Een persoonlijke oproep van Marijke de Waal Malefijt

Natuurdiëtisten.nl

Gratis Nieuwsbrief

Waardevolle en actuele informatie en tips over voeding en uw gezondheid!

Uw emailadres wordt alleen gebruikt voor toezenden van de nieuwsbrief.

Nieuwsbrief archief

Borstvoeding

Borstvoeding is de meest gezonde voeding voor een baby die er is. Daar is iedereen het over eens. Zo’n 80% van alle moeders start daarom met het geven van borstvoeding. Toch haakt de helft van deze moeders binnen een maand weer af. Na 6 maanden geeft nog maar 25% van de moeders volledige borstvoeding.

Veel vrouwen kampen vooral in de eerste weken met tegenslagen, waardoor ze stoppen met het geven van borstvoeding. Dit terwijl ze wel heel graag borstvoeding hadden willen geven. Onvoldoende voorbereiding en kennis over borstvoedingstechnieken, onzekerheid over de kwaliteit van de borstvoeding, uitputting en een niet optimale begeleiding spelen hierbij een rol. Gelukkig kunt u als moeder zelf veel doen om de kans op een succesvolle borstvoedingsperiode te vergroten.

De eerste stap is om uzelf goed voor te bereiden. Hieronder vindt u informatie die u helpen bij deze voorbereiding. Aan bod komen de voordelen van het geven van borstvoeding voor uw baby en uzelf. U krijgt tips hoe u de kans op een succesvolle borstvoedingsperiode vergroot. Daarnaast leest u meer wat u en uw baby aan voeding en supplementen nodig hebben.
Borstvoeding: een onovertroffen voedingsmiddelBorstvoeding is de meest perfecte, meest natuurlijke voeding voor uw baby. Door het geven van borstvoeding geeft u hem of haar de beste start van haar of zijn leven.

Tien goede redenen voor het geven van borstvoeding

  1. Het bevat diverse afweerondersteunende cellen en stoffen, zoals fagocyten, complementfactoren, lysozym, lactoferrine, interferon, interleukines, secretoir IgA. Deze stoffen beschermen uw baby tegen infecties. Baby’s die tijdens hun eerste jaar borstvoeding krijgen zijn beter beschermd tegen o.a. diarree, buikgriep, blaasontsteking, hersenvliesontsteking, longontsteking, het rota- en het RS-virus.
  2. Moedermelk is licht verteerbaar en de voedingsstoffen, zoals eiwitten, vetten en mineralen worden beter opgenomen dan uit flesvoeding.
  3. Borstvoeding is, wanneer de moeder gezond eet, rijker aan gezonde vetten dan flesvoeding. Het bevat meer arachidonzuur, CLA, EPA, DHA en GLA. Deze vetten spelen een belangrijke rol bij o.a. de ontwikkeling van de hersenen, ogen, het zenuwstelsel en het afweersysteem van uw baby.
  4. De samenstelling van moedermelk wordt per moment van de dag aangepast aan de behoefte van je kindje. Flesvoeding heeft daar en tegen constant dezelfde samenstelling.
  5. Borstvoeding stimuleert de ontwikkeling van de smaak, motoriek, kaak- en kauwfuncties van uw baby. Zo is de smaak van borstvoeding afhankelijk van wat u hebt gegeten en daarmee elk moment anders.
  6. Het geven van borstvoeding stimuleert de emotionele binding tussen u en uw baby
  7. Borstvoeding beschermt uw baby tegen voedselallergie. Moedermelk bevat in tegenstelling tot flesvoeding de beschermende stoffen IgA en TGF-beta. Ook bevat moedermelk minder allergene eiwitten dan flesvoeding. Dit is vooral belangrijk wanneer u, uw partner en/of uw oudere kind last heeft/hebben van hooikoorts, eczeem, astma of voedselovergevoeligheid.
  8. Borstgevoede kinderen hebben op latere leeftijd een lager risico op diverse gezondheidsproblemen. Dit geldt o.a. voor allergie, astma, diabetes, overgewicht, reuma, sommige vormen van kanker (borstkanker, ziekte van Hodgkin, leukemie), MS, colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn.
  9. Borstvoeding draagt bij een aan gezonde ontwikkeling van de darmen en darmflora.
    Met een gezonde darm(flora) heeft uw kind minder kans op ontlastingsproblemen,  darmkrampjes, infecties en allergische klachten. Ook worden de voedingsstoffen uit de moedermelk dan beter opgenomen.
    Moedermelk is n.l. rijk aan groeifactoren en grondstoffen voor de celdeling, opbouw van het darmslijmvlies en de gezonde darmflora. Voorbeelden zijn oligosacchariden, glutamine, laurinezuur, taurine, nucleotiden, Epidermal Growth Factor en Insuline Growth Factor.
  10. Moedermelk is rijk aan diverse hormonen die een rol spelen in o.a. de stofwisseling, immuunsysteem, bloedvaten, zenuwstelsel, stressregulatie en bloedaanmaak. Voorbeelden zijn thyroxine, TRH, cortisol, cholecystokinine, prostaglandines, melatonine en EPO.

