwezig als het poeder wordt gebruikt om rijst geel te kleuren. De medicinale werking is allang weg voordat de kurkuma in het lichaam komt. Want curcumine kan niet goed tegen licht, water en zuurstof en ook het koken bevordert de werkzaamheid niet.

Daarnaast wordt het slecht opgenomen uit de darmen, afgebroken in het bloed, en omgezet naar een inactieve vorm door de lever. Curcumine is dus in principe effectief tegen darmkanker zolang het stofje intact aankomt, maar tegen andere vormen van kanker werkt het bizar slecht. Dus ga niet zomaar geelwortel eten tegen kanker”, aldus Heger[15].

Beschikbaarheid van verbindingen

Ook als we het hebben over voedingssupplementen is het maken van een keuze niet zomaar vanzelfsprekend en is het bovenstaande over biologische beschikbaarheid wederom belangrijk. Om dat duidelijk te maken nemen we magnesium als voorbeeld.

Magnesium is betrokken bij meer dan 300 enzymatische reacties in het lichaam. Magnesium is belangrijk voor de stofwisseling van koolhydraten, eiwitten en vetten, de zenuwgeleiding, spiercontractie, temperatuurregulatie, detoxificatie en gezonde botten en tanden.

Ook op hart en bloedvaten en cholesterolstofwisseling heeft magnesium een gunstige invloed. Het helpt het bloed dun te houden, ontspant de bloedvaten en gaat verhoging van de bloeddruk tegen. Een te lage inname van magnesium met de voeding komt geregeld voor. Factoren zoals stress, diarree, braken en een hoge suikerinname verlagen de magnesiumstatus. Rijke bronnen van magnesium zijn: noten, bonen, groene groenten en volkoren granen.

In Europa, maar vooral in Nederland is de bodem zeer arm aan het mineraal magnesium. Met name het enorme gebruik aan kunstmest sinds de jaren 50 en de manier waarop onze voeding industrieel wordt verwerkt heeft ertoe geleid dat veel Nederlanders een magnesiumtekort hebben opgebouwd. Wie de voeding wil aanvullen met een magnesiumsupplement, heeft een ruime keus uit verschillende magnesiumverbindingen.

Organische verbindingen hebben doorgaans een hogere biologische beschikbaarheid dan anorganische verbindingen. Magnesiumoxide en magnesiumcarbonaat worden het slechts opgenomen. Het lijkt erop dat van alle verbindingen magnesiumcitraat en magnesiumbisglycinaat het beste wordt opgenomen. Belangrijk daarbij is dat dergelijke uitspraken kunnen worden onderbouwd vanuit degelijk onderzoek.

Een voorbeeld daarvan zijn de resultaten uit een gerandomiseerde dubbelblind studie [14], waaruit blijkt dat magnesiumcitraat een significant hogere biologische beschikbaarheid heeft dan enkele andere magnesiumverbindingen.

Elementair magnesium

Naast de keuze voor de verbinding is het ook belangrijk om goed te letten op de hoeveelheid elementair magnesium. Het elementaire gehalte magnesium ligt in anorganische verbindingen over het algemeen hoger. Dit kan interessant zijn bij bijvoorbeeld de toepassing binnen een multivitamine of –mineralenpreparaat, waarin de opname van de individuele elementen ondergeschikt kan zijn aan het aanbod van voldoende elementaire stof.

Voor monopreparaten wordt eerder gekozen voor organische verbindingen, waarmee veelal ook de keuze voor een tablet of capsule eigenlijk gelijk vast ligt. Een tablet kan namleijk tot 2.5 gram stof bevatten, terwijl een capsule maximaal maar 900 mg van de volledige verbinding kan bevatten.

Alleen tabletten kunnen dus voldoende bevatten om enigszins een acceptabel elementair gehalte per tablet te kunnen verkrijgen, wat nodig is voor een goede compliance. Compliance is het begrip waarmee wordt aangeduid dat een supplementenbedrijf werkt in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving.

Commentaar NDN

Een verstandige afweging van alle opties met betrekking tot biologische beschikbaarheid (bio-availability), op basis van waar mogelijk ‘harde’ gegevens en met het oog op het gewenste eindresultaat, is voor u als consument belangrijk.

Let dus op of innovatie niet slechts marketing is, want suppletie van vitaminen, mineralen en kruiden is booming business (groeihandel). Orthomoleculaire geschoolde natuurartsen en natuurdiëtisten (lid van de MBOG) kunnen u helpen met de juiste keuzes maken.

Voedings- en laboratorium zelftesten

Laboratoriumtesten urine bloed ontlasting en speekseltesten Wij werken samen met de grote Duitse fabrikant van laboratoriumtesten Medivere. Medivere levert laboratorium diagnostische diensten waarbij de conventionele geneeskunde als ook aanvullende (complementaire) medische diagnostica en therapieën optimaal worden gecombineerd.

Op onze pagina over voedings- en laboratoriumtesten kunt u alle hierbovengenoemde Medivere testen bekijken en zelf bestellen.

Vond u deze informatie nuttig? Lees dan alstublieft de persoonlijke oproep van Marijke de Waal Malefijt, oprichtster van Natuur DiŽtisten Nederland