Borstvoeding: ook goed voor de moederHet geven van borstvoeding is ook gezond voor de moeder.

  1. Wanneer u borstvoeding geeft, herstelt u gemiddeld sneller van de bevalling.
    Dat komt, omdat de baarmoeder onder invloed van het hormoon oxytocine tijdens elke borstvoeding krachtig samentrekt. Daardoor verliest u minder bloed en verkleint u de kans op bloedarmoede en vermoeidheid. Ook blijft door het geven van borstvoeding de menstruatie langer weg. Dat is gunstig voor het herstel van uw ijzerwaarden.
  2. U raakt bij het geven van borstvoeding gemakkelijker de eventuele overtollige zwangerschapskilo’s kwijt.
  3. Het geven van borstvoeding verkleint bij uzelf de kans op borstkanker voor de menopauze, baarmoederhalskanker, eierstokkanker en botontkalking.
  4. Borstvoeding is altijd goed op temperatuur. U hoeft geen flesjes warm te maken.
  5. U hoeft geen flesjes en spenen uit te koken.
  6. Borstvoeding is goedkoop.

Ook zitten er wat nadelen aan het geven van borstvoeding, zoals dat u minder gemakkelijk het voeden aan een ander kunt overlaten. Gelukkig is dat wel mogelijk wanneer u melk afkolft.
Ook is het geven van borstvoeding iets wat u moet leren. Dat vraagt tijd en oefening.
Daarnaast kunt u vooral in het begin misschien onzeker voelen of uw baby wel genoeg krijgt wanneer het aan de borst drinkt. U kunt immers niet zien hoeveel uw baby drinkt. Gelukkig zijn er handige trucjes om daar achter te komen.
Een goede start vraagt om een goede voorbereiding Het boek Borstvoeding van Stefan Kleintjes en Mary BroekhuijsenHet geven van borstvoeding vraagt om een goede voorbereiding, aandacht, tijd, rust en ondersteuning. Borstvoeding geven is iets wat u moet leren. Die leerperiode duurt een paar weken. Dat is nu precies de periode waarin het bij veel moeders zo vaak mis gaat. De tips hieronder helpen u om de kans op een succesvolle borstvoedingsperiode te vergroten.

Tien tips voor een succesvolle borstvoedingsperiode:

  1. Informeer uzelf al tijdens de zwangerschap over het geven van borstvoeding.
    Door er alvast over te lezen weet je beter wat je te wachten staat. Goede informatie vindt u bij de borstvoedingsverenigingen, de lactatiedeskundige, de website www.borstvoeding.com en in het boek Borstvoeding van Stefan Kleintjes en Mary Broekhuijsen, Spectrum januari 2010.
  2. Lees u vooral goed in over de juiste aanlegtechnieken. U vindt hierover veel goede en praktische informatie in het boek Borstvoeding van Stefan Kleintjes en Mary Broekhuijsen, Spectrum juli 2010.
  3. Schaf als voorbereiding op de borstvoeding twee voedingsbeha’s en zoogkompressen aan.
  4. Zoek steun bij iemand in uw buurt die een positieve borstvoedingservaring heeft.
  5. Vraag steun aan uw partner.
  6. Zorg voor voldoende rust en ontspanning om de borstvoeding goed op gang te laten komen.
  7. Laat uw baby de eerste maanden bij voorkeur bij u in de slaapkamer slapen. De melkproductie komt sneller en beter op gang wanneer u en uw baby niet gescheiden zijn.
  8. Geef liever geen flesvoeding naast de borstvoeding, ook niet als de borstvoeding wat terugloopt. Door het bijgeven van flesvoeding verstoort u het natuurlijke evenwicht van vraag en aanbod. Hierdoor loopt de productie van moedermelk terug met het risico dat de borstvoeding stopt.
  9. Voor werkende moeders: Kolf tijdens het werk de melk af. Hierdoor kunt u ook op werkdagen uw kindje moedermelk blijven geven. Werkgevers zijn verplicht om een aparte plek en tijd vrij te maken voor het kolven van moedermelk. Wilt u gaan kolven, bereid u dan enkele weken voordat u weer gaat werken hierop voor. Lees u in, schaf de nodige kolfmaterialen aan en kolf thuis een aantal keer op proef. Meer informatie hierover vindt u ook in het boek Borstvoeding van Stefan Kleintjes en Mary Broekhuijsen, Spectrum juli 2008.
  10. Roep bij borstvoedingsproblemen de hulp in van een lactatiedeskundige of hulpverleners van de vereniging Borstvoeding Natuurlijk of La Leche League.

Hoe vaak en hoeveel borstvoedingUw baby heeft niet elke dag en elke keer dezelfde hoeveelheid moedermelk nodig. Geef uw baby zo veel mogelijk de borst wanneer het aangeeft te willen drinken. Dit heet voeden op verzoek. Laat altijd eerst de ene borst helemaal leeg drinken, voordat u de andere borst aanbiedt. Dan regelt uw baby zelf de hoeveelheid en frequentie. Daarmee wordt uw melkproductie precies afgestemd op zijn of haar behoefte.

Gemiddeld drinken baby’s in de eerste week zo’n 500 ml moedermelk per dag. De weken daarna groeit die hoeveelheid uit tot zo’n 750-1000 ml per dag. De eerste weken zit er vaak nog weinig ritme in het drinkpatroon van uw baby. Dat is heel normaal. Vaak na 2-3 weken wordt het drinken regelmatiger. Uw baby zal dan om de 2 a 3 uur om een voeding vragen, ook ’s nachts. Hiermee komt u in de eerste weken dan uit op minimaal acht tot twaalf voedingen (inclusief de nachtvoedingen) per dag.

Als u twijfelt of uw baby wel voldoende melk binnenkrijgt, let dan op de volgende punten:

  1. Hoe ziet uw baby eruit? Maakt het een levendige, alerte indruk?
  2. Hoeveel voedingen vraagt uw baby? Minstens zeven tot acht voedingen per dag tijdens de eerste weken is normaal. Meer is nog beter.
  3. Hoe voelen uw borsten aan? Voelen ze vóór de voeding voller en meer gespannen aan dan na de voeding?
  4. Hoort u uw kindje tijdens het drinken slikken?
  5. Produceert uw baby ongeveer vier tot zes volle plasluiers (wegwerp) vol plas per dag?
  6. Hoe vaak heeft uw baby ontlasting en hoe ziet het er uit?

De eerste 6 weken produceert een baby tussen de twee en vijf poepluiers per dag. Een normale ontlasting is zacht, soms zelfs vloeibaar en gelig van kleur. Het ruikt wat zuur.
Na deze eerste weken worden de hoeveelheid poepluiers vaak minder en de ontlasting wat vaster.
Extra’s naast de borstvoedingUw baby heeft tot de leeftijd van 6 maanden voldoende aan volledige borstvoeding aangevuld met extra vitamine D en K. In sommige situaties is het gunstig om uw kindje gezonde darmbacteriën te geven (probiotica). Vanaf 4 tot 6 maanden kunt u starten met het geven van de eerste bijvoeding.
Vitamine D Vitamine D is onmisbaar voor de opbouw van botten en darmslijmvliezen, tandvorming en weerstand van uw baby. Moedermelk bevat te weinig vitamine D om de behoefte van uw baby te dekken. Vul daarom dagelijks de borstvoeding aan met dagelijks 400 IE (10 microgram) vitamine D3 druppels. Ook flesgevoede baby’s hebben extra vitamine D nodig. Flesvoeding bevat vaak niet voldoende vitamine D. Daarom wordt aangeraden flesgevoede baby's 400 I.E vitamine D per dag bij te geven.
Vitamine K Vitamine K speelt een belangrijke rol bij de bloedstolling. Borstgevoede baby’s krijgen te weinig vitamine K binnen. Dit kan leiden tot (fatale) bloedingen. Geef daarom uw baby tot de leeftijd van 3 maanden extra vitamine K1. Tot voor kort werd aangeraden om vanaf dag 8 tot de derde maand 25 microgram per dag te geven. Voor sommige baby’s met opnameproblemen in de darm blijkt dit onvoldoende te zijn. De Gezondheidsraad adviseert in haar advies van juni 2010 voor alle borstgevoede baby’s de dosering te verhogen naar 150 microgram per dag. Baby’s die volledig flesvoeding krijgen hebben geen extra vitamine K nodig. Flesvoeding bevat al voldoende vitamine K.
Probiotica Probiotica zijn voedingssupplementen met gezonde darmbacteriën. Gezonde darmbacteriën spelen een belangrijke rol bij de ontwikkeling van de darmen en het afweersysteem van uw baby. Ze helpen bij het voorkomen van darmklachten, ontlastingsproblemen, infecties en allergieën. Na de geboorte ontwikkelt uw baby in de loop van de maanden onder gunstige omstandigheden een gezonde, sterke darmflora.

Deze ontwikkeling kan worden verstoord, wanneer uw baby via de keizerssnede of te vroeg is geboren, uw baby de eerste dagen/weken in het ziekenhuis heeft doorgebracht of wanneer uw baby antibiotica heeft gebruikt. De ontwikkeling wordt ook eerder verstoord wanneer u tijdens de zwangerschap een onevenwichtige vaginale en/of darmflora had. Dit is het geval wanneer u last had van bijvoorbeeld. vaginale schimmelinfecties, ontlastingsproblemen, darmklachten of wanneer u antibiotica heeft gebruikt.

In deze situaties kan het zinvol zijn om uw baby probiotica te geven. Dit kan veel klachten, zoals infecties, darmkrampen en ontlastingsproblemen bij uw baby voorkomen. Vraag hiervoor advies aan een natuurdiëtist gespecialiseerd in probiotica.
Voeding voor de moederBorstvoeding is zo goed als uw eigen voeding. Daarnaast is het belangrijk dat u zelf in goede conditie blijft tijdens de borstvoedingsperiode. Daar is goede voeding voor nodig.

Hieronder tien tips voor een gezonde voeding tijdens de borstvoedingsperiode.

  1. Drink minimaal 2 ½-3 liter vocht per dag.
    Via de borstvoeding verliest u zo’n 1 liter vocht per dag. U heeft daarom extra drinken nodig. Kies bij voorkeur water, kruidenthee, granenkoffie, groentensap, met water verdund ongezoet troebel vruchtensap en licht gezouten bouillon.
  2. Eet royaal groenten en fruit: minimaal 250-300 gram groenten en 2-3 stuks fruit.
    Groenten en fruit zitten boordevol belangrijke vitamines, mineralen en vezels.
  3. Eet naar behoefte volle granen en graanproducten.
    Volle granen (zilvervliesrijst, haver, gierst, quinoa, gerst) en graanproducten, zoals volkorenbrood, volkorenpasta, volkorencrackers zijn goede energieleveranciers en rijk aan vitamines, mineralen en vezels.
  4. Eet voldoende gezonde vetten en wees matig met ongezonde vetten.

    Omega-3 en 6 spelen een belangrijke rol bij o.a. de ontwikkeling van het afweersysteem, hersenen, zenuwstelsel en ogen van uw baby. Door zelf voldoende omega-3 en 6 rijke producten te eten, krijgt uw baby via de borstvoeding deze vetten naar binnen.

    Rijk aan omega-3 vetzuren zijn vette vis en (koudgeperste) lijnzaad(olie) en walnoten(olie).
    Eet twee keer per week vette vis in de vorm van haring, makreel, sardine en zalm. Vermijd de sterk vervuilde vissoorten: marlijn, tonijn, zwaardvis en haai.

    Rijk aan omega-6 vetzuren zijn noten en zaden, zoals walnoten, amandelen, hazelnoten,  zonnebloempitten en sesamzaad. Gebruik dagelijks ongebrande, ongezouten noten en zaden of de notenpasta (natuurvoedingswinkel) of koudgeperste oliesoorten (natuurwinkel) hiervan.

    Wees matig met verzadigde vetten en mijd transvetten, want ze remmen de gezonde werking van de omega-3 en 6 vetzuren. Ook vergroten ze het risico op welvaartziekten, zoals diabetes, kanker en hart- en vaatziekten bij u en uw baby.
    Rijk aan verzadigd vet zijn vet vlees, volle melkproducten, kaas en vetrijke snacks, zoals koek, gebak, chips en veel frituursnacks.

    Vermijd producten met geharde, gehydrogeneerde vetten, zoals frituurproducten, zoutjes, koek, gebak en luxe broodsoorten (croissants, creamcrackers, krentenbollen e.d.). Geharde vetten zijn plantaardige oliën die in de fabriek op een kunstmatige manier hard en vast zijn gemaakt. Voor meer informatie over vetten zie ook het boek Het Energieherstelplan.
  5. Let op ijzer en zink. Via de bevalling gaat veel bloed en daarmee ijzer verloren. Ook kost het geven van borstvoeding extra ijzer. Gebruik daarom voldoende ijzerrijke producten om bloedarmoede te voorkomen. IJzerrijk zijn volkorenproducten, groene groenten, rood vlees, noten, zaden en peulvruchten. Tijdens de zwangerschap en de borstvoedingsperiode is uw behoefte aan zink verhoogd. Zink is betrokken bij de groei, de bot- en tandvorming, opbouw van het afweersysteem en zenuwstelsel van u en uw baby. Gebruik daarom voldoende zinkrijke producten, zoals volkorenproducten, noten, zaden, mager vlees, vis, ei en peulvruchten.
  6. Overdrijf de hoeveelheid zuivel niet. Met 1-2 boterhammen met kaas en 300 ml vloeibare zuivel (melk, karnemelk, yoghurt, kwark) per dag krijgt u voldoende kalk naar binnen. Neemt u meer, dan kan uw baby eerder overgevoelig worden voor melkproducten. Ook verstoort te veel zuivel de mineraalbalans, waardoor u sneller een tekort aan bijvoorbeeld. ijzer of magnesium krijgt. Vermijd uiteraard zuivelproducten wanneer u of uw baby hier overgevoelig voor bent/is. Vraag dan verdere begeleiding van een natuurdiëtist gespecialiseerd in voedselovergevoeligheid.
  7. Rook niet en gebruik geen alcohol. Wanneer u rookt of alcoholische dranken drinkt, komen er belastende stoffen in de borstvoeding terecht. Deze stoffen kunnen de nog onrijpe lever, hersenen en nieren van uw baby beschadigen.
  8. Beperk het gebruik van cafeïnebevattende producten.Koffie, cola, chocolade en zwarte en groene thee bevatten cafeïne. Cafeïne belast via de borstvoeding de nog onrijpe lever, hersenen en nieren van uw kind. Bovendien kan cafeïne de moedermelkproductie remmen en uw baby onrustig maken.
  9. Wees matig met zoet. Wees matig met zoetmiddelen (suiker, honing, moutstroop, diksap,vruchtensuiker e.d.) en gezoete producten, zoals frisdranken, toetjes, koek en snoep. Te veel zoetigheid verstoort de darmflora, rooft vitamines en mineralen en vergroot het risico op overgewicht en ontregeling van de suikerhuishouding bij uzelf en uw baby.
  10. Kies zo veel mogelijk voor biologische producten.

Uw borstvoeding wordt gemaakt uit wat u eet en drinkt. Hoe beter de kwaliteit van uw voeding hoe beter de kwaliteit van de borstvoeding. Door voor biologische producten te kiezen krijgt u meer voedende stoffen en minder belastende stoffen binnen. Biologische producten bevatten geen kunstmatige toevoegingen en minder bestrijdingsmiddelen. Ze zijn rijker aan diverse bio-actieve stoffen (o.a. resveratrol) en vlees- en melkproducten aan gezonde vetzuren (o.a. omega-3 vetzuren en CLA) dan niet-biologische producten.
Aanvullingen voor de moederHet geven van borstvoeding vraagt om gebruik van een goede voeding. Let daarop extra goed op uw voedselkeuze. Maar ook al eet u gezond, dan krijgt u in ieder geval te weinig vitamine D naar binnen en mogelijk ook nog andere voedingsstoffen. Vitamine D speelt een belangrijke rol bij uw weerstand tegen infecties, spierkracht en bot- en tandconditie.

Uw behoefte is tijdens de borstvoedingsperdiode verhoogd. Voeding en zonlicht leveren te weinig vitamine D om in die behoefte te voorzien. Vul daarom uw voeding aan met een vitamine D3-supplement. De Voedingsraad raadt 400 IE vitamine D per dag aan en wanneer u een sluier draagt 800 IE. Uit diverse onderzoeken komt naar voren, dat deze dosering waarschijnlijk te laag is om bij iedere moeder een optimale bloedspiegel te bereiken.

Eventueel kunt u uw arts vragen om uw vitamine D spiegel te laten bepalen. Een optimale waarde vitamine D is 80 nanomol per liter of hoger. Uw natuurdiëtist kan u verder adviseren bij het gebruik van de juiste dosering vitamine D. Naast vitamine D heeft u mogelijk ook van andere voedingsstoffen extra nodig. Uw behoefte kan verhoogd zijn door bijvoorbeeld stress, milieuverontreinigingen, ziekte en gebruik van medicijnen, cafeïne, suiker en kunstmatige toevoegingen.

De opname kan onvoldoende zijn wanneer u langdurig maag- en darmproblemen of antibiotica heeft gebruikt. In deze situaties kan het zinvol zijn om voedingssupplementen met extra vitamines, mineralen en/of vetzuren naast uw voeding te gebruiken. Vraag hiervoor advies aan een natuurdiëtist.
Tanja Visser, natuurdietist gespecialiseerd in baby- en kindervoeding.

Gezondheid algemeen
Vond u deze informatie nuttig? Lees dan alstublieft de persoonlijke oproep van Marijke de Waal Malefijt, oprichtster van Natuur DiŽtisten Nederland